Letterkunde

BOEKEN NR. 4, APRIL 2019

Annemiek Recourt: Moralist van de ontrouw. Jan Greshoff (1888-1971)

door Stefan van den Bossche

Hier is de langverwachte biografie van Jan Greshoff (1888-1971), en dat is een heuglijk feit, niet het minst voor een scherper zicht op de Vlaamse letterkunde van het interbellum. Greshoff was op zijn zachtst gezegd alomtegenwoordig. Journalist, dichter, prozaïst van (vooral) egodocumenten en een woelwater die, aldus uitgever Sander Stols, met zijn talloze ideeën tientallen uitgevers richting het faillissement kon drijven. Toegegeven, zijn naam klinkt bij hedendaagse lezers niet meer als een klok, maar literatuurhistorici weten maar al te goed dat zonder Jan Greshoff het verhaal van de Nederlandse letterkunde er helemaal anders had uitgezien. Deze biografie – een meesterstuk pur sang – is een must voor wie zich met de moderne Nederlandse letterkunde wenst bezig te houden.
 
Jan Greshoff was, aldus biografe Annemiek Recourt, vooral een literair promotor: ‘Wie in de eerste helft van de twintigste eeuw een manuscript in zijn bureaulade had liggen, wendde zich bij voorkeur tot Jan Greshoff.’ Immers: ‘Niemand kon zó spontaan aansporen en gul bewonderen als hij.’ Greshoff bewoog zich dan ook op vele letterkundige kruispunten: bevriend met J.C. Bloem, A. Roland Holst, E. du Perron en Menno ter Braak –de onvolprezen Forum-generatie – maar ook met flink wat Vlaamse literaire grootheden in spe, onder wie Karel van de Woestijne, Willem Elsschot en Jan van Nijlen. Elsschot droeg Kaas op aan Greshoff. Van Nijlen wijdde nagenoeg zijn hele oeuvre aan hem. Zou er zonder Jan Greshoff sprake geweest zijn van Elsschot of Van Nijlen? Of van de zo vaak vergeten prozaïst Joris Vriamont? Of – sterker nog – van Angèle Manteau? Zij was het kindermeisje toen de Greshoffs in de zomer van 1927 voor langere tijd neerstreken in Brussel. Geen Manteau zonder Greshoff, en dat wil best wat zeggen.

Er zijn er enkele die geprobeerd hebben het meanderende leven van Jan Greshoff in geschrifte vast te leggen. Er zijn, nog voor dat van Annemiek Recourt, doctoraten over opgestart. Het mocht niet baten. Het leek wel alsof de held van de biografie zijn biograaf veel te vaak te snel af was. Intussen verschenen her en der levensverhalen van auteurs en andere bevoorrechte getuigen van het bestaan van Jan Greshoff: van Willem Elsschot, A. Roland Holst, E. du Perron, Menno ter Braak, J.C. Bloem, Jan van Nijlen en Karel van de Woestijne (jawel, Greshoff is een tijdlang vrij student geweest toen de beroemde Gentenaar in zijn thuisstad Gent literatuur doceerde). Met andere woorden: zo’n Greshoff-biografie mocht toch niet al te lang meer op zich laten wachten. Het ijzer smeden…
 
Maar dat deze lus zoveel tijd in beslag heeft genomen, heeft uiteraard zijn redenen. Wat heeft deze man niet allemaal op touw gezet? Waar was hij niet bij betrokken? Welke buitenlandse grootheid heeft hij in ons taalgebied niet geïntroduceerd? Hij kwam uit een scheepvaartgeslacht maar wist zich uit die Zeeuwse omknelling los te wrikken, ondanks de veelkantige tegenwerking van zijn moeder, een bazig vrouwmens waar ook Greshoffs goede vrienden zich later aan zouden ergeren. Maar vooralsnog was Jan de genereuze vriend – is hij altijd gebleven – die zijn vrienden in nood als geen ander wist bij te staan. Want de beweeglijkheid die zij – Bloem, Van Nijlen en anderen – ontbeerden, had Greshoff ten overvloede.
 
In de persoon van Aty Brunt vond Jan Greshoff de op zijn maat gesneden echtgenote: belezen, vergelijkbare interesses, sociaal en literair beslagen. Zij steunde haar man in zijn vele initiatieven en experimenten. En die waren dus ontelbaar: hij startte de bloemlezing Het Jaar der dichters op, gaf gestalte aan het tijdschrift De Witte Mier, stak van wal met de bibliofiele uitgaven van de inspirerende reeks De Zilverdistel… Met zijn eigen gedichten daarentegen wilde het aanvankelijk niet zo goed lukken, want het tijdschrift De Beweging van de onaantastbare Albert Verwey dat hij voor zijn eigen poëzie voor ogen had, weigerde zijn inzendingen systematisch. Dat weerhield hem er niet van om als dichter te debuteren. Heel wat dichtbundels zouden volgen. Maar vooral de memoires van Greshoff en zijn ontelbare journalistieke bijdragen vormen de kroon op zijn werk.
 
Bovendien presenteren Greshoffs leven en werk een geprononceerde visie op het veranderende Europa van die tijd, vooral dan de jaren van het interbellum. Het is het relaas van een aanpassing van de geesten ook, vooral dan bij Greshoff en heel wat personen uit zijn entourage. Het is genoegzaam bekend dat, bijvoorbeeld, de Italiaanse dictator Mussolini in de eerste helft van de jaren 1920 op nogal wat bijval oogstte bij een aanzienlijk deel van de Nederlandse intelligentsia. Van het doen en laten van de duce werd Greshoff nauwkeurig op de hoogte gehouden door zijn naar Sestri Levante uitgeweken vriend, de romancier Arthur van Schendel. In De Witte Mier steekt Greshoff zijn bewondering voor Mussolini niet onder stoelen of banken. Die idolatrie wordt in die jaren nog aangezwengeld door de jonge edelman Giacomo Antonini, zoon van een Italiaanse officier en een Nederlandse moeder. Met de jaren worden ook deze illusies doorgeprikt, en al zeker wanneer begin de jaren 1930 Hitler ten tonele verschijnt. Voor Greshoff levert het angstwekkende uitzicht op een nieuwe wereldbrand de ultieme aanleiding om het Avondland de rug toe te keren en naar Zuid-Afrika te verkassen, zijn talloze vrienden achterlatend.
 
Annemiek Recourt: Moralist van de ontrouw. Jan Greshoff (1888-1971), Amsterdam, Van Oorschot, 2018, 863 p. ISBN 9789028282315. Distributie Elkedag Boeken 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2019

De grote verkilling

Geert van Istendael

Kamers antikamers

Niña Weijers

Verlaten

Jane Harper

Verwondering

Aharon Appelfeld

Winterlaken

Micha Andriessen

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2019

Adres onbekend

Susin Nielsen

Mag je haaien aaien?

Katrijn De wit, Inge Rylant (ill.), Laura Bergans (design)

Niet te stoppen

Angie Thomas

Ploef

Espen Dekko, Mari Kanstad Johnsen (ill.)

Zo slapen dieren

Jiří Dvořák, Marie Štumpfová (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri