Vanaf twaalf jaar

Tonke Dragt: Ogen van tijgers

door Kirstin Vanlierde

- Uitgeverij Leopold geeft deze dagen een aantal van Tonke Dragts boeken opnieuw uit met een nieuwe cover. Het is een gelegenheid om het werk van deze schrijfster nog eens van dichtbij te bekijken, en een aantal bedenkingen te formuleren over de soms al te simplistische genrebepaling waarvan haar boeken wel eens het slachtoffer worden.
Laat dit een pleidooi zijn voor een andere manier om naar haar oeuvre te kijken. De complexiteit en gelaagdheid van haar boeken verdienen een genuanceerde blik
Algemeen situeren de boeken van Tonke Dragt zich binnen het genre van de fantasierijke verhalen. Het werk van Tonke Dragt laat zich ruwweg onderbrengen in drie grote categorieën. Ten eerste high fantasy en verhalen die gedeeltelijk aanleunen bij sprookjes of daar hun inspiratie halen. Ten tweede toekomstverhalen. Ten derde verhalen die zich afspelen in een dubbelwereld, en die ik magisch realisme wil noemen.
Torenhoog en mijlen breed en Ogen van tijgers worden doorgaans bestempeld als sciencefiction, hoewel Dragt ze zelf liever toekomstverhalen of toekomstromans noemt. Opmerkelijk is dat er ten tijde van Torenhoog en mijlen breed nog niet genoeg kennis over andere planeten was, wat haar in staat stelde van Venus het tropische en lichtjes psychedelische landschap te maken dat het in de boeken is. Toen de ruimtevaart jaren later aantoonde dat Venus een dorre, snikhete woestijnplaneet is, hield ze haar versie toch aan in Ogen van tijgers omdat het verhaal anders niet zinnig verder kon.
Ogen van tijgers speelt zich op de aarde af, waar we twee mannen volgen (Jock, ex-planeetonderzoeker, en Bart, probleemjongere) die elk op hun manier worstelen met hetzelfde ongrijpbare talent. De extreem controlerende overheid enerzijds en de wilde bossen van Venus anderzijds, zijn botsende motieven in het verhaal, die dienen als versterkende visuele metafoor voor de conflicten in de personages zelf: conformeren of uitbreken? Wie weet het beter: de maatschappij of jijzelf? En als jij voor jezelf beslist dat je tegen de stroom in gaat, omdat je niet anders kunt, wordt iedereen daar dan beter van? In die zin zijn deze twee toekomstromans,
waarin de futuristische technologie voor hedendaagse lezers misschien wat vreemd, maar eigenlijk niet eens gedateerd aandoet, tijdloze documenten over het gevecht van de mens tegen onderdrukking, en de innerlijke strijd van een enkeling tegen zijn eigen wilde natuur.

(Dit is een abstract van een artikel van Kirstin Vanlierde. De volledige tekst verscheen in De Leeswelp 5, 2011.)


Tonke Dragt, Ogen van tijgers, Leopold Amsterdam, 2012, 459 p., € 17,5. ISBN 9789025861162. Distributie: WPG Uitgevers

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswelp 2012

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2019

Ik zal de wereld nooit meer zien. Aantekeningen uit de gevangenis

Ahmet Altan

Kamer in Oostende

Koen Peeters

Lief slecht ding

Frank Keizer

Onrustige dagen

F.B. Hotz, Thomas Heerma Van Voss (sam.)

SS Proleterka

Fleur Jaeggy

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2019

* De eerste avonturen van de Rode Ridder, 1959-1961

Een ridder voor alle seizoenen

De boom met het oor

Annet Schaap, Philip Hopman

Mijn mama

Annemarie van Haeringen

Poëzie hardop

Hans Hagen, Monique Hagen, Maartje Kuiper (ill.)

Twee maal op reis door het brein.

Verdwalen in Breinstein of inzicht in het hoofd

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri