Nederlands proza

BOEKEN NR. 9, OKTOBER 2018

Leen Huet: Nest

door Jooris van Hulle

In een qua omvang - het verhaal an sich beslaat nauwelijks 20 pagina’s – tot een uiterst minimum beperkt boekje tekent Leen Huet een portret van Maria Rubens, moeder van de schilder die Antwerpen naam en faam bijbracht. De invalshoek is treffend en origineel: Huet laat Maria, zittend op het dak van het Ortelius-huis in de Antwerpse Kloosterstraat, de lezer-bezoeker van nu toespreken over de dood heen.  
 
Wat zij te melden heeft, concentreert zich in hoge mate rond de onfortuinlijke ervaringen met haar man Jan . Om te ontsnappen aan de Inquisitie was die samen met zijn gezin naar Keulen gevlucht. Daar leerde hij Anna van Saksen kennen, de tweede echtgenote van Willem van Oranje, die haar ten huwelijk had gevraagd omwille van het fortuin dat ze met zich meebracht. Of, zoals een Brabants spreekwoord in Hoogduits accent luidde: ‘Niet om haar velleken maar om haar gelleken’.
 
Uit de relatie tussen de prinses en Maria’s man wordt in 1571 een kind geboren, Christina von Dietz. Jan wordt omwille van het overspel gevangen gezet in Dillenburg (hier in Maria’s verhaal aangeduid als werd hij vastgehouden ‘in de kerker van een ouderwets kasteel’), na lang aandringen van zijn vrouw Maria vrijgelaten in 1573 met dien verstande dat ze huisarrest kregen in Siegen, waar overigens zoon Peter Paul werd geboren. Pas na enkele jaren kon het gezin dan ook terugkeren naar Antwerpen.  
 
Leen Huet wekt bij monde van Maria deze duistere episode rond en over de beroemde schilder weer tot leven. Uit haar monoloog blijkt dat Maria haar man altijd, ook in de minst gunstige omstandigheden, trouw is gebleven. Dat blijkt onder meer uit de twee brieven die ze hem schreef in 1572 en die hier in oorspronkelijke versie, d.i. in het Nederlands van de zestiende eeuw, als appendix worden opgenomen. Een van de brieven was overigens door Huet al opgenomen bij de aanvang van haar in 2014 verschenen boek Rubens. Brieven, waar die wel ‘vertaald’ werd en zo de lectuur ervan makkelijker maakte voor de lezer van nu. De slotzin van de tweede brief, die qua timing onmiddellijk aansluit bij de eerste, zegt alles over de houding van Maria: ‘en schrijft toch nu niet meer: ‘onweerdighen man’; want tis toch vergeven.’  
 
Het boekje van Leen Huet raakt aan de diepste emoties van een vrouw die ondanks alles echtgenote en moeder is gebleven. In het mooie beeld van de zwerfkat die ze van op het dak van het Ortelius-huis opmerkt en waarvan ze hoopt dat dier jongen het zullen redden, emaneert het beeld van de zorgende vrouw. En de parallellie met het ‘toemmerkatje’, zoals een bastaard werd genoemd in het Antwerpen van de 16de-17de eeuw, legt meteen ook het lot van de bastaarddochter van Anna van Saksen bloot. Zo gezien is Nest ook vanuit literair oogpunt een meevaller.
 
Leen Huet: Nest, Amerika, Antwerpen 2018, 47 p. ISBN 9789075995107. Distributie EPO 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 11, DECEMBER 2018

Berta Isla

Javier Marías

De klaverknoop

Paul Demets

Het amusement

Brecht Evens

International Bakery (voorheen Cinema Royale)

David Nolens

Michael Ondaatje

Blindganger

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 11, DECEMBER 2018

De blauwe vleugels

Jef Aerts, Martijn Van der Linden (ill.)

De pittige pruim die een pop werd

Vojtěch Mašek, Chrudoš Valoušek (ill.)

De torens van Beiroet

Paul Verrept

De waarheid volgens Mason Buttle

Leslie Connor

Het mysterie van niks en oneindig veel snot

Jan Paul Schutten, Floor Rieder (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri