Vertaald proza

Adèle D'Osmond: Verhalen van een tante

door Jan Baes

De enige kwaliteit die er echt toe deed aan het hof van Versailles was esprit. Als voorbeeld wordt geciteerd uit een brief van de zeer spirituele echtgenote van Mijnheer de Maugiron: 'Ik schrijf je omdat ik niets te doen heb en sluit af omdat ik niets te vertellen heb', getekend: 'Sassenage van Maugiron, zeer triest het te zijn.'
Om meerdere redenen staat dit vileine kattebelletje symbool voor het dwaze leven aan het hof en de lichtzinnige wijze waarop hovelingen met elkaar omgingen. Het is een van de talrijke anekdotes uit de Mémoires de la Comtesse de Boigne née d'Osmond, die pas aan het begin van de twintigste eeuw zouden worden uitgegeven onder de oorspronkelijke titel Récits d'une tante. Het was immers niet bedoeld voor publicatie en louter ter lering voor haar enige neef Rainulphe op schrift gesteld.
Adèle d'Osmond (1781-1866) wist waarover ze sprak. 'Letterlijk opgegroeid op schoot van de Koninklijke familie' heeft ze Versailles met al zijn wispelturige kuren van op de eerste rij meegemaakt. Eerst in de inner circle van Lodewijk XVI, later in die van burgerkoning Lodewijk Filips I. Haar verslag van het roddelcircuit, de intriges, de maatschappelijke naijver, die maakten dat de politieke werkelijkheid grotendeels aan het hofleven voorbij leek te gaan, is onbevangen, onopgesmukt, direct, geestig en soms ook keihard onder woorden gebracht. De bloemlezing die Privé-domein, in de uitstekende vertaling van Willem Derks, uit deze herinneringen heeft gemaakt, beslaat ruim een halve eeuw. Haar jeugd aan het hof van Versailles, als ooggetuige van de revolutie en de pijnlijke eindstrijd van de monarchie; het leven in de emigratie; haar (moeilijke) huwelijk en terugkeer naar Parijs onder het keizerrijk; de nederlaag van Napoleon en de talrijke tribulaties tijdens de restauratie: ze bevatten wat men een eerste deel kan noemen. In de keuze die de vertaler heeft gemaakt, volgt dan het persoonlijke en bijzonder levendige relaas van de revolutie van 1830, het enige dat geschreven werd vooraleer ze aan haar Mémoires zou beginnen. Het betreft met name de woelige week van 26 juli (sindsdien spottend les trois glorieuses genoemd), die tot het aftreden van de Karel X op 2 augustus zou leiden, kort daarop gevolgd door het aantreden van Lodewijk Filips I (van Orléans) op 9 augustus. In die periode heeft Adèle met haar salon nog altijd grote invloed, wat blijkt uit de rol die ze kan spelen omdat ze bijna alle betrokkenen persoonlijk kent. Opvallend in haar verslag is overigens haar waardering en zelfs bewondering voor de houding van het Parijse volk, dat waardig verzet pleegde tegen de absolutistische besluiten van Karel X.
Ongestructureerd zoals herinneringen zijn, maar bijzonder levendig verteld door een lucide en onafhankelijke geest die meermaals duidelijk maakt dat zij als vrouw nooit slachtoffer is geweest, hoe weinig ze ook openlijk in verzet kwam tegen de zeden en gewoonten van haar tijd. Haar beschrijving van het Londense emigrantenmilieu waar zij na de revolutie met haar ouders terecht kwam, getuigt van een feilloos observatievermogen, net zoals de talrijke portretten die ze van haar tijdgenoten schetst. Lodewijk XIV en Marie Antoinette om te beginnen, later ook van Lady Hamilton, Napoleon, mevrouw Récamur en haar geliefde Chateaubriand, Madame de Staël en Benjamin Constant. Ze getuigen van veel inzicht in de menselijke psyche maar blijven, hoe kritisch ook, altijd begripvol.
Door de veelheid van personen die in haar boek optreden, dreigt men wel eens de draad kwijt te raken — een korte plaatsing van de bijzonderste personages zou een lezing zeker vergemakkelijken — maar dat belet niet dat we hier als in een stilistisch spervuur een historisch tijdperk tot leven zien komen dat in zijn algemeenheid wel eens dichter bij de werkelijkheid van zijn tijd komt dan veel wetenschappelijke studies of historische romans. En wel omdat ze, zoals ze zelf beweert 'niet erg in absolute onpartijdigheid' kan geloven, 'maar ik denk dat je wel een absolute oprechtheid kunt nastreven: men is 'waar' als men zegt wat men oprecht gelooft'.

Adèle D'Osmond, Verhalen van een tante, De Arbeiderspers Utrecht, 2014, 399 p., € 25. ISBN 9789029589055. Vert. van: Récits d'une tante. Mémoires de la Comtesse de Boigne née d'Osmond door Willem Derks. Distributie: WPG Uitgevers

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf cop. 2014

deze pagina printen of opslaan



ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri