Poëzie

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Tomas Lieske: Keto Stiefcommando

door Dirk De Geest

Tomas Lieske geniet een ruime bekendheid als prozaschrijver maar ook als dichter. In 2007 werd hij trouwens bekroond met de VSB-Poëzieprijs, terwijl zijn roman Franklin enkele jaren daarvoor de Librisprijs won. Dat Lieske zich niet zoveel aantrekt van de traditionele scheiding tussen de genres, blijkt zeker uit zijn recente ‘dichtbundels’, die zowel poëtische als prozaïsche fragmenten bevatten en in feite de genre-indeling overstijgen.
 
In Daedalea (2016) koos Lieske al voor Parijs als decor van een multiculturele samenleving. In die ruimte voerde hij een aantal Afrikaanse inwijkelingen op die, onder impuls van Keto Stiefcommando, op straat een toneelspel opvoeren over Mosje (een kruising van Noach en Mozes) die de maatschappelijke verschoppelingen zou wegvoeren naar een beloofd land. Dat ambitieuze literaire project resulteerde in een bijzonder hybride tekst, met verhalende fragmenten en een heel aantal stemmen die ook poëtisch tot uitdrukking kwamen. In zijn jongste bundel, Keto Stiefcommando, bouwt hij voort op dat schema, maar ditmaal is de scheiding tussen gedichten en commentaren in proza opnieuw helderder.
 
De overkoepelende idee is een stoet, waar de personages beeltenissen meedragen van allerlei idolen, die ze in tijdschriften hebben leren kennen. Die personages (chronologisch gerangschikt naar hun overlijdensdatum) zijn bijzonder heterogeen, van Jeanne d’Arc tot de call girl Christine Keeler, van Eiffel of de luchtvaartpionier Blériot tot staatslui of de schilder Francis Bacon. Ze symboliseren op die manier de diversiteit van ons culturele geheugen, maar in feite ook de verbrokkeling van een eenduidig pantheon van grootheden tot een onoverzichtelijk amalgaam van woorden. Volgens het verhaal van de bundel zouden die foto’s in een optocht meegedragen worden naar de basiliek van Saint-Denis, waar veel beroemdheden werden begraven. Tegelijk schrijven de diverse personages een gedicht waarin ze de kindertijd van hun helden oproepen. De thematische verscheidenheid zou zo moeten uitmonden in een groot aantal tonen en stijlen, maar in de praktijk blijkt het toch moeilijk om die vele ‘dichters’ uit elkaar te houden. Elke spreker heeft wel zijn eigen voorkeuren en typische woordkeuze in de begeleidende commentaren, maar die accenten krijgen in de gedichten zelf veel minder nadruk. Dat verstevigt ongetwijfeld de coherentie van het project, maar tegelijk ondermijnt het gedeeltelijk het opzet ervan.
 
Hoe dan ook zijn de resultaten fascinerend. Het is boeiend om zien hoe de Afrikaanse sprekers hun eigen migratieachtergrond verwerken in hun teksten, waardoor een andere visie tot stand komt dan de clichés uit onze ‘vaderlandse’ geschiedenis. Schandaaltjes worden niet uit de weg gegaan en helden vallen van hun voetstuk. Nog interessanter zijn de verzen in de ik-vorm, die de historische personages zelf aan het woord laten komen. Hier is sprake van vragen, van anekdotes, van alternatieve interpretaties. Telkens is de dichter Lieske echter duidelijk aanwezig, met zijn voorkeur voor een barokke taal, voor opsommingen en uitwaaierende zinnen. Ondanks de bijzonder ingewikkelde structuur – Graat voorziet de bundel nog eens van commentaren over de stoet, terwijl Keto Stiefcommando nog eens een ander personage introduceert – is de bundel een overtuigend geheel. Lieske laat zien dat hij een belangrijk schrijver is, iemand die met beide voeten in deze tijd staat, maar daarbij niet uit het oog verliest dat de kracht van poëzie niet (enkel) ligt in de boodschap maar vooral in de energieke taalbouwsels.
 
Tomas Lieske: Keto Stiefcommando, Querido, Amsterdam 2019, 111 p. ISBN 9789021416731. Distributie Standaard Uitgeverij  

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Ik zal de wereld nooit meer zien. Aantekeningen uit de gevangenis

Ahmet Altan

Kamer in Oostende

Koen Peeters

Lief slecht ding

Frank Keizer

Onrustige dagen

F.B. Hotz, Thomas Heerma Van Voss (sam.)

SS Proleterka

Fleur Jaeggy

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2019

* De eerste avonturen van de Rode Ridder, 1959-1961

Een ridder voor alle seizoenen

De boom met het oor

Annet Schaap, Philip Hopman

Mijn mama

Annemarie van Haeringen

Poëzie hardop

Hans Hagen, Monique Hagen, Maartje Kuiper (ill.)

Twee maal op reis door het brein.

Verdwalen in Breinstein of inzicht in het hoofd

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri