Vanaf zes jaar

JEUGDBOEKEN NR. 3, MAART 2017

Nicola Davies, Petr Horacek (ill.): Zo mooi zijn dieren

door Katrien Maris

6+ - Nicola Davies heeft bijzonder veel affiniteit met het dierenrijk, zoveel is duidelijk wanneer je door dit boek bladert. Ze studeerde zoölogie en presenteerde op de BBC jarenlang een natuurprogramma voor kinderen. Ze heeft al verschillende boeken over dieren en natuur op haar naam staan en hier laat ze iets oudere kinderen op haar geheel eigen manier een ogenblik stilstaan bij de haast oneindige diversiteit in de dierenwereld.   
Het boek is ingedeeld in vijf grote hoofdstukken: groot en klein, kleuren en vormen, dierenhuizen, dierenbaby’s en dieren in actie. Binnen elk hoofdstuk passeren een aantal dieren de revue. Hiertussen zitten natuurlijk de meest bekende bewoners van de dierentuin, onder andere de olifant, de leeuw, de zebra en de giraf. Maar ook minder bekende dieren, met bovendien zeer tot de verbeelding sprekende namen, zoals bijvoorbeeld de varkensneusvleermuis, de komodovaraan en de wevervogel krijgen een eigen plekje.

Bij elk dier dat aan bod komt, vertelt Davies iets over de manier van leven, een typisch trekje of een bijzonder observatiemoment. En ze speelt hierbij opvallend met taal, de teksten zijn pure poëzie, soms op rijm. Maar een deel van die eer gaat natuurlijk naar Jesse Goossens, die een uitstekende vertaling leverde. De varkensneusvleermuis wordt vergeleken met ‘een vliegend, harig toffeetje’. Ook de walvishaai wordt op een erg beeldrijke manier met zijn uiterlijk gecomplimenteerd:

‘Zoals een stukje lucht bezaaid is met sterren. Zie je de gevlekte walvishaai van verre.’  
 
Toch is binnen dit poëtisch kader ook voldoende ruimte voor een aantal bijzondere wetenschappelijke feiten. De wimpermijten bijvoorbeeld, kleine parasieten die bij de meeste volwassenen in de wortels van hun wimpers wonen, zullen ongetwijfeld groot en klein fascineren en tegelijkertijd doen huiveren. En het is ook wel boeiend om te weten dat tuimelaars hun neus met een stukje zeespons beschermen tegen wondjes wanneer ze voedsel zoeken op de zeebodem. Over de voortplanting bij de zeepaardjes vertelt Davies met een teder rijm het volgende:  
 
‘Uit een buidel, zwanger, gezwollen, komen kleine zeeveulentjes rollen. Niet hun moeder droeg de eieren mee; Papapaard was zwanger in de zee.’  
 
Ook de krokodil, althans de krokodillenmoeder wordt hier op een mooie manier bevrijd van haar eenzijdige agressieve imago.  
 
‘Hun afschrikwekkende moeder wacht op dat ene moment: haar baby’s verlaten hun schalen. Dan graaft ze ze uit, brengt er een naar het water, En keert terug om de rest op te halen.’
 
De betekenis van de sprankelende teksten wordt nog versterkt door de illustraties van Petr Horacek; het zijn stuk voor stuk pareltjes. In prachtige, natuurgetrouwe kleuren geeft hij momentopnames uit de dagdagelijkse bezigheden van de dieren weer. Het lijken haast foto’s. Naar de paginagrote close-up van de slapende leeuw kan je bijvoorbeeld blijven kijken. Hij lijkt haast met zijn neus tegen de lens van de camera te liggen en heeft zich volledig overgegeven aan zijn vermoeidheid. Elk snorhaartje is zichtbaar en door de speling van het licht zijn er fascinerend veel verschillende geelbruine tinten zichtbaar in zijn machtige kop.  
 
Zo is ook de dubbelbladige illustratie van de walvishaai bijzonder indrukwekkend. De haai neemt in de lengte haast de volledige dubbele bladzijde in en zwemt in een zee van verschillende tinten mysterieus blauw. Zijn grijsblauwe vel is bezaaid met ontelbaar veel witte, fluorescerende vlekken, strepen en kronkels. De sterrenhemel die Nicola Davies beschreef, komt hier werkelijk voor je ogen tot leven.
 
Nicola Davies en Petr Horacek tonen dat een combinatie van zowel woordkunst en beeldende kunst enerzijds en wetenschap anderzijds tot een uniek en boeiend resultaat kan leiden. Ze brengen samen een ontroerende ode aan de onmetelijke verscheidenheid op onze aarde. Groot of klein, bontgekleurd of net onopvallend, razend snel of juist tergend traag, hoge aaibaarheidsfactor of schrik der mensen, het mag er allemaal zijn.
 
Rotterdam : Lemniscaat 2016, [107] p. : ill. Vert. van A first book of animals door Jesse Goossens. ISBN 9789047707936 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 4, APRIL 2020

Bloot

Ted van Lieshout

De gek van de tsaar

Jaan Kross

De veelstemmige man. Verzameld toneelwerk 2007-2020

Ilja Leonard Pfeijffer

De vlakte

Gerald Murnane

Hogere natuurkunde

Ellen Deckwitz

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 4, APRIL 2020

De bende van Lieke

Robbert-Jan Henkes, Aart Clerkx (ill.)

De jongen op het dak

Aline Sax, Sassafras De Bruyn (ill.)

Een giraf met een probleem

Jory John, Lane Smith (ill.)

Elke dag iemand anders

Jef Aerts & Merel Eyckerman

Rodrigo de Ruige en Hummel, zijn hulpje

Michael Ende, Wieland Freund, Regina Kehn (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri