Nederlands proza

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Evelien Vos : Niemand keek omhoog

door Ans Vervaet

‘“Soms wou ik dat in de Tweede Wereldoorlog geboren was,” zei een jongen op een kruk op het podium, “want wij twintigers maken natuurlijk niets mee.”’
 
Evelien Vos schreef met haar debuutroman Niemand keek omhoog een verhaal over een dolende, middenklasse twintiger. Zulke personages bevolken reeds meerdere boeken, maar Vos maakt indruk door met weinig woorden veel te zeggen. Kleine situaties en korte gesprekken worden veelzeggend door de ogen van iemand met een zeer goed observatievermogen. Tegelijk schetst Vos een mooi beeld van een generatie met veel dromen en keuzemogelijkheden, die vaak resulteren in een vorm van apathie en weinig daadkracht. Maar bovenal gaat Niemand keek omhoog over eenzaamheid en hoe die subtiel je leven in kan sluipen, want het blijkt vaak moeilijk te zijn oprechte aansluiting te vinden bij de mensen om je heen.  
 
Niemand keek omhoog
is opgebouwd uit drie delen. In het eerste deel speelt het verhaal zich af in Amsterdam en wordt de band geschetst die Lucy met haar familie heeft. Zo gaat ze wekelijks op bezoek bij haar opa, die zich nochtans schaamt voor haar, want: ‘Wat een pathetische business. Schrijven. En niet eens een boek.’ Haar broer ziet ze regelmatig, maar hun relatie wordt minder spontaan wanneer hij een vaste vriendin krijgt. De band met haar ouders is ronduit problematisch. Haar moeder vindt dat Lucy tekortschiet en zegt haar dat ook vlakaf: ‘Je kan alles en je doet niets. Geen baan, geen leuke vriendenkring. Ik kan het niet meer aanzien.’  
 
Als haar ouders aankondigen dat ze naar Zweden verhuizen, blijkt Lucy niet veel later eenzelfde beslissing te hebben genomen: deel twee vangt aan in Madrid. Hier probeert Lucy haar leven duidelijk om te gooien, houdt ze vast aan het idee dat je opnieuw kan beginnen – ook al is haar enige houvast en bron van contact in de stad een oude jeugdliefde. Het derde deel gaat verder nadat er een schokkende gebeurtenis in Madrid heeft plaatsgevonden. Die heeft Lucy’s gedachten en leefwereld grondig door elkaar geschud; alles wordt plotseling intenser beleefd. En toch, het lijkt alsof ook hierna het leven weer verder zal kabbelen, in de rivier waarin we allemaal onvermijdelijk de stroming volgen.  
 
Naar die stroom van het leven lijkt ook het omslag te knipogen: een school vissen zwemt allemaal dezelfde richting uit. Het hoofdpersonage doet wel een poging om tegen de stroom in te zwemmen, maar moet toegeven dat ze hier niet in slaagt. Uiteindelijk volgen we allemaal die stroom, hoe je het ook draait of keert. We blijken allemaal minder speciaal te zijn dan we hopen en ons leven is geen film – hoe graag we het ons ook anders voorstellen.  
 
‘In het park stopte ik onder een boom met grote bruine bladeren en hapte ik naar adem. Ik liet mezelf op de grond zakken en sloeg mijn armen om mijn knieën en voelde me mislukt, omdat dit geen film was. Dit was mijn leven, alleen, zonder plan, onder een boom waarvan ik de naam niet eens wist.’
 
In Niemand keek omhoog gebeurt veel en weinig tegelijk. Er sterft een opa, ouders  
verhuizen, het hoofdpersonage verhuist zelf, er wordt een relatie beëindigd en aangegaan. Maar Lucy blijft hetzelfde: ze rookt, ze drinkt koffie, ze vertaalt een paar teksten. Ze geeft zichzelf nooit volledig bloot en je leert haar als lezer ook niet echt kennen. Het zijn de kleine handelingen die een beeld geven van haar leven en de personages en omgeving rondom haar. Het zijn dan ook de beschrijvingen van het dagelijkse leven, van de kleine dingen, die Niemand keek omhoog tot een heel mooi boek maken.
 
‘De stroom auto’s die rond deze tijd voor de tweede keer huiswaarts ging, haperde niet. Niemand keek omhoog.’
 
Evelien Vos: Niemand keek omhoog, Van Oorschot, Amsterdam, 2019, 171 p. ISBN 9789028282254. Distributie Elkedag Boeken 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Ik zal de wereld nooit meer zien. Aantekeningen uit de gevangenis

Ahmet Altan

Kamer in Oostende

Koen Peeters

Lief slecht ding

Frank Keizer

Onrustige dagen

F.B. Hotz, Thomas Heerma Van Voss (sam.)

SS Proleterka

Fleur Jaeggy

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2019

* De eerste avonturen van de Rode Ridder, 1959-1961

Een ridder voor alle seizoenen

De boom met het oor

Annet Schaap, Philip Hopman

Mijn mama

Annemarie van Haeringen

Poëzie hardop

Hans Hagen, Monique Hagen, Maartje Kuiper (ill.)

Twee maal op reis door het brein.

Verdwalen in Breinstein of inzicht in het hoofd

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri