14+ - Eerder dit jaar mocht Meg Rosoff de Astrid Lindgren Memorial
Award in ontvangst nemen, de officieuze Nobelprijs van de jeugdliteratuur.
Rosoff had de bekroning naar eigen zeggen nooit verwacht; ze liet zich in
interviews ontvallen dat ze vindt dat ze eigenlijk ‘altijd hetzelfde boek
schrijft’. Best verwonderlijk, want het eerste wat opvalt als je haar oeuvre
overschouwt is net de veelheid van stijlen en genres die Rosoff beoefend heeft:
van de indringende dystopie Hoe ik nu
leef over de historische roman Niemandsbruid
tot het kolderieke In het begin was er...
Bob. Toch wijst Rosoff erop dat er een thema is dat in al haar boeken
terugkeert: identiteit, en in hoeverre je je eigen leven kunt kiezen.
Dat geldt inderdaad
ook voor de recent verschenen Nederlandse vertalingen van haar eerste roman
voor volwassenen, Jonathan gaat los, en de young-adultroman Mij niet gezien,
die uit 2013 dateert. Interessant is dat de twee hoofdpersonages uit die boeken
zich op de uiteinden van een spectrum lijken te bevinden: de volwassen, maar
eeuwig puberende Jonathan uit het eerstgenoemde boek leert gaandeweg de teugels
van zijn leven in handen te nemen; Mila uit Mij
niet gezien is daarentegen een uitzonderlijk vroegwijze twaalfjarige die er
getuige van is hoe mensenlevens een puinhoop kunnen worden, zonder dat daar
veel vrije wil mee gemoeid is.
Mila, de eerstepersoon-verteller, is bovendien extreem
opmerkzaam. In een oogopslag ziet ze of iemand slecht in zijn vel zit, zwanger
is of een geheime relatie heeft. Ze vergelijkt zichzelf met de naar ratten
speurende terriër die haar grootvader ooit had en speelt het liefst spionnetje
met haar beste vriendin Catlin. Wanneer haar vaders beste vriend Matthew zomaar
opeens verdwijnt, lijkt het een kolfje naar haar hand om hem op te sporen.
Wanneer Mila
voor het eerst in Matthews huis komt, krijgen we meteen een staaltje van haar
kunnen:
‘Geen
foto van hem en Suzanne op hun trouwdag [...]. Een paar modderige schoenen. Een
berg rekeningen. Een raam met een barst. Een dichte deur. [...] Mijn eerste
indruk? Dit is geen gelukkig huis.’
Mila en haar vader Gil
vertrekken op een roadtrip door het sfeervolle, ingesneeuwde hinterland van New
York, maar alle aanwijzingen lopen dood en uiteindelijk moet Mila erkennen dat
er één optie is die ze over het hoofd gezien heeft. Opeens blijkt ze haar vader
minder goed te doorzien dan ze in al haar zelfverzekerdheid voor mogelijk
gehouden had.
Mij
niet gezien is een boek over vriendschap, zegt de tagline, maar het is vooral
een boek over vriendschappen met (erg menselijke) tekortkomingen en grenzen.
Eerst en vooral is er de vriendschap tussen Gil en Matthew. Ze waren
jeugdvrienden, reisden de wereld af, werden verliefd op hetzelfde meisje.
Ondanks het feit dat ze daarna in verschillende werelddelen gingen wonen,
bleven ze elkaar regelmatig zien, tot Matthews zoon overleed. Daarna is het
contact op een lager pitje komen te staan. Toch blijft Gil loyaal aan zijn
vriend als hij en Mila gaandeweg dingen over hem ontdekken die hem in een
steeds ongunstiger daglicht stellen. Maar wanneer het erop aankomt, blijkt Gil
veel minder van Matthew te begrijpen dan Mila.
Zo snapt hij bijvoorbeeld niet
waarom Matthew de benen genomen heeft net op het moment dat Gil helemaal uit
Londen op bezoek komt, en dat kan Mila dan weer beter kaderen. Met haar eigen
beste vriendin Catlin heeft ze namelijk iets vergelijkbaars meegemaakt: die
keerde zich zonder aanleiding van haar af en gaf op school zelfs geen blijk van
herkenning meer. Beetje bij beetje realiseert Mila zich dat het contrast tussen
Catlins gespannen thuissituatie en Mila’s gelukkige gezinnetje voor Catlin
ondraaglijk werd. Ook vrienden ontkomen niet aan afgunst - uiteindelijk een
heel normale reactie als die ander je ongewild voortdurend met je eigen
problemen en gemiste kansen confronteert. Bij de verrassend ingehouden
ontknoping - de grote drama’s in dit boek hebben zich in het verleden
afgespeeld - begrijpt Mila dan ook veel beter dan haar vader wat er in Matthews
hoofd omgaat.
Vriendschappen
kunnen dus getekend worden door afgunst, maar dat hoeft niet het einde van de
vriendschap te betekenen. Catlin zoekt opnieuw toenadering, en als ze hoort dat
Mila’s zoektocht op een teleurstellende kale kermis is uitgedraait, reageert
ze:
‘Perfect.
Ik zou het niet verdragen als jij de tijd van je leven had terwijl ik helse
folteringen moest doorstaan. Bij de woorden ‘helse folteringen’ buldert ze van
het lachen, waardoor ik ook niet meer kan stoppen.’
Rosoff combineert in dit boek
slimme psychologische observaties met een vakkundig gedoseerde spanningsboog.
Stilistisch valt op dat alle aanhalingstekens zijn afgevoerd, een trucje dat Rosoff
ook al eens toepaste in Hoe ik nu leef.
Zo loopot Mila’s innerlijke monoloog naadloos over in wat andere personages
zeggen, of zelfs denken. Op die manier lift je mee op de gedachtegang van de
extreem opmerkzame Mila, en moet je soms zelf uitmaken wat nu echt gezegd wordt
en wat Mila’s interpretatie is. Het resultaat is een intelligent opgebouwde
roman met pageturner-allures die niets aan psychologische diepgang inboet.
Amsterdam :
Luitingh-Sijthoff 2016, 223 p. Vert. van
Picture me gone door Jenny De Jonge. ISBN 9789024570119
© 2025 | MappaLibri