Nederlands proza

BOEKEN NR. 6, JUNI 2017

Ingrid Castelein: Route de la Lavande

door Jooris van Hulle

Nu al sinds een aantal jaren reist Ingrid Castelein samen met haar man Marc naar de Provence, meer precies naar de omgeving van de Mont Ventoux. En dit niet alleen tijdens het overdrukke toeristenseizoen in de vakantiemaanden, maar even vaak over de verschillende seizoenen heen om zo de streek, de ingeslapen dorpjes en de plaatselijke bevolking écht te leren kennen. Zo noteert zij in Route de la Lavande, het boek dat naadloos aansluit bij haar in 2015 verschenen Mon(t) Ventoux, over haar ‘terugkeerdrang’:
 
‘Terugkeren is  leren op een andere manier, is doordringen in een gemeenschap, is traag reizen.’   
 
Voor Castelein en haar man staat hierbij één criterium voorop: zicht op de Mont Ventoux, ‘waar we ook verblijven, we willen De Berg kunnen zien.’ Dit keer is haar uitzicht bepaald door de tochten die zij tussen in een periode 2015-2016 met de fiets, de camper of gewoon met de wagen maakte langs de noord- en oostkant van de berg. Altijd weer valt iets verrassends te ontdekken en te beleven, ‘elke fietstocht geeft inspiratie voor een volgende.’ Elk dorpje – vaak zijn het amper gehuchtjes die verscholen liggen in de omgevende bergstreek -  heeft wel iets te bieden voor de alerte reiziger die Castelein ondertussen is geworden. In wezen is zij meer geworden dan toevallige passant. Terugdenkend aan een reportage die ze ooit maakte over de truffelcultuur in Richerenches, luidt het:  
 
‘Toen was ik toeschouwer. Nu ben ik deelnemer en kan ik me onderdompelen in het gebeuren en in de ambiance.’
 
Een gevoel van onderdompeling krijgt ook de lezer van dit in lavendel gedrenkt reisboek: het lijkt wel een compleet roadbook voor wie in haar spoor al fietsend de streek wil beleven. De hoogte van de cols die worden beklommen, de restaurantjes, bistrots en bars die ze aandoen, tot en met de menu’s die worden aangeboden en de plaatselijke wijntjes die er worden gedronken: het werd nauwgezet genoteerd om dan in het boek te worden opgenomen. Als lezer neem je er graag die vorm van ‘village-marketing’ bij, zeker wanneer je onderliggend over heel het boek de diepere ervaring peilt die Castelein blijvend heeft opgedaan en steeds weer opdoet bij haar tocht door de Provence en aansluitende regio’s: de ervaring van schoonheid, die pracht bijna lijfelijk voelen:
  <br /> ‘veel meer dan met de auto beleef ik de uitstap intens en neem ik elk detail in me op, hoe het landschap onderweg wijzigt, abrupt soms, en hoe mooi de uitzichten zijn.’  
 
Castelein laat zich ook rondleiden in de dorpen die ze bezoekt. In het kasteel van Grignan denkt ze terug aan Madame de Sévigny en leest ze nadien een van haar bundels met brieven. Of ze staat stil bij Petrarca, ‘de eerste toerist’ die op 26 april 1336 met zijn jongere broer de trektocht naar de Ventouxtop ondernam. In Saint-Hubert komt ze voor de ‘Mur de la Peste ‘te staan, in  1720 gebouwd toen de Provence werd getroffen door een pestepidemie. Misschien had Castelein hier de link kunnen leggen naar de Zuid-Afrikaanse romancier André Brink die in 1984  The Wall of the Plague (vert. De muur van de pest, 1985) publiceerde, een roman die zich voor een groot deel ook afspeelt in de Provence.

Het lag en ligt – zo leren de twee Provence-boeken van Castelein – in de bedoeling van de auteur het kleine te zien in het grote, de mensen de plaats te geven die ze, om welke reden dan ook, komen opeisen in het boek. Toeval speelt hier een niet onbelangrijke rol. Castelein suggereert het reeds met het aan Martha Gellhorn ontleende motto bij Route de la Lavande:
 
‘De mensen geloven dat ze hun leven kunnen regelen, maar in feite worden ze rondgeslingerd door toevalligheden.’
 
Die toevalligheden slaan niet alleen op haar tochten door de streek, maar even goed op tal van mensen die ze er ontmoet en die, in hun drang om te onthaasten, vaak door een of ander toeval zijn beland op die plaats waar ze een Nova Vita hebben opgebouwd. Ook dit aspect van het leven rond De Berg bepaalt de charme van dit boek.
 
Antwerpen : Manteau, 2017, 319 p. ISBN 9789022333594. Distributie: WPG Uitgevers 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, OKTOBER 2017

Couperus in de Oriënt

José Buschman

De buurjongen

Jan Siebelink

Het verkoolde alfabet

Paul de Wispelaere

The night

Rodrigo Blanco Calderón

Werk werk werk

Christophe Van Gerrewey

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, OKTOBER 2017

Een nacht op het strand

Elena Ferrante, Mara Cerri (ill.)

Het bos slaapt

Rébecca Dautremer

Optimisme is dodelijk

Susin Nielsen

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri