Nederlands proza

BOEKEN NR. 12, NOVEMBER 2016

Jente Pösthuma: Mensen zonder uitstraling

door Lisanne Vroomen

Minimalisme is het woord om Mensen zonder uitstraling van Jente Posthuma te karakteriseren. Met een levensbeschrijving van de hoofdpersoon van kind tot dertiger in 172 bladzijden bevat het boek geen woord te veel. Heden en verleden lopen door elkaar. De lezer verneemt veel over de jeugd van de hoofdpersoon en loopt met zevenmijlslaarzen door haar leven als twintiger en dertiger. De moeder van de hoofdpersoon, een actrice, overlijdt jong aan kanker. Ze is degene die aan de hoofdpersoon vertelt dat mensen zonder uitstraling verschrikkelijke mensen zijn. De ik blijft na haar dood achter met haar vader, een psychiater die zijn dochter behandelt als een patiënt en zelf handelt als een patiënt.   
Stuurloos stapt de ik het volwassen leven in: na een mislukte schrijverscarrière begint voor haar een uitzichtloos studentenleven. Ze heeft weinig sociale contacten en de gedachte aan zelfmoord komt bij haar op. Doodgaan is echter niet wat ze wil: ze is vooral bang om niet te leven. Deze angst om niet te leven, vertaalt zich later in een angst om geen kind te krijgen:  
 
‘Ik zei dat ik bang was om niet te leven, om altijd maar aan de zijlijn te staan. Sinds kort besef ik dat ik niet zozeer een kind wil hebben, zei ik, als wel dat ik niet geen kind wil hebben of geen kind wil hebben gehad.’
 
Het dilemma van de hoofdpersoon is het dilemma van het moderne leven: een leven waarin men alle vrijheid heeft, een leven dat men volledig zelf vorm kan geven. Dit leidt tot een leven waarin je zaken doet, niet omdat je ze wil doen, maar uit angst om een leeg bestaan, angst om iets te missen. Invulling voor haar leven vindt ze uiteindelijk bij haar man Arthur en hun zoontje Bob.
 
Al met al komt nogal wat kijken in het bestek van 172 bladzijden. De dood van de moeder van de hoofdpersoon, de onhandige omgang van de vader met haar, gevolgd door haar pogingen om het leven vorm te geven. Dan heb ik het nog niet gehad over de breuk tussen de moeder en haar ouders, en de obsessie die de hoofdpersoon heeft met geluiden en waarvoor zij in therapie is. Het boek is hierdoor ontzettend vol. Door de snelheid van het verhaal hebben de personages weinig persoonlijkheid. Ze zijn slechts poppetjes in het leven van de ik. Ze komen niet tot leven, maar zijn constanten die de variabele ik beïnvloeden. 

Mooi zijn de korte en rake observaties, zoals:
 
‘Onprettige gevoelens slikte hij gewoon weg. Soms hoorde ik hem het doen. Als ik een pijnlijk onderwerp aansneed viel hij stil, haalde diep adem, slikte en begon dan over iets anders.’
 
Of:
 
‘De hond lag al dagen in de buurt van een strand, bij een berg vuil. Met een stuk hout had Arthur hem hard op zijn hoofd geslagen. ‘Ik moest wel,’ zei hij, ‘niemand deed iets.’ Ik bedacht dat hij een goeie vader zou zijn.’
 
Mensen zonder uitstraling is zeker een interessant boek van een debutante die als het ware met enkele pennenstreken een leven weet neer te zetten. Hoewel het verhaal sterk geconstrueerd overkomt, tekent Posthuma wel een doordringend beeld van een vrouw die ondanks eigenaardigheden en tegenslagen wat van haar leven probeert te maken.

Amsterdam : Atlas/Contact 2016, 172 p. ISBN: 9789025444143 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri