Nederlands proza

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2017

Joost De Vries: Oude meesters

door Tom Rummens

‘Nazomer. De dag was als een glas dat werd volgeschonken. De lucht opende zich snel, het duister werd helderblauw. Zachtgrijze wolken maakten zich uit de voeten. Het overwicht van de zon was absoluut.’
 
Zo opent Oude meesters, de derde roman van Joost De Vries. De sfeer is meteen gezet, het openingsbeeld staat op je netvlies gekerfd, het onbetwistbare stilistische talent van De Vries is duidelijk. Hier gaat iets uitzonderlijks gebeuren.
 
De broers Sieger en Edmund Van Zeeland spelen de hoofdrol in Oude meesters. Ze lijken geboren te zijn in de verkeerde tijd. Nostalgisch mijmerend en zuchtend bewegen ze zich door de wereld van vandaag, een sigaar in de ene hand en een glas whisky van een goed jaar in de andere. In hun anachronistische zijnstoestand doen ze eigenlijk een beetje denken aan De Vries zelf, de jonge schrijver die tot op grote hoogtes oneigentijds belezen is, en die deze belezenheid ook graag etaleert in lange, geraffineerde zinnen, doorspekt met slimme citaten. Het is gek en bovenal veelzeggend dat zoiets een verademing is in onze tijd.
 
Maar waar De Vries zijn branie onverstoorbaar weet in te zetten voor een hoger doel, blijven zijn twee hoofdpersonages in Oude meesters voornamelijk bij de pakken zitten. Edmund is de dandy van de twee. Hij heeft geld genoeg om te leven in de talrijke illusies die hij zo graag omhelst. Hij bewoont een deftig grachtenpand, en kan een cruise maken langs de steden die er ooit toe deden. Sieger is journalist en trekt op nogal onbesuisde wijze het onvoorspelbare kruitvat Oekraïne in, op zoek naar, ja, naar wat eigenlijk? Aandacht? Het gelijk aan zijn kant? Mysterie? Een proeve van onaantastbaarheid misschien?
 
Want wat ze nu juist willen, de gebroeders Van Zeeland, wordt niet duidelijk. Ze proberen en fulmineren maar. Hun cynisme over de tijd van nu brengt hen geen stap verder. De manier waarop Siegers krantenredactie een nieuwe weekendbijlage probeert te lanceren, spreekt wat dat betreft boekdelen. De oppervlakkigheid spat van de redactie af, maar Sieger kan er niks wezenlijks tegenover stellen.
 
Dat het vandaag de dag geen rozengeur en maneschijn is, dat weet Joost De Vries maar al te goed. Dat we zwelgen in oppervlakkigheid en niet eens meer moeite doen om de schone schijn toch enigszins op te houden: het is allemaal waar en betreurenswaardig. Maar de gedachte dat het vroeger dan per definitie beter was, daartegen protesteert De Vries in Oude meesters met verve en overtuiging. En zo is dit vooral een razend slim geschreven roman die leest als een handleiding tegen cynisme: ja, wat je zelf doet doe je vaak wel beter, maar je moet het wel doen. Aan stuurlui die aan wal staan hebben we geen tekort.
 
Joost De Vries: Oude meesters, Prometheus, Amsterdam 2017, 302 p. ISBN 9789044634303. Distributie: WPG Uitgevers 

deze pagina printen of opslaan



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri