Vertaald proza

BOEKEN NR. 4, APRIL 2018

Carsten Jensen: De eerste steen

door Henk Van Viegen

De oorlog in Afghanistan duurt al 30 jaar, een volkomen zinloze oorlog in vele ogen. Maar wapenhandelaars en opportunisten varen er wel bij en elke keer verschijnen er toch weer nieuwe buitenlanders op missie.
 
De Deense opperbevelhebber, Ove Steffensen, is in het begin vol goede moed. Hij gelooft heilig in democratie, in met elkaar praten, en doet dat vooral met een krijgsheer uit de buurt voor wie hij zelfs vriendschap voelt. Hij heeft de luxe zich te verkneukelen in het denken over hoe de rijkjes in Italië ten tijde van de renaissance met elkaar vochten: zo weinig mogelijk doden veroorzaken en respect over en weer. Zo wil hij het ook! Maar al snel moet hij het hoofd buigen, als hij meemaakt hoe een burgemeester, die hij openlijk afviel om diens kritiek op het corrupte klimaat, eigenlijk in zijn naam omgebracht wordt. Hij verliest, als hij protesteert, meteen het respect van de krijgsheer en de corrupte politiecommissaris. De ingewikkeldheid van de situatie overweldigt hem, helemaal als daarna zijn tolk, ook door zijn schuld, vermoord wordt.
 
Intussen hebben we wat pelotonssoldaten een beetje leren kennen. Er is maar één vrouw in de groep, Hannah. Ze is vrij lastig te benaderen, en zal alleen tijdelijk enige vertrouwelijkheid krijgen met de jonge Adam. Geheel tegen haar verstand in (ze volgt haar kut, zoals de verteller fijntjes opmerkt), en tegen de legercodes, begint ze een verhouding met de pelotonscommandant Schrøder, een opportunist, die op het punt staat de missie te verraden. Dan zijn er nog onder anderen de hospik Simon, de scherpschutter Camper, de alles filmende Andreas (ook wel genoemd Bijpersoon) en de dominee Møller. De laatste denkt een complot in Denemarken op het spoor te zijn: familie van de soldaten heeft met ellende te maken. Hij verandert naar een voorstander van de harde aanpak.
 
Schrøder wacht op een geschikt moment om zijn dubbelspel te spelen: excuses maken aan een gezin dat door de soldaten onder vuur werd genomen. Het blijkt een val: de soldaten die naar het dorp gekomen waren, worden doodgeschoten en opgehangen. Vanaf dat moment laten de mannen van het 3e peloton hun opdracht los. Ze verlaten de basis, gaan op zoek naar de verrader en betreden daarmee definitief de echte gevarenzone. Op het laatste moment sluit Steffensen zich bij hen aan.
 
De opbouw van het boek wordt aangekondigd in een speech van dan nog commandant Schrøder in het piepkleine deel ‘Witte zone’. Hij ziet vijf zones: de plek waar de vrede heerst, Denemarken, de Witte Zone. De soldaten bevinden zich straks in de Gele Zone, de zone van de waakzaamheid, die is om en nabij het basiskamp Camp Price, in het Zuidwesten van Afghanistan, provincie Helmand. In de Rode Zone zullen ze moeten vechten voor hun leven, in de Grijze staan ze met de rug tegen de muur en in de Zwarte wacht de paniek. Het laatste deel ‘Zwarte Zone’ beslaat bijna de helft van het volume. Er is ook nog een overkoepelende onderverdeling in tweeën: 1. 3de peloton, 2. Khaiber. In dat tweede deel treedt een nieuw personage op, gezonden door de Deense geheime dienst, eveneens op zoek naar Schrøder, maar uiteraard ook naar de soldaten van het derde peloton. Het Khaiber-stuk valt samen met het deel Zwarte Zone.
 
Met de komst van Khaiber zitten we al ver in een eigenlijk heel bekend soort oorlogsroman met een kraakheldere spanningsboog. Vaak is de wat betere een anti-oorlogsroman, waarin de waanzin van de oorlog breed uitgemeten wordt, ook al voelen we diepe sympathie met de eenvoudige helden die de soldaten zijn (zie voor een vroeg voorbeeld Norman Mailers Helden zonder glorie, ook met een peloton in oorlogsgebied). Hun achtergrond, hoe summier ook, maakt ze herkenbare mensen. Al hebben we de ‘goeden’, zoals Steffensen, zien blunderen, hij hoort bij degenen die de superschurk moeten laten boeten voor zijn daden. Behorend bij het genre hoort ook de opvallende typering van deze foute man. Uitvoerig wordt ons voorgehouden (de game is breed uitgewerkt als motief in het boek) dat hij zijn leven inricht als een game. Hij is wel zo sportief, tegenover Khaiber, een risico in te bouwen, anders is het spel niet meer leuk.
 
Carsten Jensen was als journalist meerdere keren in Afghanistan, ook intern. Hij kent de problemen van het land, de omgangsvormen, de lange geschiedenis van conflicten, de steeds andere landen die een tijdje de baas willen spelen, de opportunisten, de zakenlieden die mogelijkheden zien, de huursoldaten, al die tegengestelde belangen, de (tijdelijke) verbindinkjes die aangegaan worden, de voortdurende bombardementen, de burgerslachtoffers, de positie van de vrouw, de conflicterende loyaliteiten, etc. Maar romans hierover, zowel over de oorlog in Irak als in Afghanistan, zijn er volop, literaire en minder literaire. En er is ook al een non-fictiefilm over de Deense soldaten in Helmand, Armadillo, uit 2010. Deze heeft qua boodschap veel gemeen met dit boek: je zult nooit binnenkomen daar en soldaten zijn herkenbare mensen met hun problemen, liefde, woede, agressie, wraakgevoelens en compagnonship.
 
Maar de Denen omarmen het boek, en zullen waarschijnlijk ook massaal de verfilming willen zien. De Belgen en vooral de Nederlanders hadden vergelijkbare missies. Of we het boek hier ook ‘een literaire, humanistische precisieaanval’ zullen noemen, zoals het Deense Politiken het mooi zegt, is de vraag. Het gaat toch vooral om een goed gecomponeerde, actuele maar traditionele avonturenroman, hoe Jensen hier en daar ook zijn best doet de daden van een personage (vooral bij Hannah en de dominee) psychologisch enigszins te motiveren en bij Khaiber een heuse vader-zoonclash neer te zetten. Het boek is misschien ook iets te dik, het duurt ook echt lang voordat de belangrijkste eerste steen door de lucht vliegt. De Bijbelse notie van de titel komt wel snel door.

Carsten Jensen: De eerste steen, De Bezige Bij, Amsterdam 2018, 639 p. ISBN 9789023473916. Vertaling van Den første sten door Lammie Post-Oostenbrink en Kor De Vries. Distributie Standaard Uitgeverij 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2018

Berta Isla

Javier Marías

De klaverknoop

Paul Demets

Het amusement

Brecht Evens

International Bakery (voorheen Cinema Royale)

David Nolens

Michael Ondaatje

Blindganger

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 11, DECEMBER 2018

De blauwe vleugels

Jef Aerts, Martijn Van der Linden (ill.)

De pittige pruim die een pop werd

Vojtěch Mašek, Chrudoš Valoušek (ill.)

De torens van Beiroet

Paul Verrept

De waarheid volgens Mason Buttle

Leslie Connor

Het mysterie van niks en oneindig veel snot

Jan Paul Schutten, Floor Rieder (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri