Non-fictie

BOEKEN NR. 3, MAART 2018

Fik Meijer: Via Appia

door Jo Vanderwegen

Hoogleraar oude geschiedenis Fik Meijer ging een paar jaar geleden, in zijn biografie over de apostel Paulus, op zoek naar diens historische (wandel)wegen. Op die manier kruiste hij de weg die Paulus van Pozzuoli naar Rome aflegde, via de Via Appia Antiqua. Eens in Rome mijmerde Meijer dat Paulus ongetwijfeld (net als de auteur) door dezelfde oude wijken slenterde. Waarschijnlijk net daarom speurt Fik Meijer in zijn nieuwste boek naar overblijfselen van de oude Via Appia. Die verbindingsweg tussen Rome en Brindisi werd al vanaf 312 voor Christus aangelegd in opdracht van Appius Claudius.
 
Fik Meijer (1942) is auteur van tientallen werken over de klassieke oudheid. Meer en meer richtte hij zich op een ruimer publiek, met boeken over gladiatoren, zeevaart of biografieën over Petrus en Jezus. Hij werkte tot aan zijn emeritaat aan de universiteit van Leiden als hoogleraar klassieke oudheid. Nu gaf Meijer gehoor aan een door hem lang gekoesterde wens om de beroemde Via Appia af te reizen. Hij doet dit in navolging van de door hem bewonderde schrijver Horatius die in 37 voor Christus dezelfde weg aflegde en daarover verslag deed in zijn Satiren.

Meijer beschrijft wat hij vandaag aantreft, niet zelden vol bewondering over de bouwkunsten van de oude Romeinen. Van de eigenlijke weg bestaat vandaag nog slechts een vijftigtal kilometer, de rest is bebouwd of simpelweg verdwenen. Meijer gaat ook op zoek naar de verdwenen stukken. Hij stelt zich tijdens zijn tocht voor hoe de mensen destijds reisden. De Via Appia werd aanvankelijk aangelegd voor de militairen; later werd hij meer en meer gebruikt door handelaars en tenslotte door pelgrims en toeristen. Zijn reis maakt hij met zijn vrouw en per auto.
 
In zijn beschrijving besteedt Meijer geen aandacht aan zijn eigen avonturen, zijn eigen malheur; Via Appia verhaalt louter over wat Fik Meijer ziet en waar hij dus iets over kan vertellen. Dit in tegenstelling tot Horatius, die op zijn beurt voor zijn beroemde Satiren Lucilius (180-103 vC) ten voorbeeld nam, en dan meer bepaald diens Iter Siculum (Reis naar Sicilië). Of, zoals Fik Meijer zelf zegt:
 
‘(Zo) rijst het beeld op van een dichter die zijn eigen belevenissen belangrijker vond dan het verstrekken van feitelijke informatie over de karakteristieken van door hem bezochte steden.’
 
Fik Meijer gaat dus liever in op de geschiedenis van een aquaduct op zijn weg, op de overnachtingsplekken voor de reizigers in Horatius’ tijd, of op beroemde Romeinen die in de buurt begraven liggen, dan over zijn eigen avonturen te vertellen. <br /> 
De auteur citeert in Via Appia uitgebreid uit Lord Byrons Childe Harold's Pilgrimage (1818), over een van de grote monumenten langs de weg, ook afgebeeld op een beroemd portret van Goethe door Johann Heinrich Wilheim Tischbein, zoals te zien op een van de talrijke prachtige kleurenillustraties in het boek. Johann Wolfgang Goethe werd onder meer beroemd door zijn Italienische Reise (1786), waarin hij onder meer de Via Appia tracht te bezoeken. Dat wordt een teleurstelling, net als later bij Charles Dickens (Pictures in Italy,1844), voor wie de begroeide stenen meer doen denken aan de Amerikaanse prairie dan aan het oude glorieuze Romeinse Rijk.
 
Dat alles verhaalt Meijer levendig en betrokken. Het zijn net die uitstapjes naar de ‘andere’, niet-klassieke schrijvers die zijn boek zo boeiend maken. Want natuurlijk is de vertelkunst van Fik Meijer ongeëvenaard. Hij doet de lezer voelen hoe spannend een dergelijke reis ten tijde van de Romeinen moet zijn geweest, waar precies je beducht moest zijn voor straatrovers en waar je maar moest afwachten of je een slaapplek voor de nacht kon vinden in een stal of een herberg. Daarnaast geeft hij zoveel bagage mee, zoveel informatie over het belang van de weg en zijn geschiedenis, dat opperste concentratie vereist is om alles te kunnen bevatten.
 
Het prachtig in kleur geïllustreerde boek, met heldere kaarten en een topografische index, is opgedeeld in een inleiding en vijf hoofdstukken: over de (voor)geschiedenis van de weg, over het belang van Horatius en over de verschillende trajecten in de route. Ook wijst Meijer de lezer uitgebreid de weg naar nog meer literatuur over zijn geliefde onderwerp. Via Appia is in ieder geval een zeer lezenswaardig, deskundig en mooi uitgevoerd werk geworden. Voorkennis over de klassieken helpt, maar is niet vereist.
 
Fik Meijer: Via Appia, Athenaeum, Amsterdam 2017, 288 p. ISBN 9789025308285. Distributie L&M Books 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2018

De avond is ongemak

Marieke Lucas Rijneveld

De belofte. Requiem voor de misdaadroman

Friedrich Dürrenmatt

De integratie van heden en verleden bij Arnaldur Indriðason

Eenzaamheid en existentiële koudbloedigheid

Habitus

Radna Fabias

Menselijke voorwaarden

Junpei Gomikawa

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2018

Aluna

Karla Stoefs

De tunnels

Dave Eggers, Aaron Renier (ill.)

Een indiaan als jij en ik

Erna Sassen, Martijn van der Linden (ill.)

Mijn grote vriend Leeuwwitje

Jim Helmore, Richard Jones (ill.)

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri