Nederlands proza

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

Bernard Wesseling: Midzomer, stadsmoe

door Marlies van Breda

Hoewel Bernard Wesseling bij het grote publiek minder bekend is, heeft hij al drie romans en vier dichtbundels op zijn naam staan die lovend besproken werden. Zijn nieuwste roman Midzomer, stadsmoe past zowel qua thematiek als qua stijl binnen dit oeuvre.   

De roman bestaat uit vier delen die de titels ‘Vallen’, ‘Zweven’, ‘Bidden’ en ‘Landen’ dragen. Deze titels roepen – met uitzondering van de derde – een voortgaande beweging op en symboliseren zo de ontwikkeling die de hoofdpersoon doormaakt. Inhoudelijk is het eerste deel het sterkste en zet het derde deel het meeste aan tot reflectie.
 
Hoofdpersoon en ik-verteller in Midzomer, stadsmoe is de Amsterdamse fietskoerier Rochus Veldman, een einzelgänger die na zijn werk vanuit zijn appartement het leven van anderen observeert, maar niet in staat is aan dit leven deel te nemen. Die onmacht komt onder andere voort uit de omgang met Sjako, een wereldverzaker, die hij als vijfentwintigjarige tot rolmodel gekozen heeft.
 
In het eerste deel voelt Rochus hoe de bodem onder zijn bestaan wordt weggeslagen als Sjako vermist wordt. Hij voelt zich ‘geestelijk leeg’, maar begrijpt ook dat hij ‘uit Sjako’s ban’ moet zien te raken. Hiertoe zet hij het levensverhaal van Sjako op papier en doet hij verslag van zijn eigen dagelijkse beslommeringen. Toch geraakt hij in een identiteitscrisis en vereenzelvigt hij zich steeds meer met Sjako. Zijn relatie met Alma, de eigenaresse van een kledingzaak, helpt hem zijn sociale isolement te doorbreken.
 
In het tweede deel wordt het begin van hun relatie beschreven. Alma haalt hem over om met haar naar Lesbos te reizen om hulp te verlenen aan de vluchtelingen. Het derde deel speelt zich op het Griekse eiland af. In tegenstelling tot de salonactivist Sjako wil Rochus daadwerkelijk in actie komen tegen de misstanden. Hij merkt echter al snel dat zijn inspanningen nauwelijks verschil maken. Hij plaatst niet alleen vraagtekens bij het nut van de hulpverlening, maar ook bij zijn eigen motieven: ‘ik kan zoveel goeddoen als ik wil, maar als ik niet de juiste motieven bij mezelf vind, is het niets waard.’ Zijn frustratie bereikt een climax, waarna hij een volkszanger die in het opvangkamp optreedt, een vuistslag geeft. Voor het eerst heeft Rochus een daad gesteld: hij heeft zich ‘gewroken op de stompzinnigheid’. Het vierde deel speelt zich opnieuw in Amsterdam af. Hoewel de relatie met Alma uit is, vervalt Rochus niet opnieuw in somberheid. Hij heeft Sjako’s verdwijning geaccepteerd en zijn weg in het leven gevonden.
 
Midzomer, stadsmoe past binnen het oeuvre van Wesseling. Net als in zijn eerdere romans maakt de verteller een ontwikkeling door en valt degene die hij tot rolmodel gekozen heeft, door de mand. De verteller moet daardoor verantwoordelijkheid voor zijn eigen leven leren nemen. Als een rode draad loopt ook de ‘coming of age’ van één van de nevenpersonages door dit verhaal: Rochus voert gesprekken met Sjako’s nichtje; haar vragen helpen hem uiteindelijk zijn gevoelens te plaatsen.
 
Dat Bernard Wesseling al een aantal prijswinnende dichtbundels op zijn palmares heeft staan, is te merken aan het taalgebruik in Midzomer, stadsmoe. De ritmiek van de zinnen en de metaforiek maken duidelijk dat de auteur zijn zinnen zorgvuldig opgebouwd heeft. De lezer voelt de snelheid van de fietskoerier en de frustratie van de hulpverlener. Sommige alinea’s in Midzomer, stadsmoe zijn in de tweede persoon geschreven, waardoor het lijkt alsof de lezer direct aangesproken wordt. Toch fungeren deze fragmenten meer als innerlijke monoloog: de verteller zet zijn gedachten op een rijtje. Deze ‘techniek’ paste de schrijver al eerder toe in zijn roman Portret van een onaangepaste.
 
Het verhaal leest als een trein. De licht ironische stijl en de verwijzingen naar de actualiteit maken de roman ook toegankelijk voor jongeren. De kritische kanttekeningen bij de sociale verhoudingen maken Midzomer, stadsmoe een mooie zedenschets van de huidige maatschappij.
 
Bernard Wesseling: Midzomer, stadsmoe, Querido, Amsterdam 2020, 269 p. ISBN 9789021421377. Distributie L&M Books 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

De bruidsvlucht

Annemarie Estor

Het hellen van een leven

Luis Carrasco

Kindertijd

Tove Ditlevsen

Oorlogsdagboek. Met brieven van Jack Hamesh

Ingeborg Bachmann

Solituden, songs

Jacques Hamelink

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

Alfabet

Charlotte Dematons

Dit is Jeruzalem

Stanislav Setinský

En de wereld zei ja

Kaia Dahle Nyhus

Het verlangen van de prins

Marco Kunst

Oliver Twist

Tiny Fisscher (bew.), Annette Fienieg (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri