Non-fictie

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Danny Ilegems: Tuymans volgens Tuymans. Twintig jaar in gesprek met Luc Tuymans

door Christophe Van Eecke

Dit jaar wordt Luc Tuymans de grote ster van de Biënnale in Venetië, wat mag gelden als de ultieme bekroning van zijn lange artistieke loopbaan (die uiteraard een zich nog steeds ontwikkelend proces is). In de aanloop naar die feestelijke kroning publiceert Danny Ilegems een boek met de interviews die hij de voorbije twintig jaar met de kunstenaar heeft gevoerd, omkaderd met wat anekdotes en couleur locale over de tentoonstellingen en kringen der internationale superrijken, waarin Tuymans tegenwoordig circuleert.
 
De grote verdienste van het boek ligt in de manier waarop doorheen de verschillende gesprekken en de omkaderende verhalen een zeer goed beeld ontstaat van Tuymans als mens en kunstenaar, zijn opvattingen over zijn werk, zijn houding tegenover de kunstwereld, en de motieven die hem drijven. Ondanks de stuursheid van zijn imago komt Tuymans hier uiteindelijk als een beminnelijke dwarsligger naar voren en helpen de gesprekken wezenlijk om zijn werk te begrijpen: de lectuur van dit boek doet de waardering voor het werk toenemen. Tuymans is voor mij altijd een weerbarstig figuur geweest en ik heb zijn werk ook niet op de voet gevolgd: ik behoor niet tot de kring van ademloze bewonderaars. Door dit boek zal men zich ook niet tot die kring bekeren (en zo hoort het ook: met hagiografie schiet niemand iets op, ook Tuymans niet), maar het verdiept wel de waardering en het respect voor het oeuvre en maakt op een ongedwongen manier de ernst en toewijding duidelijk waarmee Tuymans aan zijn oeuvre bouwt.
 
Verschillende motieven komen doorheen de jaren steeds terug. Zo spreekt Tuymans zeer lucide over de commerciële en zakelijke machinaties van de kunstwereld, waar hij al bij al geen hoge pet van op heeft. Hij vertelt hoe hij samen met zijn galeriehouders bewust de speculatie met zijn werk vermijdt door kortingen aan te bieden aan musea (zodat het werk voor het publiek toegankelijk blijft), aan een divers publiek te verkopen, en met name het werk uit handen te houden van verzamelaars die enkel als speculanten aankopen. Doorheen zijn argumentaties komt Tuymans naar voren als een hoogbegaafd maar nuchter kunstenaar, die weet dat kunst ook big business is, maar die zich toch weet te vrijwaren van de perversies van dat systeem. Dat Tuymans wordt gevierd als de meest invloedrijke levende schilder en niet als de meest invloedrijke levende kunstenaar tout court zegt bijvoorbeeld heel weinig over Tuymans, maar heel veel over hoe de kunstwereld functioneert, hoe kapitaal daar circuleert, en hoe de prijzen worden uitgedeeld. Tuymans is zich bewust van die nuances en kijkt er met zekere ironische afstand naar.
 
Een ander belangrijk thema is het geweld dat niet alleen doorheen het hele oeuvre waart (vaak latent en moeilijk concreet te duiden) maar ook door het leven van de kunstenaar, die na een moeilijke jeugd (hij werd systematisch gepest) jarenlang als buitenwipper werkte in het nachtleven en ook in zijn schilderijen graag de vinger op maatschappelijke pijnpunten legt, zoals de manier waarop ons koningshuis geïmpliceerd werd in de moord op Lumumba. Tegenover diegenen die hem hebben gekwetst, koestert Tuymans een langdurige vruchtbare wrok en hij beleeft een zeker pervers genot aan de rancune en de wraak, ongetwijfeld gevoed door de wetenschap dat hij voldoende in het leven heeft bereikt om de rancune ook waar te kunnen maken.
 
Het is jammer dat de katern met afbeeldingen vrij beperkt is, want men zou iets vaker graag het beeld kunnen zien dat in de gesprekken aan bod komt, en nu en dan is Ilegems zelf misschien iets te nadrukkelijk aanwezig in de omkaderende teksten. Maar als kennismaking met en inleiding tot een belangrijk hedendaags kunstenaar is dit een heel geslaagd boek, niet het minst omdat het vrij is van de pedante toon die men al te vaak in dit soort publicaties aantreft.
 
Danny Ilegems: Tuymans volgens Tuymans: Twintig jaar in gesprek met Luc Tuymans, Lebowski, Amsterdam 2019, 176p. : ill. ISBN 9789048849574 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Ik zal de wereld nooit meer zien. Aantekeningen uit de gevangenis

Ahmet Altan

Kamer in Oostende

Koen Peeters

Lief slecht ding

Frank Keizer

Onrustige dagen

F.B. Hotz, Thomas Heerma Van Voss (sam.)

SS Proleterka

Fleur Jaeggy

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2019

* De eerste avonturen van de Rode Ridder, 1959-1961

Een ridder voor alle seizoenen

De boom met het oor

Annet Schaap, Philip Hopman

Mijn mama

Annemarie van Haeringen

Poëzie hardop

Hans Hagen, Monique Hagen, Maartje Kuiper (ill.)

Twee maal op reis door het brein.

Verdwalen in Breinstein of inzicht in het hoofd

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri