Poëzie

BOEKEN NR. 6, JUNI 2020

Els Moors: Knalpatronen / Pyrotechnies / Knallkörper

door Dirk De Geest

Na Charles Ducal en Laurence Veille was Els Moors onze derde Dichter des Vaderlands. In die (grotendeels symbolische) hoedanigheid was zij niet enkel de promotor van poëzie binnen de landsgrenzen (en over de taalgrenzen heen), zij vertegenwoordigde ook onze literatuur in het buitenland. En bovenal, zij vertolkte en vertaalde wat leeft in onze maatschappij in een toch wel turbulente tijd.
 
Knalpatronen verzamelt de oogst van die werkzaamheden, en het is veelbetekenend dat dit boek verschijnt als een co-uitgave van het Vlaamse Poëziecentrum en de Franstalige Brusselse uitgeverij maelstrÖm. De teksten zijn overigens opgenomen in de drie landstalen (Frans, Nederlands, Duits). Dat Moors daarenboven een enkele keer het Arabisch toevoegt, is veelzeggend voor haar kijk op onze samenleving. Voor haar, als in Brussel wonende en werkende dichter, is het Arabisch zowat de vierde landstaal, en daarenboven verbindt het onze westerse cultuur met een onmetelijk rijke oosterse traditie.  
 
Bij haar aantreden bracht Els Moors een boeiende maar nogal associatieve beschouwing, deels anekdotisch en deels ook programmatisch, waarin ze reflecteert over haar dichterschap en over haar nieuwe poëtische missie. Met dit essay opent het boek dat haar activiteiten in kaart brengt. Het betoog begint niet toevallig in de wereldstad Berlijn, een smeltkroes waar de dichteres dakloze vrouwen ontmoet, een transgender man, een Iraanse taxichauffeur. Samen met de filosoof Badiou brengen ze Moors tot de centrale probleemstelling van haar project: de problematische relatie tussen dichter en gemeenschap.  
 
Aan de ene kant is niet meer duidelijk hoe de dichter vandaag in de wereld moet staan, in hoeverre zijn poëtische project in de weg kan staan van zijn sociale roeping. Aan de andere kant is ook de ‘ander’ niet te veralgemenen in termen van gender, ideologie of politiek. De aloude tegenstellingen blijken, in hun overzichtelijke organisatie en hun drang om mensen en groepen uit te sluiten, niet langer van tel. Het enige model dat nog werkzaam lijkt is de ontmoeting van mens tot mens, en het is in die zin dat de meeste gedichten in deze bundel willen functioneren. Geen waarheden of onwrikbare principes maar persoonlijke getuigenissen, geworteld in de ervaring van vandaag maar met een open blik op andere perspectieven.  
 
Die thema’s komen ruimschoots aan bod in de daaropvolgende reeksen gedichten. Doorgaans zijn ze ontstaan als gevolg van een specifieke gelegenheid, maar Moors probeert dat gegeven uit te puren door veralgemening en abstractie. De eerste reeks gedichten heeft het bijvoorbeeld over ‘wij’ en ‘onze steden’, maar tegelijk ook over vaders en de geschiedenis, over onze publieke ruimte, over disciplinering en het indammen van de natuur, over de problemen van de grote stad op onze dagen en zoveel meer. Maar bovenal gaat het om sterke gedichten die drijven op de kracht van associaties en beelden. Andere teksten zijn dan weer intimistischer van toon maar tegelijk leggen zij getuigenis af van het engagement van de dichter voor de natuur, voor de mystiek van wouden en de stilte in het spoor van de middeleeuwse mystici. Daartussen staat dan weer een toegankelijk lied voor de klimaatactivisten. Het laat zien hoe deze verzameling heterogeen is maar toch telkens weer stilistisch en qua toon op maat van de dichter Els Moors met haar dromerige, soms licht surrealistische sfeer.  
 
Knalpatronen eindigt met een bijzonder intrigerend experiment. Els Moors heeft, samen met haar voorganger Laurence Veille, nieuwe gedichten geschreven bij de zogenaamde ‘kruiswoorden’, de zeven zinnen die door Jezus Christus voor zijn dood werden uitgesproken (en vaak ook op muziek zijn gezet). Moors heeft daarbij vooral oog voor de eenzaamheid van de menselijke Jezus, die niet langer overtuigd lijkt van zijn ambitieuze missie en daardoor bijzonder kwetsbaar overkomt. Veille kiest daarentegen voor een soort van hymnische poëzie, waarin ze vooral het vrouwelijke standpunt van Maria Magdalena aan het woord laat. Alleen al om deze afsluitende reeks is dit boek zijn aankoop dubbel en dik waard.
 
Els Moors: Knalpatronen. Pyrotechnies; Knallkörper, Poëziecentrum/ maelstrÖm reEvolution, Gent/Brussel 2020, 217 p. ISBN 9789056553685/ 9782875053596

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2020

Brieven in de nacht

Hoda Barakat

De onvolmaakten

Ewoud Kieft

De poort

Natsume Sōseki

Het verschroeide land

Emiliano Monge

Ieder zijn eigen meer

Nenad Joldeski

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2020

Dick Bruna

Bruce Ingman, Ramona Reihill

Het boek van Jongen

Catherine Gilbert Murdock, Ian Schoenherr (ill.)

Ik heet Reinier en ons huis is afgebrand

Joke van Leeuwen

Offerkind

Rob Ruggenberg

Vogel Vliegop

Julia Donaldson, Catherine Rayner (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri