Vanaf negen jaar

JEUGDBOEKEN NR. 2, FEBRUARI 2018

Enne Koens, Maartje Kuiper (ill.): Ik ben Vincent en ik ben niet bang

door Henk van Viegen

9+ - Vincent is zo’n jongen van wie niemand weet waarom, maar dat hij gepest moet worden, dat is duidelijk. Een sterke (of juist bange?) jongen begint ermee, en dan kan dat zomaar een paar jaar duren. Dan heet het dus dat je stinkt, dat je portret niet op de klassenfoto mag en dat je zeker weten vreemde hobby’s hebt, in dit geval is dat survival. Daarvoor moet je regelmatig klappen oplopen en je spullen moeten er ook aan geloven. Gek genoeg weten Vincents ouders niets van dit gepest, ondanks blauwe plekken en kapotte kleding en spullen dus. De ik zegt een paar keer tegen de lezers die dat ongeloofwaardig vinden, dat zijn ouders al zijn smoesjes geloven.
 
Gelukkig heeft Vincent enkele helpers, alleen die leven met hem mee in zijn fantasie: een veulen, een tor, een eekhoorn en een worm (wel een leuk, origineel element). Tot daar een echt wezen is, een nieuw meisje in de klas, Jasmijn. What’s in a name, hoewel ze heel mannelijk en stoer oogt, en zich (ver)hult in een jas en een pet én een capuchon. Ze introduceert zichzelf als De Jas. Ook haar vertelt hij niets over het pesten, alleen de oppas, Charlotte, weet ervan (Vincent noemt haar zijn betaalde zus!) Hij belooft haar na het zoveelste incident dat hij het aan zijn ouders zal vertellen, na het kamp van binnenkort. Het boek telt af naar dit kamp, waar de afwikkeling plaatsvindt.
 
De belangrijkste pester, Dilan, wordt meesterlijk geïntroduceerd. Vincent staat in een winkel om condooms te kopen (niet voor de seks, maar om water in te kunnen vervoeren). Dilans voor Vincent enigszins enge moeder loopt met een pak closetrollen onder haar arm. ‘Wc-papier waarmee Dilan zijn billen gaat afvegen. Ik ril.’
 
Het boek leest prettig weg en heeft veel vaart, zeker doordat De Jas snel in Vincents leven verschijnt. Het kost weinig moeite mee te gaan met de manier waarop Vincent met zijn vier fantasiedieren handelt en praat. Het perspectief is goed gekozen. Vincent is de ik-verteller, die zijn relaas doet aan de lezer, die dus ook (ik geloof maar één keer) met jij aangesproken wordt. Vincent doet net niet te zielig om toch een zekere heldhaftigheid te houden.
 
Maar het is wel een beetje te veel van het bekende. Wat zou je nu eens willen lezen, een boek over pesten? De lijst is al erg lang, een schoolkamp levert vaak de climax ook nog eens. Zelfs de combinatie met survival kennen we, en vooral (in combinatie met) de entree van een nieuwe in de klas die naast de hoofdpersoon komt zitten en diens leven lichter maakt. Evengoed heeft een lezer die voor het eerst over deze motieven leest, een goed geconstrueerd verhaal te pakken, met een vriendelijk en troostend (misschien wat te gemakkelijk) slot. Ook Jasmijn heeft een rugzakje, maar zij is verder in haar ontwikkeling dan Vincent. Het boek zet zich daar helaas wel erg nadrukkelijk in de traditie van het kinderboek-met-moraal, met een uitroepteken zelfs: normaal bestaat niet (hierbij schreeuwen!). En zo wordt de titel van een mantra tot een feit.
 
Het boek is fraai vormgegeven, uiteraard met veel elementen uit de natuur. Ik aarzel een beetje bij het omslag: is het aantrekkelijk genoeg voor 9+? Bij elke aanduiding van een deel, meestal een dag, levert Maartje Kuiper een natuuromlijsting in het groen. De rechterpagina is groen met in het wit een survivaltip (weer zo’n cliché, maar dat kan de illustratrice niet helpen). De kleine hoofdstukjes hebben elk een klein vignet, vaak een van de vier dieren die Vincent ‘begeleiden’. In een enkel geval kan zo’n vignet meteen toegepast worden op de tekst, zoals een enge zwarte kat boven de titel Dilan, waarin dus de toppester getypeerd wordt. Of bloemetjes boven de entree van De Jas. Menselijke personages worden niet afgebeeld.

Enne Koens, Maartje Kuiper (ill.): Ik ben Vincent en ik ben niet bang, Luitingh-Sijthoff, Amsterdam 2017, 183 p. ISBN 9789024578610. Distributie VBK België

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2018

De lange weg naar Rome

Francesca Melandri

De verloren toon

Lida Winiewicz

De zee heeft honger

Kira Wuck

Vaderland

Fernando Aramburu

Want de avond

Anna Enquist

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2018

Het meisje en haar zeven paarden

Hadi Mohammadi, Nooshin Safakhoo (ill.)

Neverworld Wake

Marisha Pessl

Tierenduin

Geert Vervaeke

Wit konijn, Rode wolf

Tom Pollock

Ze gaan er met je neus vandoor

Ted van Lieshout

naar overzicht


‚Äč
ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri