Vertaald proza

Emma Donoghue: Lichtekooi

door Kris van Zeghbroeck

Vrouwen op zoek naar geluk

De recent vertaalde romans van de Ierse Emma Donoghue en van de Brit Patrick McGrath hebben allebei de Britse achttiende eeuw als achtergrond. Het hoofdpersonage van de ene is geboren in Londen, dat van de andere in het landelijke Cornwall. Stad en platteland zijn ook de sleutelbegrippen om de opzienbarende sociale veranderingen van die tijd te begrijpen.

Emma Donoghue koos er bewust voor om met Lichtekooi het typische 18de-eeuwse levensverhaal om te keren. Zij laat Mary Saunders van de stad naar het platteland verhuizen, terwijl McGrath met Martha Peake het klassieke spoor naar de stad volgt. Uiteindelijk belandt Martha in de Nieuwe Wereld, waar ze een rol speelt in de Amerikaanse revolutie. Wat in beide boeken onstuitbaar bovendrijft, is de drang om zich te verbeteren op intellectueel of financieel vlak. Het is niet voor niets dat de Amerikaanse grondwet het zoeken naar geluk als een van de fundamentele mensenrechten opneemt.

Het lukken of mislukken van zo'n ,,sociale promotie'' ligt aan de basis van de 18de-eeuwse literatuur van Defoe, Richardson en Fielding. De statische klassemaatschappij begint barsten te vertonen onder druk van de opkomende burgerij. Mannen konden hun geluk beproeven in de grootstad of de kolonies, terwijl vrouwen vooral aangewezen waren op een goede partij als echtgenote, maîtresse of courtisane. Wie er niet in slaagde een gefortuneerde heer aan de haak te slaan, werd dienstmeid of lichtekooi. De vooruitzichten van de 18de-eeuwse vrouw waren dan ook doorgaans weinig rooskleurig. Het turbulente leven van Daniel Defoes Moll Flanders kan daarvan getuigen. Maar zelfs zij verwerft uiteindelijk haar plaats in de nieuwe, rijke en zelfbewuste middenklasse. Een genoegen dat Mary en Martha in hun tragische levensloop nooit echt mochten proeven.

Grauwe ellende omringt de dertienjarige Mary Saunders in Emma Donoghues Lichtekooi. Ze deelt een duistere kelderwoning met haar slonzige moeder en steenkool sjouwende stiefvader. Haar hele leven wordt getekend door schakeringen van grijs, van haar grijsbruine kledij tot het wansmakelijke eten toe. Toch mag ze zich gelukkig prijzen; vele andere leeftijdsgenoten hebben nauwelijks kleren of eten. Haar belangrijkste bezit is haar deugd en een betrekking als dienstmeisje of naaister is het beste waarop ze mag hopen.

Maar Mary heeft haar blik op hogere dingen gericht. Het klaprozenrode lint gevlochten door de zilverwitte haren van de jonge prostituee Doll Higgins steekt haar de ogen uit. Mary's drang naar kleur in haar leven maakt dat ze zich ongewild door een oude marktkramer laat ontmaagden. Een hoge prijs voor een rood lint dat achteraf ordinair bruin blijkt te zijn. Wanneer haar moeder ontdekt dat ze zwanger is, wordt Mary prompt aan de deur gezet. Het is Doll Higgins die haar uit de goot haalt en onderdak geeft in de beruchte misdaadbuurt Rookery. Zij introduceert haar in de prostitutie. Voor Mary opent zich een wereld van kleurige kledij en onverhoopte luxe, die haar sterken in de gedachte vooruit te komen in de wereld.

Zo evolueert ze van een timide meisje naar een zelfverzekerde lichtekooi. Mary wordt echter zwaar ziek en Doll dwingt haar een toevlucht te zoeken in een instelling voor ex-prostituees. Daar leert ze naaien als geen ander, maar de grijze omgeving verstikt haar en ze besluit naar Doll terug te keren. Die is intussen overleden en Mary raakt slaags met de huisbazin over Dolls uitstaande schulden, zodat ze Londen halsoverkop moet verlaten. Ze trekt naar het aan Wales grenzende Monmouth, de geboorteplaats van haar ouders, die tevergeefs hadden geprobeerd het in Londen te maken. Wie het intussen wel gemaakt heeft, is Jane Jones, de jeugdvriendin van haar moeder. Ze maakt luxueuze kleding voor dames van de hogere klasse. Mary, die een verhaal opdist over een overleden moeder, wordt met open armen onthaald. Ze maakt zich algauw onvervangbaar als naaister van exclusieve stoffen. Maar 's nachts leidt ze een dubbelleven als prostituee achter de herberg van de plaatselijke predikant, die als pooier optreedt. Tot Jane Mary's zuurverdiende centen in beslag neemt en in de collectebus van de predikant propt, in de veronderstelling dat ze ze onrechtmatig verworven heeft. Dan knapt er iets bij Mary. Overtuigd van haar gelijk eigent ze zich de spaarpot van haar meesteres en de beste japon uit het atelier toe. Jane betrapt haar en het komt tot een schermutseling, waarbij Mary er met een hakmes op los slaat. Als 16-jarige wordt ze tot de strop veroordeeld.

Lichtekooi doet denken aan Alias Grace van Margaret Atwood. In beide romans wordt een historisch personage op haar zestiende voor moord veroordeeld. Alleen maakte Atwood gebruik van de beruchte Grace Marks uit het 19de-eeuwse Canada. Van Mary Saunders zijn er daarentegen maar weinig historische bronnen overgeleverd. Om de fictieve inkleuring van het levensverhaal overtuigend te brengen, maakte Donoghue gebruik van historische gegevens. Via haar personage exploreert ze zo de processen die mee aan de grondslag lagen van verscheidene 18de-eeuwse revoluties. Ze levert dan ook een overtuigende en sterk gedocumenteerde historische roman af. In de ,,Verantwoording'' achteraan wordt die hang naar historische ,,waarheid'' extra benadrukt.

Anders is het gesteld met Martha Peake van Patrick McGrath, die bekend staat om zijn onbetrouwbare vertellers. ,,Waarheid'' wordt hier een relatief gegeven. Chroniqueur van dienst is de 19de-eeuwse Ambrose, die als enige erfgenaam van zijn stokoude oom uitgenodigd wordt op Drogo Hall. Oom Williams einde is nabij en voor hij sterft, wil hij zijn neef het verhaal vertellen van ene Harry Peake en zijn dochter Martha. Harry is een bastaard uit Cornwall, die rond 1730 geboren wordt. Hij groeit op tot visser en verovert het hart van de mooie Grace Foy. Op zijn achttiende verwekt Harry zijn eerste kind, Martha. Hij verdient de kost met smokkelen, maar lijdt onder zware depressies en begint te drinken. Drank is er de oorzaak van dat op een nacht zijn huis in vlammen opgaat.

Een smokkelvoorraad rum ontploft, Grace komt om in de vlammen en Harry wordt door een balk in de rug getroffen. Zijn gebroken lichaam wordt gespalkt in een (doods)kist, waaruit hij na enkele maanden als een combinatie van Frankenstein en Quasimodo verrijst. Om aan zijn schande te ontsnappen, vlucht hij met Martha naar Londen. Daar ontplooit hij zijn poëtische en intellectuele talenten, maar om te overleven moet hij als een circusattractie optreden. Zijn gekronkelde, als een bergketen vervormde ruggengraat met transparante pieken lokt vele kijklustigen. Op een avond wonen de beroemde chirurg Lord Drogo en zijn jonge assistent William (de latere ,,oom William'') de voorstelling bij. Aan Lord Drogo vertelt Harry dat hij misvormd is van bij zijn geboorte. De hardvochtige Lord Drogo zou geïnteresseerd zijn in Harry's skelet om zijn rariteitenkabinet uit te breiden. Herleid tot zijn gebochelde stigma verliest Harry zijn gevoel voor eigenwaarde. Hij begint weer stevig te drinken en gedraagt zich gewelddadig tegenover Martha. Die voelt zich bedreigd en zoekt de bescherming van William in Drogo Hall. Een haast waanzinnige Harry verkoopt zijn botten aan Lord Drogo in ruil voor gin en zwerft 's nachts rond het landhuis op zoek naar Martha. Op een nacht zoekt zij hem op op het plaatselijke kerkhof en wordt door hem verkracht. Martha vlucht naar familie in Amerika.

Tot nu toe werd het relaas van oom William enkel bijgestuurd en gekleurd door Ambroses romantische verbeelding. Maar nu de feiten van Martha's wedervaren in Amerika herleid worden tot een pakje verpulverde, haast onleesbare brieven, neemt Ambrose het verhaal volledig in handen. Als kind van Engels-Amerikaanse ouders is hij de onafhankelijkheid genegen en schrijft het verhaal in die teneur. De verzwakte oom William krijgt de rol van toehoorder en sporadische commentator. En zo trouwt Martha met haar welgestelde neef Adam, baart een kind met de ruggengraat van haar vader en wordt de heldin van de Amerikaanse revolutie. Tijdens een Engelse aanval verwondt ze een Engelse officier en wordt zelf neergekogeld. Haar beeltenis houdt het vuur van de revolutie brandende.

Voor Patrick McGrath is geschiedenis een vorm van zwarte kunst waarin waarheden tot leugens verworden en omgekeerd. Blijkt dat Martha's wanhoopsdaad ingegeven werd door haar besef dat ze de kolonialen aan de Engelsen verraden had. Om nog te zwijgen over Harry's leugen over zijn genetische vervorming die zich in Martha's kind bevestigt. Ambroses overtuiging dat Harry in het rariteitenkabinet van de sinistere Lord Drogo verzeilde, wordt ten slotte helemaal ontkracht.

McGrath schreef een historische roman die de geschiedenis manipuleert. Zijn gebruik van de ,,gothic novel'' als sfeerelement sluit daarbij aan. Met deze geschiedkundige excursie parodieert hij de roots van zijn als ,,new gothic'' bestempeld oeuvre.

Emma Donoghue: Lichtekooi, Atlas Amsterdam, 2001, 400 p. ISBN 9045004712. Vertaling van Slammerkin door Rob van der Veer

Patrick McGrath: Martha Peake. Prometheus Amsterdam, 2001, 352 p. ISBN 9053339884. Vertaling van Martha Peake door Ton Heuvelmans

Eerder verschenen in De Standaard der Letteren 02.08.2001

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2021

2050. Gedichten

Peter Verhelst

Het bekroonde proza van Jesmyn Ward

Black Lives Matter

Het huis van de dichter

Herman Leenders

Het leven van de geest

Hannah Arendt

Stemvorken

A.F.Th. van der Heijden

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2021

Brons / Onder de golven

Linda Dielemans, Sanne te Loo (ill), Djenné Fila (ill.)

De nacht van Ronke

Jef Aerts, Marit Törnqvist (ill.)

De roos uit het beton

Angie Thomas

Groot Biegel sprookjesboek

Paul Biegel, Charlotte Dematons (ill.)

Zonder titel

Erna Sassen, Martijn van der Linden (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri