Nederlands proza

Piet De Moor: Lettergrepen

door Freek Adriaens

Reporter Piet de Moor rijgt in Lettergrepen scherpzinnige bedenkingen, persoonlijke bekentenissen en blijken van zijn grote belezenheid aaneen, op dezelfde manier als hij deed in het vol lof onthaalde Grimmig heden (2007). De notities beslaan nooit meer dan een bladzijde, vaak zijn ze zelfs maar een paar regels lang. Ze zijn een verslag van de Moors ontmoetingen met Imre Kertész, Ismail Kadare en Sebastian Haffner, bulken van de verwijzingen naar de groten van de Russische literatuur, de Ilias en Don Quichote, of geven een zeer gefragmenteerde inkijk op De Moors gevoelsleven, waarin vooral zijn ontworteldheid hem parten speelt. Zijn persoonlijke ruimte wordt afgebakend door Oost-Europese hoofdsteden als Boedapest en Berlijn aan het ene uiterste, de kant die hem duidelijk heimwee bezorgt, en de Vlaamse gemeente L. aan het andere, ‘dat onmogelijke dorp, in die straat met die onmogelijke naam die ik niet kan uitspreken zonder in een depressie te vervallen.’ De Moor weet spontane gedachtesprongen tussen citaten in te kleden als verbluffende verbanden en legt tegelijkertijd even graag de poëzie van banale bezigheden bloot. Hij vindt de ontknoping van Hans Keilsons Komedie in mineur terug in een Berlijns oorlogsdagboek, maar deelt ons even graag mee dat hij soms gaat wandelen zonder dat er iets gebeurt. ‘Dan schrijf ik op wat me niet overkomt.’ Hij waagt zich af en toe aan aforismen, zoals ‘Een goede reden om geen zelfmoord te plegen is de onverdraaglijke gedachte dat mensen die je niet kunt uitstaan op je begrafenis hun krokodillentranen komen storten’. Maar midden in het gemijmer lijkt de schrijver wel eens tot rust te komen, bijvoorbeeld op een mooie namiddag, terwijl het buiten regent en hij zich ‘van de invallende duisternis afgewend’ heeft: ‘Er is niets dat me opjaagt, niets waarnaar ik verlang, het moment wordt geen ogenblik vertroebeld door het idee dat ik iets mis of dat er in de wereld iets gebeurt waaraan ik deel zou moeten hebben.’ De Moor heeft een soort web gesponnen waarin hij de aandacht van de lezer voor zijn veelzijdige interesses heeft weten te strikken, zoals de geschiedenis van Berlijn, beschouwingen over het schrijverschap, de Oost-Europese literatuur van voor en na de Tweede Wereldoorlog, Franz Kafka, de Holocaust en Duitsland in de jaren dertig. Het is intrigerend hoe doeltreffend De Moor ons zijn hoogst eigenzinnige en zeer intellectuele invalshoek op actualiteit, historische achtergronden en daaraan verbonden literaire persoonlijkheden weet weer te geven, en tegelijkertijd zijn ‘anders-zijn’ op de voorgrond zet zonder als ondraaglijk pedant over te komen. Hij deelt inzichten mee zonder ze te willen opdringen en doet dat in zo’n gebald proza dat je ze maar al te graag tot de jouwe wil maken. Vergelijkingen met Pessoa’s Boek der rusteloosheid liggen voor de hand, vooral omdat De Moor zelf ook toegeeft altijd maar meer ‘pessoaïstischer’ te worden. Dat dit werk daarom een buitenbeentje is in de recente Vlaamse literatuur, doet geen afbreuk aan het feit dat het er een belangrijke plaats in verdient — al zal de Moor zelf waarschijnlijk liever aan de zijlijn blijven staan mijmeren.


Piet De Moor, Lettergrepen, Van Gennep Amsterdam, 2013, 157 p., € 19,9. ISBN 9789461642578. Distributie: Van Halewyck

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2013

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, OKTOBER 2017

Couperus in de Oriënt

José Buschman

De buurjongen

Jan Siebelink

Het verkoolde alfabet

Paul de Wispelaere

The night

Rodrigo Blanco Calderón

Werk werk werk

Christophe Van Gerrewey

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, OKTOBER 2017

Een nacht op het strand

Elena Ferrante, Mara Cerri (ill.)

Het bos slaapt

Rébecca Dautremer

Optimisme is dodelijk

Susin Nielsen

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri