volw. non-fictie

Mireille Geus: Zo schrijf je een kinderboek

door Kyra Fastenau

Wie ervan droomt zelf een kinderboek te schrijven, vind in deze gids van Mireille Geus een handige leidraad. In vier delen en twintig vragen gaat ze in op de belangrijkste onderdelen van het schrijfproces. Deel één behandelt het brainstormen en de bouwstenen die nodig zijn voor een succesvol verhaal: het onderwerp, het genre, de protagonist en andere figuren... In deel twee komt het uitwerken van die ideeën aan bod: de verhaallijn(en), de karakterontwikkeling van de personages... Deel drie is geheel gewijd aan de ontknoping en pas in deel vier komt het schrijven zelf aan bod.
Daarmee hanteert Geus een theorie die in veel schrijfhandleidingen naar voren komt, namelijk dat je het verhaal eerst tot in detail moet uitdenken, vooraleer je proza begint te schrijven. Het aardige is wel dat ze deze (en andere adviezen) zelf tegenspreekt in aparte kadertjes getiteld ‘ja, maar..?’, waarmee ze aangeeft dat er geen gouden regel is voor het schrijven van een succesvol boek. Opvallend genoeg draagt ze daarbij steeds auteurs van volwassenenromans aan als voorbeeld (Herman Koch, Oek de Jong). Dit roept de vraag op of een kinderboek wellicht meer baat heeft bij een goed uitgedachte structuur.
Geus doorspekt haar tekst met voorbeelden uit bekende kinderboeken van vroeger en nu, van peuterboeken tot young adult-romans. Jammer is wel dat ze deze citaten niet voorziet van een analyse: zo geeft ze bij elk genre een voorbeeld, maar gaat ze niet in op de technieken die de auteur in kwestie gebruikt, of waarom het ene genre verschilt van het andere. De zelfverzonnen voorbeelden, die de aanzet vormen tot een verhaal, zijn in dat opzicht succesvoller, omdat de lezer stap voor stap kan volgen hoe het schrijfproces in zijn werk gaat. Wat eveneens goed werkt, zijn haar metaforen. Ze vergelijkt de schrijver met een architect of een kok, dit leest prettig weg en maakt haar betoog tastbaar. Ook vormtechnisch heeft het boek een duidelijke structuur, met terugkerende titels (‘aan de slag’) en kadertjes met extra informatie, bijvoorbeeld over plot-driven en character-driven verhalen.
Het geheel bevat een nuttige biografie, waarbij de secundaire titels voorzien zijn van een korte omschrijving. Al met al is het een helder boekje, dat vooral aanspreekt door de positieve toon: Geus denkt niet elitair en staat duidelijk open voor andere visies. Tot slot nog een detailopmerking: de schrijfster van de sciencefictionroman Matched heet Allie Condie, niet Ally Condl. Foei voor de onoplettende redacteur, die deze fout zowel in de tekst als de biografie over het hoofd zag.


Mireille Geus, Zo schrijf je een kinderboek, Atlas Contact Amsterdam, 2013, 125 p., € 14,95. ISBN 9789045705927. Distributie: Veen Bosch en Keuning

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2013

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2020

Brieven in de nacht

Hoda Barakat

De onvolmaakten

Ewoud Kieft

De poort

Natsume Sōseki

Het verschroeide land

Emiliano Monge

Ieder zijn eigen meer

Nenad Joldeski

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2020

Dick Bruna

Bruce Ingman, Ramona Reihill

Het boek van Jongen

Catherine Gilbert Murdock, Ian Schoenherr (ill.)

Ik heet Reinier en ons huis is afgebrand

Joke van Leeuwen

Offerkind

Rob Ruggenberg

Vogel Vliegop

Julia Donaldson, Catherine Rayner (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri