Poëzie

Frank Martinus Arion: Heimwee en de ruïne

door Dirk De Geest


Met zijn romans en verhalen verwierf Frank Martinus Arion bekendheid als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Antilliaanse literatuur. Hij groeide op in Curaçao, verbleef een tijdlang in Nederland maar keerde uiteindelijk terug naar zijn heimat. Zijn poëzie daarentegen is vrijwel onbekend. Alleen al daarom is het goed dat deze mooie uitgave is verschenen. In tegenstelling tot wat de ondertitel pretendeert gaat het echter niet om de ‘verzamelde gedichten’, maar uitsluitend om het Nederlandstalige segment van het werk van Arion. De bundels die hij heeft geschreven in het Papiamento zijn niet opgenomen. Vrijwel alle gedichten dateren uit de periode voor het midden van de jaren zeventig, ondertussen enkele decennia geleden. In die periode publiceerde Arion twee dichtbundels in het Nederlands, die de kern van dit boek vormen: Stemmen uit Afrika (1957) en In de wolken (1970). Daarrond is een aantal niet eerder gebundelde teksten opgenomen. Daarmee wordt alleszins literair-historisch recht gedaan aan Arions politieke en existentiële engagement. Nog voor er sprake was van een ‘postkoloniale’ literatuur als zodanig biedt hij in Stemmen uit Afrika een scherpe kritiek op de westerse hegemonie. Opmerkelijk daarbij is wel dat hij het standpunt inneemt van de ‘zwarte’ bevolking zelf. Het westen krijgt daardoor slechts met mondjesmaat toegang tot de autochtone cultuur. Het wordt voorgesteld als een vreemde ruimte van gebouwen waaraan elke eenzaamheid ontbreekt en die dus de (zwarte) mens vervreemdt. Tegelijk valt op hoezeer Arion zelf ook het ‘exotisme’ belichaamt. Zijn schets van de zwarte (steevast ‘de neger’ genoemd) focust bijvoorbeeld op primitivisme en vitaliteit, clichés die ook in de westerse beeldvorming van die tijd domineren. Belangrijk is daarom vooral de ‘stem’ die aan de zwarte bevolking wordt gegeven. De ‘neger’ is bij hem zoekend, iemand die de vanzelfsprekendheid van zijn bestaan is verloren. Daarbij wordt vaak gebruik gemaakt van (typische westerse) verwijzingen naar de religie. De symboliek van de lijdende Christus is niet veraf, en enkele gedichten zijn zelfs expliciet kritische bewerkingen van negro-spirituals. Euforische momentopnamen worden zo afgewisseld met gedichten waarin een temporeel gevoel van verlies en ondergang overweegt. De anticipatie op een nieuw paradijs in de toekomst, bijvoorbeeld via de visioenen van een Laatste Oordeel, worden echter nogal schamper onthaald: ‘eens – maar eens is ver / en eens is lang geleden’, luidt het een paar maal.
De bundel In de wolken herneemt dezelfde fundamenteel melancholische thematiek, maar het decor is verschillend. Ditmaal gaat het om een aantal fragmenten waarin een vliegreis wordt opgeroepen. Het ‘onderweg’ zijn staat tegelijk voor verleden en toekomst, voor hier en daar, voor beweging en stilstand… Wat in de eerste bundel nadrukkelijk wordt toegespitst op de ‘zwarte’ situatie, krijgt hier een universele dimensie. De aanklacht wordt implicieter, maar daarom niet minder overtuigend: ironie en pathetiek krijgen hier een sterke rol toebedeeld.
Dat geldt in feite ook voor de gedichten die deze twee bundels omringen. Hier gaat de dichter vaak veel rechtstreekser en bewust retorischer te werk. De aanklacht wordt onomwonden verwoord, het engagement is veel meer de drijfveer voor de poëzie: het gedicht is niet enkel een (literair) doel maar ook een middel in een politieke en filosofische strijd. Sommige gedichten zijn werkelijk overweldigend, maar andere blijven steken in ideeën, doordat de lyrische kracht slechts op de achtergrond gebruikt wordt.
De titel van deze verzamelbundel, Heimwee en de Ruïne, lijkt een halve eeuw na dato zowat het failliet van dat programma te verwoorden. Tegelijk is uiteraard een groot deel van de dromen die de jonge dichter Arion vertolkte op zijn minst voor een publiek deel gerealiseerd. Anderzijds laat deze bundeling ook wel zien hoe ook in oorsprong deze gedichten gebaseerd zijn op dromen en illusies, op een heimwee naar een soort van ideale oertijd (het woord ‘oer’ valt trouwens geregeld) die in feite enkel mythische allures heeft. In die zin is het allicht geen toeval dat de schrijver voor het gros van zijn activiteiten romans is gaan schrijven: daarin neemt het verhaal een dynamischer karakter aan, terwijl het archetypische (dat veel gedichten kenmerkt) wordt getransponeerd naar een veel concreter, realistischer en daardoor ook intenser en complexer niveau. Tegelijk bevat dit boek zoveel prachtige teksten dat het ook de lezer van vandaag niet onverschillig kan laten.


Frank Martinus Arion, Heimwee en de ruïne, De Bezige Bij Amsterdam, 2013, 189 p., € 24,9. ISBN 9789023482932. Distributie: WPG Uitgevers

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2013

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2019

Alle verhalen

Hugo Claus

Dagboek van een dief

Jean Genet

De menselijke maat

Roberto Camurri

Grote verwachtingen. In Europa 1999-2019

Geert Mak

Vaderliefde

P.F. Thomése

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 11, DECEMBER 2019

Dromers

Bibi Dumon Tak, Charlotte Dumas (fotogr.)

Het geheime bondgenootschap

Philip Pullman

Het werkstuk, of Hoe ik verdween in de jungle

Simon Van der Geest en Karst-Janneke Rogaar (ill.)

Oef wat een geluk!

Ghislaine Roman, Tom Schamp (ill.)

Verloren woorden. Een betoverboek

Robert Macfarlane, Jackie Morris (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri