Vertaald proza

BOEKEN NR. 1, JANUARI 2019

Edoardo Albinati : De katholieke school

door Inge Lanslots

‘Dit boek is een narratief werk. Daar waar namen, personages, verenigingen, organisaties, plaatsen, gebeurtenissen en situaties niet de vrucht zijn van de verbeelding van de auteur, worden ze gebruikt voor narratieve doeleinden.’
 
Dit is de waarschuwing die Edoardo Albinati de lezer van zijn lijvige De katholieke school voorschotelt, net boven het colofon. Hiermee geeft de auteur ook meteen hoe gelaagd dat werk wel is en hoe moeilijk het te labelen valt. Albinati bestempelt zijn ‘werk’ immers niet als een roman, maar wel als fictie, en, zoals de lezer gaandeweg zal ontdekken, bevat De katholieke school vele autobiografische elementen en stoelt het op historische feiten, waarvan de auteur een (on)rechtstreeks getuige was. Verder doorspekt Albinati zijn meer dan 1400 bladzijden tellende werk met intertekstuele verwijzingen, filosofische en socio-economische beschouwingen en neemt hij de lezer mee in een meanderende vertelling waarin je je meermaals dreigt te verliezen.

Albinati haalt je echter ook weer terug, zo bijvoorbeeld met de 413 korte beschouwingen in het voorlaatste deel. Die beschouwingen zijn niet van de ik-verteller, maar van zijn inspirerende leraar Cosmo, en frapperen niet alleen door hun gebalde karakter, maar ook door hun raakheid. Ze lijken de vragen die de ik-verteller zich in het hele werk stelt, te counteren of te vervolledigen. In de negen andere delen probeert de ik-verteller, alter ego van Albinati, zijn katholieke opvoeding, die hij voornamelijk op school meekreeg, en de beklemdheid van een bepaalde Romeinse bourgeoisie te doorgronden. Hij staat lang stil bij de manier waarop zijn leraren-paters, hem en zijn medeleerlingen kennis probeerden bij te brengen en hoe heel verschillende leerlingen vaak vergelijkbare resultaten behaalden. 
 
Albinati weidt nog meer uit over hoe die katholieke leraren de seksualiteit van hun leerlingen deden beleven. Hypocrisie en onderdrukking leken daarbij nooit ver weg; bovendien was die seksualiteit bij sommigen een vorm van macht, die gewelddadige vormen kon aannemen. Met dat laatste verwijst hij naar het ‘massacro del Circeo’ van 1975, waarbij drie van Albinati’s klasgenoten twee meisjes ontvoerden en verkrachtten, wat een van die meisjes het leven kostte. De ik-verteller beoogt in geen enkele passage een nauwkeurige reconstructie van de wrede feiten, maar probeert in de hoofden van zowel de beulen als de slachtoffers te raken. Heel veel wijzer raakt hij echter niet.
 
Eenzelfde gevoel bekruipt je bij de beschrijvingen van de levenservaringen van het hoofdpersonage: samen met de auteur-ik-verteller kan de lezer die niet volledig te plaatsen en wordt hij telkens opnieuw meegezogen naar die (mis)vormende ‘katholieke’ jeugd. Albinati’s werk is echter ook een tijdsdocument, waarin de (recente) geschiedenis van Italië gehekeld wordt, zonder vernieuwende inzichten weliswaar. Zo lees je in een andere lijst beschouwingen van medeleerlingen en diezelfde Cosmo: 
 
‘In Italië is nooit gebrek vaan het materiaal dat moet worden vormgegeven, integendeel, dat is er in overvloed. Het zou eeuwen duren om dat allemaal te verwerken, alle problemen ervan het hoofd te bieden. De ellende is dat het merendeel van dat materiaal al een vorm heeft, en van inferieure kwaliteit is; en de rest van het materiaal is nog vormloos en zo afzichtelijk van zichzelf dat men bang is om er vorm aan te geven. Daarom hebben schrijvers het uiteindelijk nergens over; of als ze het er wel over hebben, stijgen ze nooit boven het niveau van gebabbel. Ze hebben niet het lef om het vormloze vorm te geven; en wat ze al onhandig uitgedrukt aantreffen in het cliché, laten ze liever zoals het is, of hooguit versterken ze het. De enige bijdrage van schrijvers is een overmaat aan formele felheid, die het vrijwel nooit waagt tot de kern te komen. En intussen blijft de berg aan materiaal maar groeien en groeien…’
 
Met deze uitlating verbindt Albinati naadloos Italiës geschiedenis en literatuur, maar uit hij hiermee ook een vorm van zelfkritiek?
 
Edoardo Albinati: De katholieke school, Atlas/Contact, Amsterdam 2018, 1486 p. Vertaling van La scuola cattolica door Manon Smits en Pieter van der Drift. ISBN 9789025449759. Distributie VBK België 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 3, MAART 2019

De bijzondere syntaxis van onvertaalbare locuties

Jacques Derrida en Veva Leye

De ontembare

Guillermo Arriaga

Fantoommerrie

Marieke Lucas Rijneveld

Nachtouders

Saskia de Coster

Wijzigingen bijhouden

Sayed Kashua

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 3, MAART 2019

De kleur van de zon

David Almond

In de voetsporen van Karel Daarwind

Mārtiņš Zutis

Merel

Sarah Moon

Oma Vogeltje

Benji Davies

Wat ik de bomen wil vertellen

Enzo Pérès-Labourdette

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri