Een lied voor Achilles

Madeline Miller laat haar versie van de Trojaanse oorlog vertellen door Achilles’ vriend Patroclus. Zijn vader neemt hem mee naar Sparta, waar de koningsdochter Helena een echtgenoot zal kiezen. Deze situatie is een handig middeltje om de Griekse helden bij de lezers te introduceren en te vermelden dat de vorsten onder eed beloofden Helena’s huwelijk met Menelaüs te verdedigen. Nadat Patroclus door een ongeluk de dood van een leeftijdsgenoot veroorzaakt heeft, wordt hij naar het hof van koning Peleus verbannen, waar hij bevriend raakt met prins Achilles. Later worden ze minnaars. Homerus zegt weinig over die relatie, maar latere auteurs (onder meer Plato) nemen aan dat ze intenser was dan vriendschap, en Achilles’ ontreddering bij de dood van zijn vriend wijst ook in die richting. Hoewel Achilles’ moeder, de zeenimf Thetis, zich tegen die vriendschap verzet, kunnen ze toch samen in de leer gaan bij de centaur Chiron. Thetis duikt meermaals in het verhaal op — Patroclus ervaart haar als een vervelende en dreigende schoonmoeder. Miller heeft de goden niet tot subjectieve ervaringswereld van de personages herleid en hen ook niet op een rationele manier symbolisch verklaard, maar hen reëel voorgesteld.

Na deze voorgeschiedenis volgt Miller tamelijk getrouw de inhoud van de Ilias, met de schaking van Helena door de Trojaanse prins Paris, de tocht van het Griekse leger onder leiding van Agamemnon tegen Troje, Achilles’ weigering nog verder te strijden nadat Agamemnon hem zijn slavin Briseïs afgenomen heeft, de dood van Patroclus, de wraak van Achilles op Hector, de dood van Achilles. Ook na zijn dood blijft Patroclus de vertelinstantie. Hij heeft het dan nog over de val van Troje en de wreedheden van Achilles’ zoon Pyrrhus (elementen die niet in de Ilias, maar in Vergilius’ Aeneis beschreven worden). Het verhaal bevat wel meerdere nieuwe varianten of accenten. Zo neemt Patroclus het Achilles bijzonder kwalijk dat deze zonder verzet Briseïs liet meenemen: hij weet dat Achilles voorziet dat het leger en de goden zich tegen zijn rivaal Agamemnon zullen keren als deze de slavin, die het rechtmatige bezit van Achilles is, zou onteren, en hij voorkomt dat misbruik door Agamemnon voor het gevaar te waarschuwen. Deze aanvulling past goed bij de inhoud van de Ilias, waarin roem en eer de hoofdmotieven vormen.

Inhoudelijk voldoet Een lied voor Achilles zeker aan wat we van een goede bewerking mogen verwachten. De auteur volgt in het algemeen het traditionele verhaal, maar zorgt voor enkele nieuwe accenten. De voorspelling dat Achilles in Troje zal sterven (als hij kiest voor roem) en dat aan zijn dood die van Hector zal voorafgaan, zorgt voor een spannend verloop. Naast romantische liefdesscènes zijn er ook gruwelijke krijgstaferelen. Het opnemen van min of meer zelfstandige verhalen (bijvoorbeeld over de muiterij rond Thersites en het werk van Patroclus en Briseïs in de ziekentent) zorgt voor afwisseling. De ik-vertelinstantie (van een oorspronkelijke bijrol) betrekt de lezer direct bij het verhaal en bezorgt hem ook unieke informatie (en dat niet alleen over de bovenmenselijke schoonheid van Achilles’ lichaam). De taal is zeer poëtisch en lyrisch — sommigen zullen vinden dat de evoluerende liefdesrelatie iets te subliem beschreven wordt. Het geheel is een prachtige, onderhoudende en meeslepende bewerking, duidelijk met veel liefde geschreven. Voor wie niet met de materie vertrouwd is, geeft de auteur een namenlijst van de belangrijkste goden en ‘stervelingen’ met heel wat interessante informatie.

Madeline Miller: Een lied voor Achilles, Meulenhoff Amsterdam, 2014, 368 p. ISBN 9789029090353. Vertaling van The Song of Achilles door Robert Neugarten


© 2019 | MappaLibri