Annelie David dook voor haar derde
dichtbundel haar persoonlijke verleden in. Als kind werd ze deels grootgebracht
door haar grootmoeder in Duitsland, waardoor het Nederlands niet haar spontane
moedertaal was. In feite was de talige situatie nog ingewikkelder, want haar
grootmoeder stamde uit Samland, een schiereiland aan de Oostzee in de Russische
invloedssfeer. Zij was een emigrante, onderweg tussen gebieden maar ook tussen
talen en culturen. Met Onvolledig alfabet wil David dat verleden terug
voor de geest roepen, maar tegelijk wil ze ook de restanten van die mengtaal
bewaren en opnieuw tot leven wekken. In die zin is haar project niet enkel dat
van een soort van historische reconstructie maar voor alles een exploratie van
talen en taalmigratie.
De titel slaat dus zowel op het onvermogen om een taal
volledig te reconstrueren en in kaart te brengen als op het onvermogen om de
geschiedenis af te ronden tot een volstrekt coherent verhaal of een definitieve
encyclopedie. ‘Onvolledig’ is daarbij niet alleen een tekortkoming maar ook een
unieke kans, een aanzet tot creativiteit en eigen handelen. David heeft haar
exploraties, want dat zijn het toch wel, geordend volgens het alfabet, maar die
ordening is slechts gedeeltelijk en wordt al snel overwoekerd door leemtes en
hernemingen. Vaak, maar niet altijd, worden de letters verbonden met klanken en
woorden uit de taal van de grootmoeder (en algemener onze voorouders). In
prozagedichten (of meer een mengvorm tussen verhaal, lyriek en beschouwende fragmenten)
wordt die gelaagdheid van het verleden opgeroepen, maar ook de associaties van
de taal. Het zijn perspectieven die onze kijk op de werkelijkheid mee bepalen
en structureren.
Zijn de eerste teksten nog sterk associatief en zintuigelijk, dan wordt
de gestalte van de grootmoeder in de loop van de bundel steeds tastbaarder.
Tegelijk is de stem van de dichter ook prominenter. Zij roept die wereld op
door zich zo ontvankelijk mogelijk op te stellen, door open te staan voor de
impulsen die uitgaan van de klanken van de taal, van planten en bloemen, van de
aarde. Die elementen roepen associatief andere zaken op, en zo ontstaat een
portret of een fresco die verwijst naar het verleden. Dat is niet enkel
belangrijk op zich, het wordt ook steevast betrokken op de situatie van het
lyrische ik. De band tussen grootmoeder en kleinkind blijkt onbreekbaar, net
zoals die tussen het ik en de natuurlijke omgeving.
David weet op een bijzonder sfeervolle manier die harmonie
op te roepen. Haar universum is haast mythisch, met veel oog voor details van
de flora. Opmerkelijk genoeg blijven de politieke drama’s die tot de emigratie
hebben geleid en de concrete biografische moeilijkheden van de familie vrijwel
geheel buiten het bereik van deze
poëzie. Het gaat de dichteres om mythische en kosmische verbanden, biologisch
diepgaand, eerder dan om culturele omwentelingen of historische evoluties.
Paradoxaal genoeg worden de hoofdpersonages van deze bundel daardoor
incidentele nevenpersonages, factoren die in feite ook deels verglijden in de
allesomvattende natuur. De dichter schrijft als het ware zichzelf uit het
centrum van haar eigen werk, en de levenskracht van de natuur en de aarde neemt
die plaats in. Hoewel niet alle fragmenten even indringend en sprankelend zijn
is Onvolledig alfabet een bijzonder gelaagde en geslaagde bundel.
Annelie David: Onvolledig alfabet, Poëziecentrum, Gent
2025, 39 p. : ill. ISBN 9789056552626
deze pagina printen of opslaan