Vertaald proza

BOEKEN NR. 12, NOVEMBER 2016

Wiesław Myśliwski: De laatste hand

door Katja Feremans

Van de in Polen meermaals gelauwerde schrijver Wiesław Myśliwski (1932) verschenen bij ons eerder al de romans Over het doppen van bonen (2009) en Steen op steen (2012). Met De laatste hand heeft de Pool opnieuw een grootse mozaïek van een leven geschreven. De naamloze verteller, een zakenman van middelbare leeftijd en een bedreven pokerspeler, is door zijn terughoudendheid om zich te binden eerder een eenling. Toch barst zijn adresboek uit zijn voegen. Keer op keer neemt hij zich voor om erin te snoeien, maar steevast verdwaalt hij daarbij, nu eens omdat de namen geen beelden meer oproepen, dan weer omdat ze de deuren naar het verleden wagenwijd openzetten.

In zijn herinneringen treedt Maria vaak op de voorgrond. Haar adres heeft hij echter nooit genoteerd, want dat kent hij sinds hun jeugd van buiten. In hun jonge jaren leek het wat tussen hen te gaan worden, maar zelfs aan haar durfde hij zich niet te hechten. Zij is hem blijven schrijven. Ze deelt ditjes en datjes met hem over haar leven als kinderarts en over haar gezin, maar bovenal vertrouwt ze hem haar diepste zielenroerselen toe. Dat haar liefde voor hem maar niet wil doven, bijvoorbeeld, en dat het schrijven van de brieven haar op de been houdt, ook al heeft hij er geen enkele van beantwoord.

Opvallend is de onthechte betrokkenheid waarmee hij blijft tasten naar de diepere redenen waarom hij niet ingaat op Maria’s hartverscheurende brieven. Dit verlangen om dichter bij de kern te komen van wie hij is, ligt mee aan de basis van zijn verbetenheid om de gedurende vele jaren vergaarde namen en contactgegevens uit te kammen. Zonder dat adresboek, overlegt hij met zichzelf, ‘zou het leven zich anoniem in jou als wel in anderen hebben afgespeeld, uitsluitend wat resten, bezinksels, toxines en dergelijke achterlatend. Dat adresboek weet meer over jouw leven dan jij over hem’. En zodoende hoopt hij erin te ontdekken wat zijn lot is, want ‘alleen het lot geeft het menselijk bestaan gestalte, alleen het lot bevestigt ons’.

Al grasduinend dwaalt hij dikwijls af naar zijn moeder. Verder laat hij zich graag terugvoeren naar zijn tijd als leerling in het kleermakersatelier van Radzikowski, al hield hij het er niet lang vol. Het tornen van kledingstukken, zijn belangrijkste bezigheid als beginneling, stond te ver af van zijn tot kort daarvoor nog gekoesterde droom om kunstschilder te worden. Toch komen er hem veel verhalen voor de geest die in het atelier van de meester-kleermaker werden verteld. Het pure, langzaam vorderende handwerk van de ambachtslui rijmt perfect met Wiesław Myśliwski’s trage, doordringende proza. In zijn meanderende zinnen klinkt ook de mondelinge vertelcultuur in al zijn edele eenvoud nog door. De toon is melancholisch, op het sombere af, maar tragikomische details voegen op tijd en stond een luchtige noot toe. Zowel door de sfeer als de insteek is De laatste hand een bijzonder staaltje van herinneringskunst.
 
Amsterdam :  Querido 2016, 540 p. Vert. van Ostatnie rozdanie door Karol Lesman. ISBN 9789021457826
 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2020

Brieven in de nacht

Hoda Barakat

De onvolmaakten

Ewoud Kieft

De poort

Natsume Sōseki

Het verschroeide land

Emiliano Monge

Ieder zijn eigen meer

Nenad Joldeski

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2020

Dick Bruna

Bruce Ingman, Ramona Reihill

Het boek van Jongen

Catherine Gilbert Murdock, Ian Schoenherr (ill.)

Ik heet Reinier en ons huis is afgebrand

Joke van Leeuwen

Offerkind

Rob Ruggenberg

Vogel Vliegop

Julia Donaldson, Catherine Rayner (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri