Nederlands proza

Onno Wesseling: De eeuw van Carlos Moreno Amador

door Hugo Van Hoecke

In een soort ode aan de tango knoopt de auteur een handvol levens aan elkaar met deze befaamde Argentijnse dans als bindmiddel. Het verhaal vangt aan wanneer op het einde van de negentiende eeuw de jonge Antonio Moreno de armoede in Italië ontvlucht op zoek naar een beter leven in Buenos Aires. Daar werkt hij zich op als danser en dat biedt hem de kans om het hart van Ana, een verstarde vrouw met een beladen verleden, te ontdooien. Uit hun huwelijk wordt Carlos geboren, maar tegelijk sterft Ana in het kraambed. Carlos vinden we in het tweede deel als jongeman terug in Parijs, in de aanloop naar en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zijn vader mocht hem al gewaarschuwd hebben dat de tango afgrijselijk verdriet brengt ('het is ellende die twee mensen tussen hun lichamen ingeklemd gevangen houden, tot het ze vroeger of later zal vernietigen'), toch kan de jongeman de wekroep van het bloed niet negeren. De tango wordt voor hem een soort toegangspoort tot het leven maar geldt tegelijk, zoals voor zijn vader, als metafoor voor de pijn en het lijden die daarmee gepaard gaan. Hoe deze saga finaal afloopt in de derde generatie, vernemen we ten dele van de vriend des huizes Armand de Blanchefort — die een sleutelrol speelt in het geheel — en van de jongste familietelg, Jaime, die erin slaagt de losse eindjes aan elkaar te knopen.
De sterkte van deze bepaald aangename roman ligt in de verfijnde constructie. Met name werd het verhaal dat drie generaties omspant op een wel erg schrandere manier in elkaar geknutseld. Even kort toelichten. De laatste telg in het rijtje, Jaime, krijgt drie mappen ter lezing aangeboden die elk één levensloop uit het familieverleden aanbrengen en die, aaneengekoppeld, zogoed als alle elementen bevatten om de vrij onverwachte ontknoping in te leiden. Schrijft stamvader Antonio nog zijn eigen levensverhaal, dan is het Carlos’ wederhelft Miguela, die ook al tragisch aan haar einde komt — tijdens de jodenvervolging in de oorlog — die het verhaal doet van de tweede generatie; de genoemde vriend des huizes rapporteert van buitenaf de derde episode. Het lezen van de drie getuigenissen, naast een aantal gestuurde toevalligheden, laten Jaime uiteindelijk toe zichzelf in ‘de eeuw van Carlos’ te positioneren.
En daar loopt continu, als een rode draad, de dramatisch beladen tango door; ‘dans van verleiding’ weliswaar, maar meer nog de spiegel van pijn, liefde, verval, en van de wonden die het leven in de ziel gemaakt heeft — gestuurd door blind onheil, oorlog of ontwrichtende liefde.
Wesseling had met dit verrassend opgebouwd verhaal duidelijk de bedoeling om zijn verknochtheid aan de tango te ventileren, maar dat maakt het daarom niet minder aansprekend. Het is bovendien geschreven met een vlotte vaart en houdt ononderbroken de aandacht vast, ook al konden de figuren wel wat meer diepgang vertonen, wordt de waarschijnlijkheid af en toe geweld aangedaan, en zijn de dialoogsecties niet je dàt. Maar als geheel mag deze onderhoudende roman er best zijn.

Onno Wesseling, De eeuw van Carlos Moreno Amador, De Geus Breda, 2013, 381 p., € 19,95. ISBN 9789044528213

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2013

deze pagina printen of opslaan



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri