Non-fictie

BOEKEN NR. 2, JANUARI 2019

Jessica van Geel: I love you, Rietveld

door Katja Feremans

Utrecht, 1911. Van een van zijn cliënten krijgt advocaat Frits Schröder een zware eikenhouten schrijftafel cadeau. De makers ervan, vader en zoon Rietveld, komen hun meubelstuk eigenhandig afleveren. Ze bellen aan en worden ontvangen door Truus Schröder (1889-1985), de kersverse echtgenote van de raadsman.

De vrouw aan wie deze biografie is gewijd, neemt geen blad voor de mond. Truus vond het logge bureau vakwerk van de oude stempel en ging over de stijl ervan in discussie met de oude Rietveld. Die kon zijn ergernis niet verbergen, dit in tegenstelling tot zijn zoon Gerrit Rietveld (1888-1964), de toen nog onbekende ontwerper die vanaf de jaren vijftig nationaal en internationaal erkenning voor zijn werk zou krijgen: hij vond in Truus meteen een geestverwante. Hij en Truus verloren elkaar daarna niet meer uit het oog. Eerst spraken ze elkaar vanwege meubelstukken die aan restauratie toe waren, hadden het in één adem over vormgeving, maatvoering en esthetiek, om algauw hun twijfels en hun ideeën over het leven en het geloof met elkaar te delen.

In 1921 sloegen ze de handen voor het eerst echt in elkaar. Omdat Truus haar echtgenoot er niet toe kon overhalen om hun donkere, neoclassicistische herenhuis in een moderner kleedje te steken, had ze ter compensatie carte blanche geëist in één ruimte. Zo verbouwden zij en Gerrit haar boudoir tot haar ‘kamer-met-de-mooie-grijzen’.
 
Deze samenwerking was slechts een opstapje naar een groter project. Rietveld, de grensverleggende pragmaticus die al de Rood-blauwe stoel had ontworpen, was zich gaandeweg meer op architectuur gaan toeleggen en bouwde in 1924 aan de stadsrand van Utrecht een modernistisch huis op vraag van Truus, die inmiddels weduwe was. De vormgeving ervan bepaalden ze samen.
 
Toen Rietveld haar zijn ontwerptekening voor de eerste verdieping toonde, vond zij de binnenmuren er te veel aan. De schuifwanden die daarop als ruimteverdelers zijn ontstaan, waren toen ronduit baanbrekend. Een andere bijzonderheid is het hoekraam dat bestaat uit twee delen die opengaan als ‘uitslaande vleugels’ en dat dankzij de ontbrekende hoekstijl ongehinderd uitkeek op het weidse polderlandschap.
 
Truus ging er in 1925 wonen en dat voor de komende zestig jaar. Het iconische huis, dat de geschiedenisboeken inging als het Rietveld Schröderhuis en in 2000 Unesco werelderfgoed werd, introduceerde Gerrit Rietveld in de groep van kunstenaars verbonden aan De Stijl, het avant-gardetijdschrift waar in de onrust van de Eerste Wereldoorlog een beweging uit ontstond die de kunst radicaal wilde vernieuwen en hoopte om zo de maatschappij ten goede te veranderen. Rietveld streefde naar heldere vormen en werkte graag met de drie primaire kleuren. Rood, geel en blauw komen dus niet toevallig terug in de boektitel, die overigens verwijst naar een van de slotzinnen waarmee Rietveld graag de brieven afsloot die hij aan Truus schreef als hij in het buitenland was: ‘I love you, R’.

Zijn echtgenote, Vrouwgien, overleed in 1957. Tot zolang verdeelde Rietveld zijn aandacht over haar en hun zes kinderen én over Truus, zijn creatieve partner. Jessica van Geel (1973), cultuurhistoricus en voorheen journaliste voor onder meer NRC Handelsblad, brengt het verhaal van de voorzichtig beleden liefde tussen Rietveld en Truus, zonder voorbij te gaan aan de ontregelende gevolgen die hun gereserveerde verhouding had op zijn gezin alsook op haar drie kinderen.
 
Hun verhaal is omstandig, maar tegelijk meeslepend, helder en vlot verteld. Er gaat een handige stamboom aan vooraf en twee uitgebreide fotokaternen plakken gezichten op de protagonisten. Het leven van Truus Schröder omspant bijna een eeuw. In haar biografie verweeft Jessica van Geel behendig de sporen van de politieke en culturele geschiedenis op de levens van alle hoofdrolspelers.
 
Wat ze extra wilde toelichten bij haar onderzoeksbronnen heeft ze aan het eind in opmerkingen gegoten die zijn gerangschikt volgens het hoofdstuk waarop ze betrekking hebben. Veel van het bronmateriaal komt uit familiale en persoonlijke archieven, en ook uit het Rietveld-Schröderarchief waar Truus zelf weliswaar sterk haar stempel op heeft gedrukt.
 
Algemeen wordt evenwel aanvaard dat Truus Schröders gevoel voor ruimte en haar eigenzinnige ideeën op het gebied van binnenhuisarchitectuur van groot belang waren voor Rietveld, ook al werd haar inbreng minder uitgesproken, toen hij zich vanaf de jaren vijftig op grotere architecturale projecten begon toe te leggen. Zowel haar bijdrage aan zijn carrière als hun omzichtige genegenheid voor elkaar worden uitvoerig belicht in deze biografie en familiesaga in één.
 
Jessica van Geel: I love you, Rietveld. Lebowski Publishers, Amsterdam, 2018. 462 p. ISBN 9789048837038

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 2, JANUARI 2019

Bakermat

Luuk Gruwez

De Bourgondiërs. Aartsvaders van de Lage Landen

Bart Van Loo

There There / Er is geen daar daar

Tommy Orange

Toekomstkoorts

Annelies Beck

Vorosjylovhrad

Serhi Zjadan

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 2, FEBRUARI 2019

De schelmenstreken van Reinaert de Vos

Koos Meinderts (bew.), Carll Cneut, Charlotte Dematons e.a. (ill.)

De sprookjesverteller. Sprookjes van overal

Thé Tjong-Khing

Feo en de wolven

Katherine Rundell

Lepelsnijder

Marjolijn Hof, Annette Fienieg (ill.)

Mijn oma is kwijt…

Peter Theunynck, Lies van Gasse (ill.)

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri