Vanaf zes jaar

Ted van Lieshout, Sylvia Weve (ill.): Ik ben een held

door Reine de Pelseneer

6+ - Toen dit boekje voor het eerst verscheen in 1990, werd het bekroond met een Vlag & Wimpel. Achttien jaar later is Ik ben een held toe aan een vijfde, herziene druk. Eigenlijk begint dit boek voor prille lezers al op de achterflap: een vader daagt zijn zoontje uit om in dit enge boek te lezen. Eruit voorlezen durft de vader niet. "Ik durf wel," zegt het jongetje, "want ik ben een held!" De toon is meteen gezet, want in de drie verhalen die je hier vindt, blijkt de vader telkens de angsthaas te zijn en de jongen de dappere held. Haast alle kinderen zullen dat een bijzonder leuke situatie vinden en zich maar al te graag met de held indentificeren.
 
De drie verhalen ('Botteboe', 'Blootspook' en 'Blauwvis') zijn op zijn minst merkwaardig te noemen. In het eerste verhaal maak je kennis met het skelet van een beest zonder kop, daarna duikt er een naakt spook op, en in het slotverhaal groeit een klein visje uit tot een vleesverslindende haai: allemaal best spannende en zelfs ietwat enge onderwerpen. Doordat Ted van Lieshout zijn vertelsels echter doorspekt met humor, zullen zelfs de bangste lezertjes plezier beleven aan deze avonturen. Tenslotte is ook de held in dit verhaal allesbehalve bang.
 
Van Lieshout schreef dit boek voor beginnende lezers (AVI 3, volgens het nieuwe AVI-systeem), maar je kunt de verhalen ook beslist voorlezen aan jongere kinderen. De taal komt immers nergens stroef of geforceerd over. De schrijver gebruikt veel directe rede, varieert in zinsstructuur en creëert een fijn ritme. Hier en daar merk je duidelijk dat Van Lieshout ook dichter is, bv. wanneer de jongen vertelt hoe hij het spook aanpakte:  
 
‘Ik gaf hem een klap en een por
en een pets en een mep.
Toen smeet ik hem de straat op.
Ik stampte op zijn stomme kop.
Ik schudde hem door elkaar
en trok aan zijn neus.
Ik spuugde in zijn oor
en smeerde snot in zijn haar.
Toen schopte ik hem de stad uit.
En dat was dat.’
 
De illustraties zijn van de schrijver zelf. Niet iedereen zal van de scherpe tekenstijl houden, maar de tekeningen - in blauw en zwart-wit - bevatten in ieder geval een hoop grappige details, zoals de piemel van een spook, of een stiekeme muis in de keuken. Heel leuk is hond Snoet, die telkens in een hoek van de pagina ligt te slapen in alle mogelijke houdingen. Enkel wanneer de hond een actieve rol speelt in het verhaal, blijft de hoek leeg. Ik ben een held is een mooi afgewerkt geheel, en een geestig en uitdagend boekje voor eerste lezers.
 
Ted van Lieshout, Sylvia Weve: Ik ben een held, Gottmer, Haarlem 2011, 55 p. : ill. ISBN 9789025750008. Distributie L&M Books

Oorspronkelijk verschenen in De Leeswelp

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 4, APRIL 2020

Bloot

Ted van Lieshout

De gek van de tsaar

Jaan Kross

De veelstemmige man. Verzameld toneelwerk 2007-2020

Ilja Leonard Pfeijffer

De vlakte

Gerald Murnane

Hogere natuurkunde

Ellen Deckwitz

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 4, APRIL 2020

De bende van Lieke

Robbert-Jan Henkes, Aart Clerkx (ill.)

De jongen op het dak

Aline Sax, Sassafras De Bruyn (ill.)

Een giraf met een probleem

Jory John, Lane Smith (ill.)

Elke dag iemand anders

Jef Aerts & Merel Eyckerman

Rodrigo de Ruige en Hummel, zijn hulpje

Michael Ende, Wieland Freund, Regina Kehn (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri