Nederlands proza

Maartje Wortel: IJstijd

door Kyra Fastenau

Binnen de Nederlandse literatuur staat Maartje Wortel bekend als een beloftevolle debutante. De jonge schrijfster verwierf faam met haar verhalenbundel Dit is jouw huis (2009), waarvoor ze de Anton Wachterprijs kreeg, en de roman Half mens (2011), genomineerd voor de Opzij literatuurprijs en de BNG Nieuwe literatuurprijs. Ook in haar nieuwe roman IJstijd brengt ze het er heel aardig vanaf. Haar werk is nog steeds niet vrij van beginnersfouten, zo liggen haar beeldspraak en stilistische keuzes er soms net iets te dik bovenop, maar daar staat tegenover dat de jonge auteur nu al een duidelijke eigen stem gevonden heeft, en dat is een knappe prestatie met zo’n bescheiden oeuvre.
Een typische Wortel herken je aan de droogkomische beschrijving van alledaagse, licht absurdistische situaties. De openingsscène van IJstijd is daarvan een goed voorbeeld: James Dillard, een rijke erfgenaam die zijn dagen slijt in hotelkamers, krijgt out of the blue een telefoontje van een uitgeefster: of hij zin heeft om een roman te schrijven? James kennen we al uit Half mens, waar hij een van de vertellers was. In IJstijd doet hij verslag van zijn op de klippen gelopen relatie met zijn grote liefde Marie. Zijn relaas wisselt af tussen gebeurtenissen in het heden en flashbacks naar het verleden. Frappant is dat de verteller in zijn taalgebruik geen onderscheid maakt tussen tegenwoordige en verleden tijd, als een traumapatiënt die er niet in slaagt het verleden te verwerken. Jammer genoeg verliest deze techniek aan subtiliteit doordat Wortel al in een vroeg stadium een nevenpersonage opvoert dat hiervoor een verklaring geeft, zo zegt James’ vroegere kinderoppas: ‘Jij doet net alsof het nog niet voorbij is door alles in de tegenwoordige tijd te laten bestaan.’
De vertelstijl benadrukt evenwel dat James vastzit in het leven. Hij laat zijn identiteit bepalen in plaats van deze zelf vorm te geven. Zijn relatie met Marie, die lijdt aan anorexia sinds haar ex-vriend aandrong op een abortus, houdt hem in dat opzicht een spiegel voor. Want waar James moeite heeft om de touwtjes in handen te nemen, daar wil zij de controle over haar leven en lichaam nooit meer opgeven – en dat terwijl ze dit juist nodig heeft. Uiteindelijk is het niet de relatie zelf die James’ leven richting geeft, maar de les die hij eruit trekt: door zijn passieve houding verliest hij de enige persoon die hem echt dierbaar is.
Een terugkerend thema in IJstijd is het ‘tussenmoment’, dat James omschrijft als ‘het punt ergens tussen raken en loslaten’. Dit ‘tussenmoment’ slaat enerzijds op zijn verbroken relatie met Marie (de periode tussen hun relatiebreuk en het moment dat James haar echt loslaat), anderzijds op het vinden van zijn identiteit: pas nadat hij een absoluut dieptepunt bereikt, begint hij zijn eigen leven vorm te geven. De beeldspraak in de roman draagt met wisselend succes bij aan deze thematiek. Het Zweedse eiland dat omringd is door een dichtgevroren zee (verbonden, maar toch niet) is een metafoor die tot de verbeelding spreekt. Ook de titel van de roman, IJstijd, onderstreept de fragiliteit van de relatie van James en Marie, die tijdelijk vaste vorm aanneemt, maar vanaf het begin barstjes vertoont. Daarnaast slaat het ook op de fase waarin James zich tijdens het vertellen bevindt: bevroren in kille eenzaamheid.
Hoewel James begin dertig is, is zijn gedrag stereotiep voor iemand in de quarter-life crisis: hij krijgt geen erkenning voor zijn hartzeer, verdrinkt zijn verdriet, stuurt een ongepaste mail naar zijn werkgever en verliest zijn contract, en in een roes van eenzaamheid en experiment belandt hij in bed met een andere man (in dit geval de schrijver Chuck Palahniuk, die hier op een vrij goedkope manier wordt neergezet als een overdreven geile homofiel). Deze kantelmomenten sturen James op zijn zoektocht naar een identiteit. Het lijkt erop dat hij die uiteindelijk ook vindt, want de slotwoorden – ‘James Dillard’ met een dikke streep erdoor – suggereren een wedergeboorte. Daarmee is IJstijd een knappe ontwikkelingsroman, die ook jongvolwassenen zullen appreciëren.


Maartje Wortel, IJstijd, De Bezige Bij Amsterdam, 2014, 237 p., € 17,9. ISBN 9789023485414. Distributie: WPG Uitgevers

Oorspronkelijk verschenen in de Leeswolf 2014

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Baksteen

Femke Vindevogel

Brandingen

Paul Verrept

de Lach van de Sfinx

Frans Kuipers

Onder buren

Juli Zeh

Ons deel van de nacht

Mariana Enriquez

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Een leven vol kleur. Alles is kunst, als je maar goed kijkt

Cara Manes, Fatinha Ramos (ill.)

Ik wil een hond (en het maakt niet uit welke)

Kitty Crowther

Ik wil een wiegje worden zei de wilg

Bette Westera, Henriëtte Boerendans (ill.)

Vanaf hier kun je de hele wereld zien

Enne Koens, Maartje Kuiper (ill.)

Victorine

Jet van Overeem, Annemarie van Haeringen (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri