Vertaald proza

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

Vivian Gornick: Een vrouw apart. En de stad

door Elisabeth Francet

Het comfort van vreemden 

 'Alsof er een kippenbotje in mijn strot zit.' Leonard zucht wanneer zijn goede oude vriendin Vivian vraagt hoe het leven ervoor staat. Vivian en Leonard treffen elkaar wekelijks in hun thuisstad New York en doen bijna niets anders dan wandelen en praten. Leonard is cynicus en homoseksueel; Vivian een pittige feministe, een alleenstaande 'vrouw apart'. Verongelijktheid is hun beider grondhouding.
 
Een vrouw apart. En de stad is een bundel observaties van een solitaire ziel die zich laat meedrijven op de gestage stroom van 'stukjes mens' en 'halve gezichten' in een metropool. De Amerikaanse schrijfster en literaire laatbloeier Vivian Gornick (1935) ziet de menigte als een entiteit. Ze probeert te kijken door het vernis van het stadsgewoel en de banaliteit van conversaties. Al dan niet samen met Leonard, doorkruist ze de stad en reflecteert over vriendschap, geestverwantschap, literatuur en liefde.
 
Vivian Gornick verwierf in 2015 bekendheid bij het grote publiek, vooral dankzij haar scherpzinnige reflecties op het grootsteedse bestaan. Ze zag New York veranderen van een uitgesproken burgerlijke, witte en poëtische stad in een bont gekleurde, zakelijke metropool waar de anonimiteit floreert. De excentrieke Gornick groeide op in de Bronx. Manhattan werd het mysterieuze walhalla waarnaar ze zou blijven hunkeren: de brede statige lanen waar de kunstzinnigen en intellectuelen wonen en straatventers met sieraden, radio's en boeken leuren. Omdat de deuren naar het glamoureuze gezelschap voor haar gesloten bleven, hield ze zich vooral op aan de rand. De materiële rijkdom van de bourgeois-bohémiens laat haar nog steeds onverschillig. Gornick maalt niet om bezit. Ze wil hen observeren in hun habitat, net zoals ze de misdeelden belangstellend gadeslaat op straat en in de metro.
 
'Het is de grote illusie van onze cultuur dat wat we over onszelf onthullen is wie we zijn': in die gedachte vindt Gornick gemoedsrust. De wolkenkrabbers, met hun anonieme bewoners in een woud van verlichte ramen, stellen Gornick gerust. Kritisch observerend, nu eens mild en dan weer bijtend ironisch, wandelt Gornick door de stad en door het leven. Ze laat zich destabiliseren, soms zelfs gijzelen door emoties: schuldgevoel, wrok, schaamte. Bijna obsessief gaat ze op zoek naar persoonlijke transformatie en gebruikt het alledaagse en de verwondering als 'ruw materiaal' voor het scheppen van een narratief.
 
Ooit had Vivian de liefde verheven tot de status van de heilige graal. Als veertienjarige orakelde ze over liefde met een grote L – 'alsof zij het allemaal wist'. In haar dagdromen stond ze het liefst op een verhoging in de openbare ruimte 'om een menigte van duizenden op te zwepen tot revolutie'. In werkelijkheid werd ze gemeden om haar hooghartig gemoraliseer. In de jaren zeventig en tachtig stond Gornick daadwerkelijk op de barricade als radicale feministe. Haar romantische ingesteldheid werd op den duur een onuitputtelijke bron van pijn en innerlijke strijd. Na twee gestrande huwelijken koos ze voor een relationeel onafhankelijk leven en besloot haar pijlen te richten op haar omgeving: de stad.
 
Excentriekelingen, megalomanen, dronkenlappen en krankzinnigen fascineren Gornick mateloos. Op straat zoekt ze de confrontatie op en lokt met haar 'spontane reacties' niet zelden vlammende ruzie op de bus of pittige discussies uit in de buurtwinkel. Haar brutale houding en ironie worden vaak 'misbegrepen' als kritiek of cynisme. Een gulden middenweg is niet aan haar besteed.
 
Decennia lang liep Gornick zo'n tien kilometer per dag door de stad, dagdromend en idealiserend. Tot er rond haar zestigste een kortsluiting in het verhaal kwam. Een statische ruis trok over haar innerlijke gezichtsveld; een nare smaak kwam in haar mond. Uit angst begon Gornick haar dagdromen te onderdrukken; een enorme leegte strekte zich uit achter haar ogen. Het inzicht kwam als een mokerslag: niet alleen in het stadsgewoel was ze eenzaam, ook in zichzelf vond ze metgezel noch vertrouweling.
 
Terwijl Leonard de illusieloze heroïek omarmt, koestert Gornick opstandig haar idealen en illusies. Het gen voor anarchie is 'in de kiem aanwezig in iedereen die geboren is in de verkeerde sociale klasse, met de verkeerde kleur, het verkeerde geslacht'. Gornick is meer thuis in de stad dan in zichzelf. Ze verkiest het comfort van vreemden, hun gezelschap, boven wie ook, behalve Leonard.
 
De dag loopt ten einde. New York, doordesemd van een overweldigend isolement, kent geen einde. Dat stelt Gornick telkens opnieuw gerust. Eén met de stad blijft ook zij schitteren in haar isolement. In het violette uur neemt ze plaats aan haar schrijftafel. Ze hoort de stemmen, ziet de gebaren van wie haar pad die dag kruisten en begint levens voor hen in te vullen.
 
Vivian Gornick: Een vrouw apart. En de stad, Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam 2020, 208 p. Vertaling van The Odd Woman and the City door Caroline Meijer. ISBN 9789038807591. Distributie L&M Books 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

De bruidsvlucht

Annemarie Estor

Het hellen van een leven

Luis Carrasco

Kindertijd

Tove Ditlevsen

Oorlogsdagboek. Met brieven van Jack Hamesh

Ingeborg Bachmann

Solituden, songs

Jacques Hamelink

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

Alfabet

Charlotte Dematons

Dit is Jeruzalem

Stanislav Setinský

En de wereld zei ja

Kaia Dahle Nyhus

Het verlangen van de prins

Marco Kunst

Oliver Twist

Tiny Fisscher (bew.), Annette Fienieg (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri