Nederlands proza

BOEKEN NR. 2, FEBRUARI 2017

Herman Koch: De greppel

door Wim Naeyaert

Koch kennen we van hilarische sketches van het absurde Jiskefet, waardoor auteur dezes zoveel jaar na datum nog geregeld uitbreekt in een resem citaten die anderen de wenkbrauwen doet optrekken. Dat is de schrijver Koch misschien nog beter gelukt met zijn bestsellers die ook internationaal hoge ogen gooien. Met Het diner (2009) lijkt Koch zijn succesrecept meteen gevonden te hebben. Nee, geen zoveelste kookboek om de top 10 aan te voeren maar een roman vanuit het perspectief van een vooraanstaand figuur. Eerst Serge, een belangrijk politicus, in Zomerhuis met zwembad (2011) de arts Marc, daarna de schrijver M. in Geachte heer M. (2014) en nu is het de beurt aan Robert.   
‘Ik werd een undercoveragent in mijn eigen huis. Van achter de krant bestudeerde ik mijn vrouw. Ik liet mijn ogen over de artikelen glijden, ik las niets, ik lette er allen op dat ik zo nu en dan de pagina’s omsloeg. In een zo natuurlijk mogelijk ritme.’
 
Robert Walter verdenkt zijn buitenlandse vrouw Sylvia namelijk van overspel en dan nog met de afschuwelijke, want gluiperige en zwakke, wethouder Maarten van Hoogstraten. Als burgemeester van Amsterdam is Robert een overal graag geziene en charismatisch man. Vol zelfvertrouwen, gelijkend op die van de hoofdpersonages uit Kochs vorige boeken, fileert hij de huidige politiek en plaatst zich moeiteloos bovenaan. Om van een echte Koch te spreken mis je nog twee ingrediënten: de aanhoudende spanningsboog en zijn typische humor. De spanningsboog mag door het gevreesde overspel al duidelijk blijken maar ook het steeds slim uitgestelde antwoord draagt daar toe bij. Andere grote thema’s zoals zelfdoding, liefde, macht en cultuurverschillen worden ook aangeraakt zonder al te uitleggerig te worden. Wanneer Robert aan zijn vrouw het plan van zijn ouders om samen de dood in te gaan toevertrouwt, reageert ze met onbegrip:
 
‘Wat is dat toch met jullie?’ vroeg ze, en ik wist dat zij met ‘jullie’, zoals wel vaker, ‘de Nederlanders’ bedoelde. ‘Waarom laten jullie het leven niet gewoon op zijn beloop? Waarom moet alles vanaf de wieg tot het graf geregeld worden? Ik begrijp dat gewoon niet, echt niet, jullie zijn totaal los van de werkelijkheid geraakt.’
 
Toch blijft het boek vertrouwelijk licht door de hersenspinsels van het hoofdpersonage. De humor is niet te vinden in dijenkletsers maar in het spel met het herkenbare karikaturale. Een debat over windmolens waarbij het Robert haast lukt om de lezer te overtuigen van de doorwegende nadelen, over – jawel – glasbakken die de burgers beduvelen… Die neus voor het kleine dagelijkse, voor velen absurde, detail is Koch nooit kwijtgeraakt.
 
De greppel is een doorlezer geworden, met opnieuw een boeiend hoofdpersonage waarmee je je willens nillens vereenzelvigt, hoe onaardig die ook mag zijn. Vakkundige spanning en soms humoristische beslommeringen houden het boek altijd gaande met een lovenswaardige lichtheid.
 
Amsterdam : Ambo/Anthos 2017, 320 p. ISBN 9789026339721. Distributie: Veen Bosch en Keuning 

deze pagina printen of opslaan



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri