Vertaald proza

BOEKEN NR. 7, JULI 2020

Peter Handke: De angst van de doelman voor de strafschop

door Carl De Strycker

Dat Peter Handke de Nobelprijs Literatuur 2019 werd toegekend lokte bij sommigen hevige reacties uit. Had deze auteur zich niet genadeloos gecompromitteerd door in de Joegoslavische burgeroorlog de kant te kiezen van Servië en zelfs te speechen op de begrafenis van Slobodan Milosevic? Zijn politieke stellingnames hebben sinds de jaren 1990 Handkes literaire werk in de schaduw gesteld. In het Nederlands was er eigenlijk geen titel meer leverbaar van hem: in 2009 deed Wereldbibliotheek nog een poging met de korte roman Kali, gevolgd door Nacht op de rivier in 2013; bij Koppernik verscheen in 2016 Gedicht aan de duur. Maar toen de bekroning kwam, moesten die titels herdrukt worden om nieuwsgierige lezers een idee te geven van het werk van de laureaat.   

Dat hij een auteur van Europees formaat is, die best wat bakens heeft verzet, staat buiten kijf. Zijn stuk Publikumsbeschimpfung (1966) was revolutionair omdat het de conventies van het theater radicaal ter discussie stelde, maar ook zijn romans De korte brief bij het lange afscheid (1972) en Wunschloses Unglück (1971), waarmee hij op de zelfmoord van zijn moeder reageerde, zijn baanbrekend. Handke wordt gezien als de grondlegger van wat in de Duitse literatuur ‘de nieuwe innerlijkheid’ is gaan heten: verhalen waarin introspectie en de zoektocht naar het zelf centraal staan. De moderne klassieker De angst van de doelman voor de strafschop (1970) sluit daarbij aan en de herziene vertaling die Koppernik op de markt bracht, biedt nu de kans om Handke te (her)ontdekken als een auteur van Europees formaat.
 
Hoofdfiguur is Jozef Bloch, een ex-doelman, die wanneer hij op zijn werk aankomt, de indruk krijgt dat hij ontslagen is, waarop hij door Wenen gaat zwerven. De fysieke tocht is tegelijk een existentiële verkenning van het eigen ik. Hij neemt een hotelkamer, belt vrienden, gaat op café, pikt een scharrel op en vermoordt die, waarop hij de stad uit vlucht naar een bergdorpje. Dat alles wordt geobserveerd, schijnbaar objectief, alleszins zonder enige emotie. Waarneming en perceptie, en de wijze waarop je reageert op de prikkels uit de realiteit, zijn dan ook de belangrijkste thema’s in dit boekje. Zoals al uit de openingsscène blijkt, heeft Bloch een danig vertekende kijk op de wereld, wat hem een aantal bizarre beslissingen doet nemen. Hij lijkt de pedalen kwijt, en het gaat zelfs zo ver dat hij zijn taal verliest en enkel nog maar objecten registreert, wat in de tekst aangegeven wordt met tekeningetjes in plaats van woorden. Waarna hij opnieuw tot zichzelf lijkt te komen en hij met behulp van een metafoor greep tracht te krijgen op zijn situatie. Hij vergelijkt zijn toestand met de dispositie van de keeper wanneer die tegenover een voetballer staat die een penalty mag trappen: dan moet hij zijn tegenstander heel goed observeren en vervolgens een bepaalde hoek kiezen. Heel moeilijk is dat, en de doelman in de laatste zin van dit verhaal houdt de bal wel tegen, maar door gewoon roerloos te blijven staan…
 
Een vervreemdend boek, door de gevoelloze vertelwijze, het onwaarschijnlijke verhaal, maar zeker ook doordat voortdurend blijkt dat de taal genadeloos tekort schiet om de werkelijkheid, en zeker de innerlijke realiteit te vatten. In die zin kan je De angst van de doelman voor de strafschop op verschillende manieren lezen: als een experiment dat de verhalende literatuur wil vernieuwen, als het verslag van een existentiële crisis en/of als een filosofisch werk in de grote Duitse traditie van de scepsis tegenover de taal. Wie dat allemaal kan op 100 bladzijden is een groot literator.
 
Peter Handke: De angst van de doelman voor de strafschop, Koppernik, Amsterdam, 2019, 112 p. ISBN 9789492313966. Vertaling van Die Angst des Tormanns beim Elfmeter door Gerrit Bussink. Distributie Elkedag Boeken 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2020

Brieven in de nacht

Hoda Barakat

De onvolmaakten

Ewoud Kieft

De poort

Natsume Sōseki

Het verschroeide land

Emiliano Monge

Ieder zijn eigen meer

Nenad Joldeski

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2020

Dick Bruna

Bruce Ingman, Ramona Reihill

Het boek van Jongen

Catherine Gilbert Murdock, Ian Schoenherr (ill.)

Ik heet Reinier en ons huis is afgebrand

Joke van Leeuwen

Offerkind

Rob Ruggenberg

Vogel Vliegop

Julia Donaldson, Catherine Rayner (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri