Vertaald proza

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2017

Donatella Pietrantonio: Teruggeworpen

door Inge Lanslots

Toen Donatella Di Pietrantonio (°1963) in september de prestigieuze Premio Campiello in ontvangst mocht nemen voor Teruggeworpen (2017), vergeleken Italiaanse critici de auteur met Elsa Morante (1912-1985). Nu, Di Pietrantonio had hen zelf in die richting gewezen met het epigraaf uit Morantes Sortilegio e menzogna (1948, ‘Toverij en leugens’, in het Engels vertaald als House of Liars), de retrospectieve roman waarin een onverwerkt verleden en complexe familierelaties, in het bijzonder de relatie met de adoptiemoeder, beschreven worden vanuit het perspectief van een kind.

In Teruggeworpen stuurt die adoptiemoeder haar dertienjarige ‘dochter’ terug naar haar biologische moeder, met het excuus dat ze ziek is. Zo ruilt het meisje haar mooie, cleane thuis, gelegen aan de zee, in voor een chaotische woonst, in de ruwe bergen van de Abruzzo, de geboortestreek van de auteur. In die streek was het in de jaren zeventig overigens niet ongebruikelijk dat kinderen werden ‘uitbesteed’ aan kinderloze koppels.
 
In Di Pietrantonio’s derde roman kan het jonge meisje haar adoptiemoeder, haar tot dan kinderloze tante, moeilijk loslaten en blijft ‘het woord “mamma” in [haar] keel steken als een visgraat die nooit meer lossch[iet]’. Dat ze ‘de teruggeworpene is ’ – in de oorspronkelijke titel opteerde de auteur voor de streektaal van de Abruzzo, zal pas veel later tot haar doordringen.
 
Terwijl de adoptiemoeder het meisje alsnog (financieel) zal blijven steunen, zo bijvoorbeeld in haar schoolkeuze waarvoor haar andere moeder weinig begrip wil opbrengen, maakt het jonge meisje kennis met haar biologische familie, die in armoede leeft. Zo is haar vader een wat afwezige, maar agressieve figuur, haar oudere broer ziet haar niet als zijn zus maar als een jonge vrouw en haar moeder lijkt haar eigen dochter niet te willen aanhalen, waardoor het jonge meisje zich dubbel verlaten voelt:
 
‘Ik was wees van twee moeders die allebei nog leefden. De ene had me afgestaan met haar melk nog in mijn mond, de andere had me op mijn dertiende teruggeworpen. Ik was een kind van scheidingen, met onechte of verzwegen familiebanden, van afstanden. Ik wist niet meer van wie ik afstamde.’  
 
Haar jongere broertje weet een plaats in haar hart te veroveren door zijn zachte karakter, waardoor de teruggekeerde zus zijn anders zijn probleemloos aanvaardt. Het is echter haar jongere zus met wie het hoofdpersonage een erg hechte, maar ook aparte band ontwikkelt. Die jongere zus dwingt haar als het ware een eigen weg te zoeken, los van de ellende waarin ze opgroeit. Zo komt ze langzaam tot het besef dat ze niet aan zichzelf moet verzaken:
 
‘Ik weet inmiddels dat ik mezelf niet laat uitzetten, hooguit af en toe heel eventjes. Op mijn kussen ligt elke nacht diezelfde klodder aan spookbeelden, aan duistere angsten op me te wachten.’
 
Teruggeworpen kan dan ook gelezen worden als een bildungsroman, die wat klassiek aandoet en een aantal stereotiepe personages opvoert, maar Di Pietrantonio weet die goed in te bedden in de Abruzzo waar de band tussen leven en dood erg tastbaar en ruw is. De zintuiglijke beschrijvingen versterken bovendien de verwantschap met de Romeinse Morante, die in onze contreien wellicht bekend is door haar beklijvende historische roman De geschiedenis (1982)
 
Donatella Pietrantonio: Teruggeworpen, Serena Libri, Amsterdam 2017, 217 p. ISBN 9789076270968. Vertaling van L'Arminuta door Hilda Schraa. Distributie: EPO

deze pagina printen of opslaan



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri