Letterkunde

BOEKEN NR. 2, SEPTEMBER 2015

Antoine Compagnon e.a.: Een zomer met Proust

door Jan Baes

Om meer dan een reden zou men de indringendste roman van de twintigste eeuw, A la recherche du temps perdu, een verhaal van Duizend en een nacht kunnen noemen, al was het maar omdat Marcel Proust het werk (ook wel als een monstrum of een gelukkige mislukking gezien) voornamelijk in de nachturen, en dat vele jaren lang, halfliggend en halfzittend in zijn bed heeft uitgeschreven. De op deze wijze uitgedijde romancyclus bevat ettelijke thema’s en verhaallijnen: over verlangen, ontgoocheling, verlies en rouw (Antoine Compagnon), over de verbeelding als het enige orgaan waarmee we van de schoonheid, de liefde en het leven kunnen genieten en de werkelijkheid leren kennen (Julia Kristeva), over het lijden als de onvermijdelijke uitkomst van de liefde (Jean-Yves Tadié), over de gewaarwording - van het willekeurige geheugen (dat van de geest) en het onwillekeurige (dat van het lichaam) - die de introspectie en het zelfbewustzijn aanscherpen (Nicolas Grimaldi), over de pluraliteit van het ik, waardoor we de verteller en de vele personages (een vijfhonderdtal) enkel als flarden van persoonlijkheden zien (Michel Erman), over het onverklaarbare aspect van het schoonheidservaren en de onzichtbare substantie van de tijd, de enige momenten van genade die we kunnen beleven, als in een leven buiten de tijd en buiten het ik (Raphaël Enthoven), over de kunst die, als enige, eenheid, zin en consistentie geeft aan de werkelijkheid en soms zelfs verzoening mogelijk maakt (Adrien Goetz). De impressies van deze keure van Proustkenners (acht in totaal) werden in 2013 voorgelezen in het literaire zomerprogramma van radio France Inter - nu al een traditie na eerdere zomers met Baudelaire en Montaigne. Bedoeling was het Franse publiek (opnieuw) warm te maken voor zijn klassieke auteurs, niet alleen met beschouwingen, maar ook met een persoonlijke (en dus subjectieve) visie (ieder deelnemer schetst zijn eigen portret als lezer van Proust) en door elke commentaar te illustreren met sprekende uittreksels en passende citaten. Niemand kan het immers beter zeggen dan de auteur zelf. Voor deze uitgave werden de uittreksels van een nieuwe en goede vertaling voorzien, met enige aarzeling voor wat de titel van het eerste deel aangaat: De kant van Swann, dat hier Swann’s kant op heet.   Amsterdam : Athenaeum-Polak & Van Gennep, 2015, 215 p. Oorspr. titel: Un éte avec Proust. ISBN 9789025306052

deze pagina printen of opslaan



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri