Non-fictie

BOEKEN NR. 5, MEI 2019

Thomas Rueb: Laura H. Het kalifaatmeisje uit Zoetermeer

door Tom Rummens

Enkele jaren geleden hield het verhaal van Laura H. Nederland in zijn greep. Hoe kan een jong Nederlands meisje zo onomkeerbaar in de greep raken van een geradicaliseerde moslim, hoe kan ze het zo ver laten komen dat ze met hem en haar twee kleine kinderen naar het kalifaat trekt? Hoe is ze terug in Nederland geraakt en vooral ook: voert ze na haar terugkomst al dan niet iets in haar schild?
 
NRC-journalist Thomas Rueb besluit zijn tanden in de kwestie te zetten. Aan de hand van vele gesprekken (vooral met Laura zelf en haar vader Eugène) en documenten schetst hij er het verbijsterende verhaal van Laura H. Wat aanvankelijk een krantenartikel zou worden, resulteert uiteindelijk in een vuistdik boek, een journalistieke thriller op het scherpst van de snee.
 
Veel aandacht heeft hij daarbij voor Laura’s jeugd. Die lijkt voortreffelijk te starten. Algauw blijkt haar jongere broertje echter te leiden aan een ernstige, zeldzame, en uiteindelijk fatale ziekte. Haar ouders hebben enkel aandacht voor hem, en uiteindelijk loopt hun huwelijk op de klippen. Het maakt van Laura een onzeker meisje, op zoek naar aandacht. Die vindt ze bij de Marokkaanse jongens in haar klas. Al op hele vroege leeftijd wordt ze ontmaagd. Manipulatie, misbruik, verkrachting, Laura’s toestand wordt er niet rooskleuriger op. Ze komt in aanraking met jeugdzorg en brengt een groot stuk van haar tienerjaren in jeugdinstellingen door.
 
Op zoek naar een nieuwe identiteit schuift Laura steeds meer op richting een zeer radicale islam. Ze draagt een hoofddoek, bekeert zich, en leert uiteindelijk Ibrahim kennen, een uiterst vrome moslim. Bij hem zal ze veilig zijn. Denkt ze. Al snel zal ze merken dat ze verkeerd heeft gedacht, want Ibrahim is niet alleen een vrome moslim maar ook een psychopaat. Zijn mooie praatjes worden naadloos afgewisseld met oeverloze woedeaanvallen. Om het minste timmert hij Laura in elkaar. Om vervolgens te jeremiëren hoeveel spijt hij daarvan heeft.
 
Opnieuw is er een uitweg, en dat is het kalifaat. Daar zal alles beter gaan, daar zal Ibrahim zich thuis voelen en beter voor haar zorgen. Samen met Ibrahim en haar twee kinderen (één uit een vorige ‘relatie’, en een tweede met Ibrahim) trekken ze naar het kalifaat, waar ze uiteindelijk in Mosul zullen belanden. Ibrahim gaat er strijden voor IS, Laura wordt er grote periodes weggestoken in verborgen vrouwenhuizen, of ze doet het huishouden voor Ibrahim. Maar ook hier zijn er twee Ibrahims. Enerzijds de man die op zoek is naar een beter leven en die dolverliefd is op Laura, anderzijds de monsterlijke agressieveling die Laura steeds driester toetakelt, soms gewoon omdat ze een beetje saus morst. Bloedstollend zijn de woorden waarmee Laura haar man beschrijft als de ‘man die haar heeft gebroken, alles ontnomen, die haar in stukken heeft laten vallen en scherven herschikte tot het gammele bouwwerk waar ze nu uit bestaat.’

Het leven in het kalifaat is een ware hel. Het is een heilloos oorlogsgebied, er is geen toekomst. Al gauw blijkt ook dat IS haar vele beloftes niet of nauwelijks nakomt. Er is lange tijd geen huis, nauwelijks voedsel. Het is een tijd en een toestand zonder perspectief. Na een jaar slaagt het gezin erin te ontsnappen. Alleen Laura en de kinderen bereiken uiteindelijk Nederland, waar ze lang opgesloten zit. Justitie is bang dat ze niet gewoon gevlucht is, maar dat ze een opdracht van IS meekreeg en een aanslag op Nederlandse bodem in haar schild voert.
 
Uit het beeld dat Thomas Rueb van Laura schetst, komt die intentie in elk geval niet naar voren. We lezen vooral het verhaal van een slachtoffer. Een moeilijke jeugd, manipulatie, seksueel misbruik, zoeken naar een nieuwe identiteit. Terechtkomen in de losse handen van een foute man met een verkeerd plan. Niet weggeraken. Verder afdrijven, steeds verder, tot ze in een compleet uitzichtloze situatie belandt. Uiteindelijk toch kunnen vluchten. In een Nederlandse gevangenis belanden, staatsvijand nummer één worden, tegen wil en dank.
 
Met Laura H. heeft Thomas Rueb een echt gezicht gegeven aan iets dat tot nu toe alleen maar misleidende maskers had. IS, Syriëstrijders, het kalifaat, moslimfundamentalisten: het zijn fenomenen die in de politieke perceptiestrijd hoog ingezet worden. Het gevolg is dat we er een immer vertroebeld beeld van hebben. Thomas Rueb biedt ons een blik op de waarheid achter dit soort verhalen. En die waarheid is niet minder schrijnend, maar wel veel genuanceerder dan wat er vaak van gemaakt wordt. Alleen al daarom is dit boek de moeite van het lezen meer dan waard.
 
Thomas Rueb: Laura H., Das Mag, Amsterdam 2018, 538 p. : ill. ISBN 9789492478573

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 5, MEI 2019

Brutopia. De dromen van Brussel

Pascal Verbeken

De literatuur draait door

Sander Bax

De patiënten van dokter García

Almudena Grandes

Meneer Janeu

Georges Bernanos

Otmars Zonen

Peter Buwalda

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 5, MEI 2019

De dader

Antonia Michaelis

De geschiedenis van Jane Doe

Michael Belanger

Farwest

Peter Elliott, Kitty Crowther (ill.)

Konijn & Egel. Er komt geen einde aan het einde

Paul Verrept, Nils Pieters (ill.)

Mevrouw Wervelwind

Rindert Kromhout, Jan Jutte

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri