Nederlands proza

BOEKEN NR. 2, FEBRUARI 2018

Bert Natter: Ze zullen denken dat we engelen zijn

door Lisanne Vroomen

Twee mensen overleven samen een terroristische aanslag. Wat doet dat met ze? Kunnen ze hun leven voortzetten? Hoe verbindt de aanslag ze? En zijn ze nog wel verbonden met de rest van de mensen nu ze de dood in de ogen hebben gekeken? Dit zijn vragen die centraal staan in Ze zullen denken dat we engelen zijn van Bert Natter.
 
De hoofdpersoon is Alfred Ellerau, een eenzame man die na de dood van zijn vrouw weer in het dorp van zijn jeugd is gaan wonen en enkel contact heeft met de plaatselijke cafébaas Peter. Als hij op een dag op een terrasje gaat zitten in de stad, raakt hij in gesprek met de vrouw naast hem, Prunella Moors. Dat gesprek wordt echter bruut onderbroken als een geldwagen het plein oprijdt. Uit de wagen springen een aantal gewapende mannen die in het rond beginnen te schieten. Alfred en Prunella overleven de aanslag door samen omarmd onder een tafeltje dekking te zoeken. Tussen hen ontstaat een speciale band.
 
Maar deze semi-liefdesgeschiedenis is niet wat deze roman zo bijzonder maakt. Alfred lijkt aanvankelijk, hoewel aangedaan door de aanslag, alles op een rijtje te hebben. Hij twijfelt zelfs of hij de hulp van slachtofferhulp wel moet aanvaarden. In de loop van het verhaal blijkt echter dat de aanslag Alfred dieper heeft geraakt dan hij toe wil geven. Zijn angst en de invloed ervan op zijn handelen hebben grote gevolgen voor de gehandicapte kinderen die hij elke dag met een busje naar hun school brengt. Bert Natter toont op een subtiele wijze hoe aanslagen mensen beïnvloeden en hen hun greep op de werkelijkheid kunnen doen verliezen.
 
Zo begint ook een ander thema door te schemeren: de kenbaarheid van de werkelijkheid. Een symbolisch stukje dat toont hoe ieders blik de werkelijkheid een eigen kleur geeft, blijkt uit een gesprek tussen Peter en Alfred. Alfred, door wiens ogen we het gesprek zijn, ziet het verleden duidelijk anders dan Peter:
 
‘Ik was de beste van het team. Vraag maar aan Rob en Wil. Nou ja, dat heeft geen zin, maar ik was echt goed. Dat je dat niet meer weer.’ Hij zat zelf altijd op de reservebank. Als hij zich ziek meldde, liepen we de polonaise door de kleedkamer.
‘Misschien heb je gelijk. Wie was dat dan? We hadden er eentje in het elftal, om te janken zo beroerd speelde die.’
Jij, dat was jij. ‘Geen idee.’
‘De trainer zei tegen hem: jij bent nog te stom om een eigen goal te maken. Was dat niet Simon? Ja, dat denk ik.’
Die zat op hockey. ‘Simon?’
 
Alfreds werkelijkheid blijkt wel vaker af te wijken. Dat blijkt als zijn verhaal over de aanslag geconfronteerd wordt met videobeelden van de aanslag. Zo heeft hij in zijn eigen beleving ervoor gezorgd dat Prunella met hem dekking zocht onder de tafel, terwijl de filmbeelden juist tonen dat zij hem meetrekt. De filmbeelden zijn een geniale zet in de roman, omdat ze de mogelijkheid bieden om een scène vanuit verschillende gezichtspunten te belichten en zo de onbetrouwbaarheid van de verteller, van Alfred Ellerau, aan te tonen. Ze maken Ze zullen denken dat we engelen zijn tot een geniale roman die niet alleen subtiel de nasleep van een terroristische aanslag toont, maar de lezer ook laat twijfelen aan wat echt is en wat niet. Al met al, een boek dat je aan het denken zet en je ook na de laatste bladzijde niet los zal laten.
 
Bert Natter: Ze zullen denken dat we engelen zijn, Thomas Rap, Amsterdam 2017, 302 p. ISBN: 978 9400407640. Distributie WPG Uitgevers 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, OKTOBER 2018

Blinde drift

Belinda Bauer

De rover

Robert Walser

Heel de tijd

Leo Pleysier

Onder een koperen hemel

Stefan Hertmans

Zeiseman

Martha Heesen

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, OKTOBER 2018

De invloed van Gregie De Maeyer (1951-1998) op de (Vlaamse) jeugdliteratuur

‘Het wezen van de dingen vervaagt naarmate het zichtbaar wordt’

De slaapster en de spintol

Neil Gaiman, Chris Riddell (ill.)

Op zoek naar Stella

Gerda Dendooven

Rivieren

Peter Goes

Tegenwoordig heet iedereen Sorry

Bart Moeyaert

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri