Nederlands proza

BOEKEN NR. 3, MAART 2018

Kristien Hemmerechts: Wolf

door Jooris van Hulle

Wat moeten we ons voorstellen bij iemand wiens leven in de ogen van anderen tot drie essentiële punten herleid kan worden? Kristien Hemmerechts legt haar lezer de vraag voor op de openingspagina van haar roman Wolf:

‘Onderwerp nummer 1: Leander, onderwerp 2: zijn achternaam, onderwerp 3: piano’s.’
 
Het antwoord dat er direct op volgt, hier nog vol suggestie die pas in de loop van de roman verhelderd zal worden, luidt:
 
‘Hij blafte hen toe dat hij geen concertpianist was. Hij begeleidde een blinde stand-upcomedian zoals vroeger in de bioscoop tweederangs pianisten stomme films begeleidden. Ja, ja, papa, ik ben als loser geboren dankzij jou en dankzij Baba.’
 
Snel op een rijtje gezet: Vladimir Oeltsjenko (de achternaam!) komt aan de kost door mee op te trekken langs Vlaamse wegen en dorpszaaltjes om er zijn blinde vriend te begeleiden op de piano. Wat kan worden beschouwd als het werk-van-de-tweede rang (als begeleider blijft hij hoe dan ook afhankelijk van de impact die Leander kan hebben op zijn publiek), wordt door Hemmerechts overtuigend doorgetrokken naar het niveau van de ich-Suche die het fundament vormt van haar roman.
 
‘Als loser geboren’: vijf dagen na zijn geboorte wordt baby Lexie (want zo zou hij aanvankelijk heten) herboren als Vladimir, naar zijn overleden Russische grootvader. Grootmoeder Baba kan het niet verkroppen dat haar zoon een vluchtige liaison heeft gehad met een onbeduidend en alcoholverslaafd meisje, dat in haar ogen totaal ongeschikt moest zijn voor het moederschap. Vladimir groeit op onder de hoede van Baba, maar is die gaandeweg gaan ervaren als een beknelling. In wezen blijft hij zijn ganse leven op zoek naar de echte moederfiguur.
 
Oedipus is hier uiteraard niet veraf. Neem er dan nog de blinde Leander bij (de allusie op Oedipus’ blindheid nadat hij de waarheid heeft ontdekt), en het mag duidelijk zijn dat Hemmerechts het mythische kader gebruikt om een verhaal te vertellen van alle tijden. Dat zij er de lezer ook nadrukkelijk attent op maakt (‘Als Oedipus was hij recht in de armen van een noodlot gelopen, dat hij had proberen te ontvluchten’, lijkt me een zware onderschatting van het inleving- en interpretatievermogen van die lezer. In de eerste plaats is het Vladimir te doen om de waarheid. Niet zozeer om die te achterhalen, maar om vanuit het tegenlicht hier de leugen(s) te ontmaskeren waarachter mensen zich blijvend gaan verschuilen.
 
Hemmerechts maakt een grote omweg om tot de kern van haar verhaal te komen. Vladimir trekt, als zijn vriend Leander in het ziekenhuis is beland en hij geen toelating krijgt van diens zus om hem te bezoeken, naar het in de buurt van Verviers gelegen Coccola, een gewezen klooster, maar nu omgebouwd tot een soort van welzijnscentrum. In afgemeten bewoordingen, maar precies daarom des te overtuigender tekent Hemmerechts de sfeer in het centrum waar mensen samenkomen om ‘de vriendelijkheid te bedrijven’. Vladimir is erheen getrokken in het spoor van zijn therapeute Lieselotte. Hij zoekt een modus vivendi die hem moet toelaten de wolf in hem het zwijgen op te leggen.
 
Het terugkerende beeld van de wolf die zich op een ijsschots bevindt (de symboliek speelt hier weer onmiskenbaar mee) schraagt overduidelijk het geheel van de roman. Woede, die zoals uiteindelijk zal blijken, gevoed wordt door angst, drijft Vladimir bijna letterlijk in de hoek waar de klappen vallen. Het is angst die hem altijd heeft belet al wie zich in zijn omgeving ophoudt, ook met de waarheid van hun bestaan te confronteren: Rita, met wie hij een relatie heeft, zijn eigen moeder, de moeder-godin Baba… Pas na een vreselijk ongeval in de omgeving van Coccola, zal hij er, mede door de begripvolle Tessa die er ook verblijft, in slagen zijn leven te herschikken en zo, weer tegen de bemoeienissen van anderen in, een andere weg in te slaan:
 
‘Hij was soms bang van zichzelf geweest. Gedaan met de haat, hij wilde liefhebben.’
 
Het kan tellen, dit dik aangezet positieve idee aan het slot. Wolf is een roman die niet sprankelt van oorspronkelijkheid inzake thematiek en aanpak, maar gedragen door het vakmanschap van Kristien Hemmerechts meer biedt dan louter divertissement.
 
Kristien Hemmerechts: Wolf. Amsterdam, De Geus 2018, 234 p. ISBN 9789044539813. Distributie L&M Books 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2018

De avond is ongemak

Marieke Lucas Rijneveld

De belofte. Requiem voor de misdaadroman

Friedrich Dürrenmatt

De integratie van heden en verleden bij Arnaldur Indriðason

Eenzaamheid en existentiële koudbloedigheid

Habitus

Radna Fabias

Menselijke voorwaarden

Junpei Gomikawa

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2018

Aluna

Karla Stoefs

De tunnels

Dave Eggers, Aaron Renier (ill.)

Een indiaan als jij en ik

Erna Sassen, Martijn van der Linden (ill.)

Mijn grote vriend Leeuwwitje

Jim Helmore, Richard Jones (ill.)

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri