Vertaald proza

BOEKEN NR. 5, MEI 2019

Viet Thanh Nguyen: 'Writing criticism as fiction and fiction as criticism'

door Kris van Zeghbroeck

De Vietnamees-Amerikaanse auteur Viet Thanh Nguyen (1971) werd geboren in Buon Me Thuot (Zuid-Vietnam). Na de val van Saigon in 1975 vluchtte hij met zijn katholieke ouders naar de Verenigde Staten. Eerst woonde hij een vluchtelingenkamp voor Vietnamezen in Fort Indiantown Gap (Pennsylvania), later in Harrisburg (Pennsylvania). In 1978 verhuisde de familie naar San Jose (California) waar ze een van de eerste Vietnamese kruidenierszaken opende.

Nguyen studeerde Engels en Ethnic Studies aan de University of California (Berkeley), waar hij een doctoraat behaalde. Hij is de Aerol Arnold Chair of English en Professor of English and American Studies and Ethnicity aan de University of Southern California. In die capaciteit publiceerde hij non-fictie over Vietnam en Amerikaans-Aziatische cultuur & -literatuur (vietnguyen.info). Zo onder meer Nothing Ever Dies: Vietnam and The Memory of War (2016, Finalist National Book Award for Nonfiction 2016) en Race and Resistance: Literature and Politics in Asian America (2002).

In 2015 verscheen zijn debuutroman The Sympathizer (De sympathisant), die hem de Pulitzer Prize for Fiction 2016 opleverde. Bovenop vergaarde hij een aantal kleinere bekroningen zoals de Dayton Literary Peace Prize, de Center for Fiction First Novel Prize, de Carnegie Medal for Excellence in Fiction, de Edgar Award for Best First Novel en de Asian/Pacific American Award for Literature.

Decennialang heeft Nguyen getracht om zijn academische en literaire loopbaan tot een geheel te versmelten. Wat niet eenvoudig is gezien het verschil in taal, uitgangspunt en redenering. Hij omschrijft zijn ideale doel als ‘writing criticism as fiction and fiction as criticism’. In die zin gebruikt hij zijn fictie als een kritiek, een manier om het publiek te schofferen en wakker te schudden. Daarbij maakt hij voortdurend gebruik van onderhuidse verwijzingen naar de literaire en culture traditie. Hij moedigt de lezer aan, die vaak vastgeroest zit binnen de eigen grenzen, om grensoverschrijdend te lezen.

De Vietnam-oorlog was eerder al het onderwerp van Pulitzer laureaten voor journalistiek, geschiedenis, biografie en algemene non-fictie. De romans van Denis Johnson (Tree of Smoke (Een zuil van rook)) en Tim O’Brien (The Thing They Carried (Wat ze droegen)) strandden in 2008 en 1991 op een finaleplaats. Met De sympathisant kan het onderwerp nu ook aan de laureaten in de categorie fictie toegevoegd worden. Een roman die binnen Nguyens schrijffilosofie samen met zijn studie Nothing Ever Dies: Vietnam and The Memory of War gelezen kan worden voor een bredere, diepgravende beeldvorming.

Tijdens de Vietnam-oorlog spioneert een Zuid-Vietnamese kapitein voor de communisten. Als zoon van een (afwezige) Franse vader (een katholiek priester) en een Vietnamese moeder, studeert hij in de Verenigde Staten, maar keert terug uit idealisme voor de communistische revolutie. In opdracht van de Noord-Vietnamese rebellen infiltreert hij in het Zuid-Vietnamese leger. Na de val van Saigon emigreert hij met de Zuid-Vietnamese legertop in ballingschap naar de Verenigde Staten om hun plannen door te spelen. In het kader van een tegenoffensief keert hij terug naar Vietnam en wordt hij als verrader gevangengezet.

‘Ik ben een spion, een sluimerende spion, een man met twee gezichten. En misschien niet verassend, ik ben ook een man met een dubbele persoonlijkheid. … Ik heb het vermogen om elk onderwerp van twee kanten te bekijken’. Met een eerbetoon aan Ralph Ellisons roman Invisible Man (Onzichtbare man), voert Nguyen in De sympathisant een naamloze verteller ten tonele die als gevangene een bekentenis aflegt over zijn dubbelleven als spion. Een man die zijn vrienden, kameraden en idealen verraden heeft om zichzelf te beschermen en nu gedwongen wordt tot een 'politieke' bekentenis.

In een mix van spionage-, oorlogs-, politieke- en ideeënroman, levert Nguyen een kritiek op alle oorlogspartijen in het Vietnam-conflict, die stuk voor stuk gebruikmaken van macht, autoriteit en geweld om hun ideologie door te drukken. Ook de Verenigde Staten krijgen een veeg uit de pan omdat ze zich via Amerikanisme profileren als het enige lichtende voorbeeld en in naam van de democratie dood en vernieling zaaien: ‘The novel takes the side of justice, but in so doing, it recognizes that everybody is committing injustice in the name of these revolutionary and democratic struggles’. (therumpus.net)

Nguyen publiceerde verhalen in onder meer Best New American Voices 2007ManoaNarrative MagazineTriQuarterlyThe Good Men ProjectChicago Tribune en Gulf Coast. Zijn tweede boek, The Refugees (2017, De vluchtelingen), is een bundeling van acht kortverhalen, opgedragen aan ‘alle vluchtelingen, overal ter wereld’. Zijn recentste non-fictie boek, The Displaced (2018) bundelt het relaas en de ervaringen van 17 als vluchteling ontwortelde schrijvers van over de hele wereld.

De acht verhalen uit de bundel De vluchtelingen zijn in een periode van twintig jaar geschreven. Ze focussen op de ontworteling en cultuurverschillen van Vietnamese vluchtelingen en hun nakomelingen in de Verenigde Staten. De term ‘bootvluchtelingen’ ontstond midden jaren zeventig na de Vietnam-oorlog, toen Vietnamezen massaal het land ontvluchtten om te ontsnappen aan het communistische regime. Een groot deel in schepen en kleine niet-zeewaardige boten, wat maakt dat de circa twee miljoen tussen 1975 en 1995 gevluchte Vietnamezen algemeen bekendstonden als bootvluchtelingen.

De helft van de Vietnamezen in diaspora wonen intussen in de Verenigde Staten, dat een morele verplichting had om Vietnamezen op te nemen na de Amerikaanse nederlaag. Zij vormen de vierde grootste Aziatisch-Amerikaanse groep in de VS na de mensen met Chinese, Filipijnse en Indiase roots. Meer dan de helft woont vandaag in California en Texas. Gezien het verloop van de Vietnam-oorlog stond een meerderheid van de Amerikaanse bevolking oorspronkelijk vijandig tegenover de instromende Vietnamezen. Dat bemoeilijkte de integratie en versterkte de ontworteling van de Vietnamezen, die een sterke band hielden met hun vaderland en hun cultuur.

Vanuit zijn persoonlijke ervaringen beschrijft Nguyen levensechte personages die voortdurend geconfronteerd worden met het leven in twee verschillende werelden. Thema’s als familie, trauma, schuld, dementie en identiteit zijn universeel, maar krijgen een specifieke aanpak vanuit de diepgewortelde Vietnamese cultuur. De verhalen zijn momenten uit het leven gesneden met een plots begin en einde, wat de lezer tot nadenken aanzet.

Nguyen heeft altijd geschreven vanuit zijn culturele achtergrond, zonder concessies te doen aan het grote publiek. In de VS wordt te gemakkelijk minderheidsliteratuur geschreven op maat van de taal en ideologie van het blanke meerderheidspubliek. Vietnam, de zoektocht naar identiteit, het Amerikaans-Aziatische verhaal en de ervaringen van vluchtelingen vormen de kern van zijn werk. Fictie en non-fictie kunnen sociaal en economisch onrecht in kaart brengen en aanklagen. Maar uiteindelijk is er een sociale en politieke transformatie nodig om vluchtelingen volwaardig in het sociale weefsel te integreren:

‘I think that identity is a very necessary part of political mobilization and empowerment. It certainly was for me, to recognize myself as an Asian American, as a Vietnamese American, as a refugee, and to make a claim on American identity. These are all crucial moves for me. But there’s no doubt that a politics organized purely at the level of identity or aesthetics organized purely at that level is deeply limited. What it cannot do is address the deeply entrenched problems of inequality and exploitation that occur at the structural level in any society. Identity is an outcome of that inequality and exploitation—whether it’s the identity of the majority or the identity of minorities’.

‘So we can use identities to highlight inequality and exploitation and the failure to live up to the ideals of a nation or a community, but we can’t actually change those conditions purely through art and politics organized around identity. Art and politics also has to engage at the level of social transformation. Literature, no matter how great it is, can’t change the conditions that it illuminates. I strongly believe that the fiction I write can help us to see how history works and how war operates and how refugees are created. But we’re not going to actually change the problems that my fiction talks about unless the fiction is enabled by and harnessed to social and political movements’. (dissentmagazine.org)

Viet Thanh Nguyen: De sympathisant, Marmer Baarn, 2019, 429 p. ISBN 9789460684289. Vertaling van The Sympathizer door Paul Bruijn en Jetty Huisman. Distributie Elkedag Boeken

Viet Thanh Nguyen: De vluchtelingen, Marmer Baarn, 2018, 202 p. ISBN 9789460683770. Vertaling van The Refugees door Paul Bruijn. Distributie Elkedag Boeken





deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2019

De grote verkilling

Geert van Istendael

Kamers antikamers

Niña Weijers

Verlaten

Jane Harper

Verwondering

Aharon Appelfeld

Winterlaken

Micha Andriessen

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2019

Adres onbekend

Susin Nielsen

Mag je haaien aaien?

Katrijn De wit, Inge Rylant (ill.), Laura Bergans (design)

Niet te stoppen

Angie Thomas

Ploef

Espen Dekko, Mari Kanstad Johnsen (ill.)

Zo slapen dieren

Jiří Dvořák, Marie Štumpfová (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri