Toneel

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Ramsey Nasr: Mijn Dood in Venetië

door Tom Rummens

Schrijver Thomas Mann is halverwege de dertig wanneer hij op vakantie in Venetië een jonge knaap ontmoet. De historie inspireert hem tot het schrijven van een van de bekendste novelles uit de westerse literatuur: De dood in Venetië, waarin het niet Mann zelf is, maar Gustav von Aschenbach die de jongen ontmoet. En die, juist omdat hij niet Mann zelf is, net iets verder kan gaan in zijn adoratie voor het kind, die niet louter platonisch blijkt te zijn.  
 
Ivo Van Hove, topregisseur bij Toneelgroep Amsterdam (nu ITA, oftewel Internationaal Theater Amsterdam), vroeg Ramsey Nasr, naast schrijver ook acteur bij het gezelschap, om op basis van De dood in Venetië een theatertekst te schrijven. In de uiteindelijke voorstelling zou het overigens Ramsey Nasr zelf zijn die de rol van Gustav von Aschenbach op zich neemt.
 
Nasr ging dus graag op Ivo Van Hove’s vraag in, maar was nog nooit in Venetië geweest. Tijd dus om daar verandering in te brengen. Hij brengt zijn tijd door op San Girogio Maggiore, een zo goed als onbewoond eilandje (er wonen enkel een paar paters), recht tegenover het oude centrum van Venetië. Van op dat eiland begint hij te schrijven aan zijn theaterbewerking.  
 
Mijn dood in Venetië is de neerslag daarvan. Het boek bestaat uit twee delen: eerst geeft Nasr een verslag van zijn queeste weer, vervolgens wordt de uiteindelijke theatertekst afgedrukt. Het is een interessante formule, toch voor wie ze zoals Nasr beheerst, want theaterteksten op zich zijn zelden echt interessante lectuur, ze staan vaak slecht op zichzelf, eenvoudigweg omdat ze daar niet voor gemaakt zijn. Door het schrijfproces te documenteren krijg je als lezer een inzicht in de achterkant van de theatertekst, en dat maakt van Mijn dood in Venetië een bijzonder lezenswaardig document.  
 
De uiteindelijke theatertekst, die het tweede deel van het boek omvat, leest door wat eraan voorafging als een cadeau. Nasr slaagt er meesterlijk in om alle lagen samen te brengen. Het gevecht tegen de dood, de onverzadigbare drang naar schoonheid, de knapenliefde als een oeverloos verlangen om de leegte en de eenzaamheid te verdrijven.

Want Nasr toont zich een begenadigd analist, voor wie de zoektocht naar wie Thomas Mann nu eigenlijk was, grondig verweven is met het hier en nu. Mann is enerzijds een personage uit vroegere tijden, een archaïsch type dat op geen enkele manier meer past in onze tijd. Maar anderzijds voelt Nasr zich ook zelf wel een soort Thomas Mann, een figuur die eeuwig lijkt te worstelen met het conflict tussen de wereld buiten hem, een wereld vol strijd en onrechtvaardigheid, en de wereld in hem, onophoudelijk gericht op het sublieme en de schoonheid van kunst en literatuur. Zo zie je Nasr zitten, op zijn quasi privé-eiland, afgeschermd van (maar uitkijkend op) de werkelijkheid en gravend in het verleden, en op die manier vooral zoekend naar zichzelf.  
 
Ramsey Nasr: Mijn Dood in Venetië, De Bezige Bij, Amsterdam 2019, 174 p. ISBN 9789403143309. Distributie Standaard Uitgeverij

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Ik zal de wereld nooit meer zien. Aantekeningen uit de gevangenis

Ahmet Altan

Kamer in Oostende

Koen Peeters

Lief slecht ding

Frank Keizer

Onrustige dagen

F.B. Hotz, Thomas Heerma Van Voss (sam.)

SS Proleterka

Fleur Jaeggy

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2019

* De eerste avonturen van de Rode Ridder, 1959-1961

Een ridder voor alle seizoenen

De boom met het oor

Annet Schaap, Philip Hopman

Mijn mama

Annemarie van Haeringen

Poëzie hardop

Hans Hagen, Monique Hagen, Maartje Kuiper (ill.)

Twee maal op reis door het brein.

Verdwalen in Breinstein of inzicht in het hoofd

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri