Poëzie

BOEKEN NR. 8, JULI 2016

Jozef Deleu (red.): Het liegend konijn (2016, nr. 1)

door Dirk De Geest

Het liegend konijn van Jozef Deleu, het tijdschrift dat uitsluitend nieuwe gedichten publiceert, heeft een ander gezicht gekregen. Die visuele verandering hangt met het feit dat het tijdschrift-in-boekvorm voortaan door uitgeverij Polis wordt verzorgd. Na dertien jaar licht samensteller (en enige redacteur) Jozef Deleu nog eens kort de belangrijkste principes van zijn blad toe: Het liegend konijn wil openstaan voor alle vormen van poëzie, maar publiceert uitsluitend nooit eerder in druk verschenen werk. Het enige criterium is kwaliteit (volgens de deskundige smaak van de redacteur), maar voor het overige komen jong en oud, traditioneel of hypermodern, kort of lang… allemaal aan het woord.

Die veelzijdigheid is inderdaad merkbaar in het jongste volume, dat alweer meer dan 200 pagina’s omvat en niet minder dan 30 dichters aan het woord laat. Dat levert een enorme mix op, waaruit ik slechts enkele elementen kan lichten. Claude van de Berge, bijvoorbeeld, krijgt de kans om een aantal gedichten te publiceren die passen binnen wat men eertijds de ‘numineuze’ poëzie noemde. Het gaat om een reeks waarin de eindigheid op een abstracte maar tegelijk bijzonder lyrische toon wordt bezongen, als een proces van versmelting en eenheid, een opgaan in het grote Al. Dat contrasteert dan weer enorm met de verhaaltjes van Delphine Lecompte. Zij toont eens te meer hoe de realiteit in haar gedichten omgebouwd wordt tot een eigenzinnige fantasiewereld.
 
De meeste dichters in deze bloemlezing positioneren zich ergens tussenin die uitersten. Opmerkelijk is wel hoe het gehalte aan realisme en anekdotiek de jongste jaren lijkt afgenomen, tenminste voor zover wij op deze (enigszins willekeurige) selectie mogen afgaan. De meeste dichters nemen weliswaar het concrete als vertrekpunt voor hun poëzie, maar mikken uitdrukkelijk op een soort van veralgemenende, vaak ook dieperliggende boodschap. Symbolen en waarheidsuitspraken zijn weer volop in. Tegelijk is er het besef dat dergelijke aspiraties in feite niet meer kunnen, wat resulteert in een vorm van fragmentering. In plaats van grote samenhangende verhalen en boodschappen komen vooral kleinere verhaaltjes, vol associaties en bokkensprongen. Dat resulteert in een bijzonder gevarieerd palet van uitstekende gedichten. Zelf heb ik onder meer de teksten aangestipt van Charlotte Van den Broeck, Ellen Deckwitz, Piet Gerbrandy, Lucas Hirsch en Ester Perquin. Daarnaast zijn er, zoals steeds, enkele debutanten die zich naast dat grote geweld daadwerkelijk overeind kunnen houden. Ditmaal vermeld ik beloftevolle teksten van Tina van Baren, Jan van Gompel en Sami Kalaï.

Kortom, ook nu vindt de lezer weer tal van verschillende, maar vrijwel steeds waardevolle gedichten. Het liegend konijn is misschien geen gids op het vlak van de actuele poëzie (daarvoor ontbreken telkens weer wat namen), maar het blijft het beste tijdschrift op dat vlak: veel poëzie, weinig bladvulling.
 
Antwerpen : Polis, 2016/1. 226 p. ISBN 9789463101431
 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 3, MAART 2019

De bijzondere syntaxis van onvertaalbare locuties

Jacques Derrida en Veva Leye

De ontembare

Guillermo Arriaga

Fantoommerrie

Marieke Lucas Rijneveld

Nachtouders

Saskia de Coster

Wijzigingen bijhouden

Sayed Kashua

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 3, MAART 2019

De kleur van de zon

David Almond

In de voetsporen van Karel Daarwind

Mārtiņš Zutis

Merel

Sarah Moon

Oma Vogeltje

Benji Davies

Wat ik de bomen wil vertellen

Enzo Pérès-Labourdette

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri