Nederlands proza

Maarten Asscher: Appels en peren

door Erik de Smedt

Elke vergelijking loopt mank, en toch levert vergelijken inzichten op die je op geen andere wijze kunt bereiken. Deze gedachte is de rode draad in beschouwingen over uiteenlopende onderwerpen die Maarten Asscher in deze bundel heeft bijeengebracht. Het uitgangspunt kan een schijnbaar detail zijn: de ironisch lovende woorden ‘dat ik hier steeds met de meest genereuze zachtheid ben behandeld’ van de negentiende-eeuwse Italiaanse anti-Oostenrijkse liberaal Silvo Pellico, toen hij in strenge gevangenschap moest, en de afscheidsverklaring die Sigmund Freud schreef toen hij na de Anschluss in 1938 Oostenrijk moest verlaten: ‘Ik kan iedereen de Gestapo van harte aanbevelen.’ Asscher knoopt er inductief beschouwingen aan vast over de legitimiteit van historische vergelijkingen, juist ondanks de verschillen die hij niet ontkent. Zo kunnen vergelijkingen met vroeger de blik voor wat er nu gebeurt scherpen. Zelfs als ze simplificeren, zijn ze een effectvol ‘instrument tot analyse, debat en beter begrip’. In de volgende stukken over geschiedenis, literatuur en kunst probeert de auteur met een ‘stereoscopische’ blik te kijken, in de hoop dat ‘de gehanteerde vergelijking (het verschil, de parallellie, de nevenschikking) voor diepgang zorgt, voor perspectief op een verder gelegen inzicht’.
Dat doet hij bijvoorbeeld door Kees Fens’ totaal afwijzende reactie op Predrag Matvejevics literair encyclopedische, grillige boek over de Middellandse Zee (waar hijzelf heel enthousiast over is) te proberen verklaren. Of door twee manieren van jurist te zijn tijdens en na de Tweede Wereldoorlog (de moedige Leidse hoogleraar R.P. Cleveringa en de rechter bij het nazi-Volksgerichtshof Roland Freisler) tegenover elkaar te zetten — een prachtig stuk over daadkracht op het juiste moment en over ‘heldenmoed in burger’. Asscher vergelijkt de zonen Hamlet en Telemachus; die laatste karakteriseert hij als ‘misschien zelfs wel de eerste romanfiguur uit de wereldliteratuur die binnen één boek een ware karakterontwikkeling doormaakt’. Hij schrijft geestig over Napoleon en zichzelf, die gemeen hebben dat ze slechts ‘voorbijgangers’ waren in het stadje Alkmaar, en over Heinrich Schliemann en de aan het archeologische denkmodel schatplichtige Sigmund Freud. Boeiend zijn ook de stukken over schrijven in een gevangeniscel en een werkkamer (al is het jammer dat de auteur hier Philippe Claudels Le Bruit des trousseaux niet bij heeft betrokken), over generalisten en specialisten in de kunstgeschiedenis, over de parallel tussen de kunstambtenarij en de literaire uitgeverij.
Verder vergelijkt Asscher de wijze waarop een thema (onder meer de Joodse identiteit, blank en zwart zijn, het sterven, de Shoah, het huwelijk) door verschillende auteurs wordt behandeld en gaat hij in op belangrijke keerpunten in een schrijversleven, in casu dat van Oscar Wilde en Marcel Proust. De band met het overkoepelende gegeven is erg los in enkele beschouwingen die bij het bundelen mee zijn opgenomen: Arthur van Schendels Het fregatschip Johanna Maria als ideeënroman, een bespreking van Het uur van de rebellen van Lieve Joris, en in weinig overtuigende stukken over de Cahiers van Paul Valéry als antiroman en over Rudy Kousbroeks fotosyntheses. Een constante in deze bundel vormen de heldere, zelfs didactische opbouw van de beschouwingen en de soepele, elegante schrijfstijl.


Maarten Asscher, Appels en peren, Augustus Amsterdam, 2013, 223 p., € 19,95. ISBN 9789045025223. Distributie: Veen Bosch en Keuning

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2013

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2019

Alle verhalen

Hugo Claus

Dagboek van een dief

Jean Genet

De menselijke maat

Roberto Camurri

Grote verwachtingen. In Europa 1999-2019

Geert Mak

Vaderliefde

P.F. Thomése

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 11, DECEMBER 2019

Dromers

Bibi Dumon Tak, Charlotte Dumas (fotogr.)

Het geheime bondgenootschap

Philip Pullman

Het werkstuk, of Hoe ik verdween in de jungle

Simon Van der Geest en Karst-Janneke Rogaar (ill.)

Oef wat een geluk!

Ghislaine Roman, Tom Schamp (ill.)

Verloren woorden. Een betoverboek

Robert Macfarlane, Jackie Morris (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri