Vakliteratuur

Harry Edwin Eiss: Young adult literature and culture

door Sylvie Geerts

Harry Edwin Eiss doceert jeugdliteratuur aan de Eastern Michigan University en verzorgde in het verleden met "Images of the Child" (Bowling Green University Popular Press, 1995) en "Children’s Literature and Culture" (Cambridge Scholars Publishing, 2007) al een aantal uitgaven waarin bijdragen van verschillende auteurs over jeugdliteratuur en/of -cultuur bij elkaar worden gebracht. Kenmerkend voor deze werken is dat er een brede waaier aan onderwerpen en benaderingswijzen van het overkoepelende thema in aan bod komt. Een dergelijke ruime kijk op een bepaald onderwerp illustreert de complexiteit en diversiteit van culturele fenomenen als jeugdliteratuur, jeugdcultuur en kindbeelden en van de manieren waarop deze in een kritisch discours kunnen worden benaderd. Dat is ook het geval in de nieuwe publicatie van essays die onlangs bij Cambridge Scholars Publishing verscheen. Onder de titel "Young Adult Literature and Culture" verenigt Eiss immers acht bijdragen over de meest uiteenlopende aspecten van adolescentenliteratuur en –cultuur die bovendien ook sterk variëren wat aanpak, graad van wetenschappelijkheid, lengte en kwaliteit betreft.
Een aantal van de artikels focust op de manier waarop een of meerdere elementen uit de leefwereld van hedendaagse jongeren in jeugdliteratuur zijn opgenomen. Zo speelt in enkele jeugdromans van de Amerikaanse auteur Walter Dean Myers sport een centrale rol. Raymond Schuck onderzoekt in het openingsartikel welk beeld van sport Myers geeft in zijn jeugdromans en welke betekenissen aan dit thema worden toegekend. Vriendschap tussen opgroeiende meisjes is de thematische invalshoek van waaruit Joyce Litton de vierdelige ‘meisjesserie’ "The Sisterhood of the Traveling Pants" (2001, 2003, 2005 en 2007) van Ann Brashares behandelt. En ook in het vijfde essay door Margaret Best en Susann de Vries vormt een aspect uit het leven van jongeren het uitgangspunt. Het Amerikaanse fenomeen van de wetenschapsbeurs ("science fair") waar jongeren binnen de schoolcontext een project voor ontwikkelen, vormt het onderwerp van drie jeugdromans van verschillende auteurs. Dat het uitwerken van een dergelijk project een uitweg biedt voor de protagonisten in een probleemsituatie is een van de vele gelijkenissen die tussen deze drie romans door Best en de Vries aan de oppervlakte worden gebracht. Heel wat verder van de leefwereld van jongvolwassenen staat het onderwerp van Joel Ruddingers jeugdboek, "Sedna Godess of the sea". Ruddinger is auteur en academicus en neemt de lezer in zijn bijdrage mee op zijn “path to Sedna”, waarbij hij naast het ontstaan van zijn fascinatie voor de (verhaal)cultuur van de Inuit, focust op zijn zoektocht naar de beste manier om zoveel mogelijk versies van de mythe te verwerken in een hervertelling. Al even ver van de realistische literatuur besproken door Schuck, Litton, Best en de Vries, staan de bijdragen over science fiction door Harry Edwin Eiss en Sally Sugarman (resp. hoofdstuk vier en zes). Eiss bespreekt de trilogie van Monica Hughes en maakt daarbij gebruik van informatie en getuigenissen van de auteur. Een andere blik op science fictionliteratuur voor jongeren biedt de bevraging van jongeren over het genre waar Sugarman verslag van doet. De twee laatste essays zijn interessant vanuit historisch perspectief. Helbig getuigt over haar initiatieven voor de promotie van jeugdliteratuur toen de wetenschappelijke studie van dit veld nog in haar kinderschoenen stond. De anglocentrische focus van "Young Adult Literature and Culture"  wordt in het laatste essay verlaten. Jerry Loving geeft er een zeer gedetailleerde neerslag van de geschiedenis van het opvoedingssysteem in China.
De meerwaarde die uit het bijeenbrengen van verschillende perspectieven over een bepaald thema te halen valt, kan naast het illustreren van diversiteit, ook liggen in het zoeken naar overeenkomsten en aanknopingspunten tussen de opgenomen artikels. Wat dit betreft, wordt de lezer door Eiss wat aan zijn of haar lot overgelaten. Om te beginnen is literatuur en cultuur van adolescenten een enorm breed thema. Dat maakt dat de lezer automatisch op zoek gaat naar wat de teksten uit de bundel bindt, maar meer aanwijzingen dan de titel worden hieromtrent niet gegeven. De inleiding verklaart niet wat precies onder "Young adult literature and culture"  wordt verstaan of wat de achterliggende motivatie van de editor is geweest om precies deze artikels in een volume samen te brengen. Wat mij betreft, maakt dit dat een deel van het potentieel van dergelijk boek onbenut blijft. Ook binnen de afzonderlijke bijdragen is een gebrek aan focus te merken. Zo laat Rudinger heel wat interessante vragen over het hervertellen van mythologie die in de context van een boek over jeugdliteratuur en –cultuur naar voor komen, onaangeroerd. Ik denk daarbij aan de motivatie en de uitdagingen die het hervertellen van oude verhaalstof uit een andere cultuur voor hedendaagse jongeren met zich mee brengt. Jerry Lovings uiteenzetting over het opvoedingssysteem in China vermeldt dan weer slechts heel sporadisch de rol van jeugdliteratuur binnen dit systeem wat, veel meer dan het feit dat een andere cultuur ter discussie staat, de lezer het gevoel geeft dat dit essay een buitenbeentje vormt binnen het geheel van het boek.
Daarnaast hebben sommige bijdragen ook te lijden onder een gebrek aan kritische stem en/of objectiviteit in hun besprekingen. Zo stel ik mij vragen bij Joyce Littons onverdeeld positieve evaluatie van Brashares’ tetralogie over de vriendschap tussen vier jonge meisjes “who deal with everyday issues that teens face.” Nergens wordt immers gewag gemaakt van het clichématige en stereotiepe karakter van de romans waarin alle problemen relatief eenduidig zijn en worden opgelost. De ideologische implicaties van dergelijk wereldbeeld in literatuur voor jongeren zijn zeker niet zo onproblematisch als Litton laat uitschijnen. Helbig veroordeelt het genre van hedendaagse realistische fictie voor jongeren, meestal probleemboeken, en breekt een lans voor “the good old fashioned realistic adventure or survival-story” (125), maar verwijst daarbij naar geen enkele concrete titel. Een gebrek aan objectiviteit en een tendens tot veralgemenen blijkt ook uit volgende quote van Helbig: “More than half of the books have female protagonists, not a new trend but perhaps unfortunate since …. trash talk, sex scenes, frank mention of birth control, erotic language, and put-down one-liners occur.” (125)
Ten slotte dient ook het slordige uitgeverswerk van de jonge uitgeverij vermeld te worden. Zetfouten duiken zeer regelmatig op (de tweede paragraaf op p. 163 bevat er bijvoorbeeld drie). Nog storender voor een wetenschappelijke uitgave, is het ontbreken van volledige bibliografische verwijzingen in bepaalde essays. Het letterlijk citaat dat Sugarman geeft op p. 111 zonder de bron te vermelden is slechts een voorbeeld.
"Young adult literature and culture" is geen baanbrekend werk waar de lezer zelf kritisch moet bij blijven. Onder die voorwaarde kan het boek interessant zijn als kennismaking met enkele Engelstalige jeugdboeken en met thema’s van onderzoek. Dit laatste kan eigen lectuur van boeken met een gelijkaardig thema verdiepen en op een hoger niveau brengen.

Harry Edwin Eiss: Young adult literature and culture, Cambridge Scholars Press London, 2009, IX, 176 p., £ 34,99, . ISBN 9781443804936

Oorspronkelijk verschenen in De Leeswelp 2009


deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri