Peuters en kleuters

JEUGDBOEKEN NR. 4, FEBRUARI 2016

Jonathan Emmett en Vanessa Cabban (ill.): Ik wil de maan en andere verhalen

door Henk van Viegen

3+ - Van Goor bundelde een aantal verhalen rond een lieve, en soms wat pruttelende mol. In 2002 verscheen Ik wil de maan, dat zeer succesvol was. Het kreeg in 2003 de Kiekeboeprijs, een prijs van bibliothecarissen voor het beste peuterprentenboek van het jaar, en werd een aantal keer herdrukt. Ook verscheen het als peuterlijster bij Wolters-Noordhoff. Tussen 2002 en 2011 verschenen vijf verhalen rond dit molletje, waarvan er nu vier in deze bundel staan, Ik wil een diamant (2007) ontbreekt. Alleen het laatste verhaal, Ik heb een geheim, kreeg niet de reekstitel Ik wil…  
Kern van het verhaal is meestal dat Mol iets wil wat in feite onmogelijk is (de maan naar beneden halen, ergens anders wonen, een nieuwe vriend geheim houden). Aan het eind van elk verhaal is Mol helemaal tevreden. In Ik wil ergens anders wonen bij voorbeeld test hij de onderkomens van zijn vrienden. Op de slotpagina’s, het is natuurlijk enigszins voorspelbaar, weet hij ineens wat de mooiste plek van allemaal is! De vorm is in drie gevallen die van het repeteerverhaal: Mol ontmoet achter elkaar zijn drie vrienden Eekhoorn, Konijn en Egel, waardoor het (mee)lezertje meteen iets te weten komt over hun leefplek en (eet)gewoonten. Dit maakt het boek zeer geschikt voor gebruik in de klas. Het is een bewezen methode, die ook gebruikt wordt in de moderne klassieker Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft (Holzwarth/Erlbruch,1989).  
 
De meeste kinderen zullen ook wel houden van de vriendelijke, kleurrijke illustraties. Mij doen ze in hun knusheid en zachte groenen, lichtbruinen en oranjes soms wel denken aan de prenten die je in erg traditionele en goedkope edities vaak aantreft. Illustraties en tekst vormen een echte eenheid. De plaatjes zijn niet te vol, en kleine uitbreidingen ten opzichte van de tekst houden de kijkertjes actief. Een uitdaging voor de peuters zijn de pagina’s waarop de illustratrice een stukje van het verhaal in stroken naast elkaar op één pagina weergeeft. Hoe dan ook: de knusheid, de warme vriendschappen die beschreven worden en de intense tevredenheid die heerst aan het eind van elk avontuur, maken de verhalen ideaal voor voor het slapen gaan. De tekst hurkt niet, de vertaalster is niet bang voor een enkel pittig woord, het voorlezen gaat prettig.  
 
Het voorplat van de editie van 2002 is overgenomen, niet onbegrijpelijk, afbeelding en opmaak zijn aantrekkelijk. Het papier is, net als in de oorspronkelijke edities, lekker stevig.

Een enorme en onbegrijpelijke fout in het verhaal Ik wil ergens anders wonen is het twee keer afdrukken van dezelfde tekst, één keer dus op de verkeerde plek. De oorspronkelijke tekst ontbreekt daardoor. Verder vind ik het storend en aanstellerig dat op de beginpagina van elk verhaal opdrachten staan. Wat moet een voorlezer of een kind daarmee?  
 
Houten: Van Goor 2015, 108 p. + ill. ISBN 978 90 00 34495 6 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 7, JULI 2019

De grote verkilling

Geert van Istendael

Kamers antikamers

Niña Weijers

Verlaten

Jane Harper

Verwondering

Aharon Appelfeld

Winterlaken

Micha Andriessen

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 7, JULI 2019

Adres onbekend

Susin Nielsen

Mag je haaien aaien?

Katrijn De wit, Inge Rylant (ill.), Laura Bergans (design)

Niet te stoppen

Angie Thomas

Ploef

Espen Dekko, Mari Kanstad Johnsen (ill.)

Zo slapen dieren

Jiří Dvořák, Marie Štumpfová (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri