Poëzie

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2017

Tom van de Voorde: Zwembad de verbeelding

door Dirk De Geest

Tom van de Voorde maakte enkele jaren geleden indruk met zijn debuut Vliesgevels filter (2008): gedrongen, vrij hermetische gedichten vol beelden en symbolen in de trant van Willy Roggeman. Zijn tweede bundel, Liefde en aarde (2013), liet enkele jaren op zich wachten maar bood daarentegen een lyriek die veel sterker inzette op de buitenwereld: thematisch maar ook door een toegankelijker taalgebruik. Zwembad de verbeelding tracht beide types van poëzie, introvert en extravert, te verenigen. In die zin heb ik de indruk dat de bundel een soort van overgang markeert, een fase afsluit zonder dat al heel duidelijk is in welke richting de dichter zal evolueren.
 
Dat maakt de bundel daarom niet minder interessant. Opnieuw krijgt de lezer een gamma verzen dat hecht gestructureerd is in een aantal afdelingen, die ieder een eigen universum lijken te openen. De eerste afdelingen blijven nog vrij gesloten. ‘Oases van uitgestrekte bekommernis’ lijkt wel een soort van zoektocht naar verbeelding en artistieke impulsen in een wereld die daartoe niet meteen aanleiding biedt. Het dichterlijke ik onderwerpt zich hier vooral aan de buitenwereld, waar ook het dagelijkse een moment vormt voor inspiratie en onthechting, zij het slechts voor even. Herhaaldelijk wordt verwezen naar muziek, naar plastische beelden, naar de verbeelding maar die elementen hebben blijkbaar geen duurzaam effect. In die zin gaat het om momentopnamen van voorbijgaande aard, maar door het gebruik van de tegenwoordige tijd worden die ervaringen ook in zekere zin aan de tijd onttrokken.
 
Gaandeweg verschuift de aandacht naar de wereld rondom de dichter. Maatschappelijke thema’s doen hun intrede, maar Van de Voorde kiest voor een meer literaire inkleding daarvan. Zijn gedichten belichten de problematiek van vluchtelingen en zwervers, maar dat gegeven vormt de aanleiding voor krachtige verzen waarin het ik ook zijn eigen thuisloosheid tot thema maakt. Het naïeve engagement en medeleven wordt zo omgevormd tot een complexe ervaring, die afwisselend in droge, haast economische termen in lyrisch bevlogen beelden wordt opgeroepen. De reeks ‘Een opstand van waarheid’ weet die eigentijdsheid op een aparte, hoogst intrigerende manier vorm te geven en vormt voor mij een hoogtepunt uit de bundel.
 
De daaropvolgende afdelingen laten weer een enigszins ander fresco zien. Hier verplaatst de dichter zich vooral in andere personen, muzikanten en dichters die hij bewondert, of met wie hij enige affiniteit voelt. Dat gebeurt allereerst met een aantal gedichten over Russische muzikanten. Hun levens worden evenwel niet opgeroepen op een realistisch-anekdotische wijze maar vormen alweer de aanleiding voor heel eigen poëzie. Tussendoor lijkt het erop dat de dichter ook Russische volksdeuntjes transponeert en bewerkt. Het is een reeks vol lyrische fragmenten, maar niet altijd is de band tussen de aanleiding (zoals die door de titel wordt aangegeven) en de concrete uitwerking even duidelijk.
 
De bundel eindigt met twee reeksen over Remco Campert, de nog levende Vijftiger, en de overleden Kees Ouwens. Campert wordt zelfs ‘gecoverd’ zoals dat in de muziek gebruikelijk is. Van de Voorde neemt als het ware in de ik-vorm de thema’s en de eigen toon van zijn voorbeeld over. Dat leidt tot anekdotische, vrij spreektalige gedichten waarin een melancholisch universum overheerst. Kees Ouwens krijgt daarentegen een lang grafgedicht, waarin geprobeerd wordt om persoonlijk af te tasten waarin het belang van zijn werk ligt. De metafysische en filosofische dimensie van dat oeuvre vormt vanzelfsprekend de grond om bespiegelende fragmenten over de zin van het leven en de kunst in de poëzie te verwerken.
 
Kortom, wie deze bundel leest heeft soms de indruk dat het om een bloemlezing gaat, waarin diverse stemmen aan het woord komen. Zozeer verschilt de stijl van afdeling tot afdeling. Tegelijk is er wel sprake van een duidelijke consistentie, een zoektocht naar de plaats van de mens in een verwarrende samenleving. Dat Van de Voorde aan kunst een belangrijke plaats toekent, blijkt uit de vele beelden en symbolen die worden geactiveerd. Soms is deze poëzie kraakhelder, maar op andere plaatsen brengt ze deze lezer in verwarring. Vervelend en banaal is ze echter op geen enkel ogenblik.
 
Tom van de Voorde, Zwembad de verbeelding, Poëziecentrum, Gent 2017, 79 p. ISBN 9789056551063 

deze pagina printen of opslaan



‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri