Nederlands proza

BOEKEN NR. 8, SEPTEMBER 2020

Manon Uphoff: Begeerte

door Jooris van Hulle

Vijfentwintig jaar geleden debuteerde Manon Uphoff met de verhalenbundel Begeerte. In haar voorwoord bij deze nieuwe editie (de zevende druk) schrijft ze:    
‘Ik wilde werelden beschrijven waarin meisjes mensen waren. […] Ik wilde vrouwen als vertellers. Maar ook als participerenden, als deelnemers. En als beschouwers.’  
 
De ‘begeerte’ uit de titel  krijgt in de tien verhalen uit de bundel een meerduidige betekenis. In ‘Poep’, het slotverhaal uit de bundel maar ook het eerste verhaal van Uphoff dat in een tijdschrift verscheen, gaat het over blinde bezitsdrang: een man raakt zo gefascineerd door de supervilla waarin een vrouw in haar eentje woont, dat hij bereid is de twee drollen die haar honden hebben achtergelaten, op te eten. De vrouw heeft hem immers beloofd dat hij het huis mag hebben als hij tot deze in wezen vernederende daad wil overgaan. Net op tijd beseft ze dat ze haar chique villa zal kwijtspelen en ze besluit dan maar de tweede drol zelf op te eten.  
 
Een ontluisterend verhaal, verrassend qua invalshoek, maar evengoed veelzeggend in de manier waarop geschetst wordt hoe ver hebzucht iemand kan drijven. Het titelverhaal zet grotendeels de toon die ook in de erop volgende verhalen de sfeer en de ontwikkeling van de plot erin zal bepalen. Een vijftienjarig meisje wordt door een man die ze verder van haar noch pluimen kent, ontmaagd. Agressie, een zekere vorm van geweld is nooit veraf, maar het meisje weet (of is het een vorm van zelftroost?): ‘ik heb in ieder geval gevochten’.  
 
Ook in een verhaal als ‘Palingen en preken’ (over de zwakzinnige broer van de ik-vertelster), of ‘Brand’ (weer een ik-verhaal, dit keer over de zus van de ik, die wordt geterroriseerd door een geweldenaar) gaat het er allerminst harmonieus aan toe. ‘Vlees’, een van de meest geslaagde verhalen uit de  bundel, laat zien hoe een meisje zich afsluit van de consumptie van vlees en ondertussen in een broeierige sfeer haar eigen seksualiteit ontdekt. Betekenisvol hier is de bedenking die Uphoff haar personage in de mond legt: ‘Een mens wordt in zijn leven vele malen verraden door het lichaam.’  
 
Begeerte en het vaak oningevuld blijvend verlangen eraan tegemoet te komen: daarover gaat het in essentie in deze verhalen. In ‘De Lotus’ raakt een Japanse man in de ban van de aantrekkingskracht die uitgaat van een ogenschijnlijk onbereikbare schoonheid, maar wordt er finaal door de vrouw van een van zijn collega’s op gewezen dat zij een travestiet is. Aftakeling die naar een pijnlijk slot leidt staat centraal in ‘Blikman en Sartorius’: de branie van wildjager Sartorius kalft steeds verder af, het is preparateur Blikman (hij is specialist geworden in het opzetten van dieren) die hem finaal uit zijn lijden zal moeten verlossen. Hier toont Manon Uphoff hoe nadrukkelijk zij zich kan inleven in de innerlijke drijfveren van haar personages.  
 
In haar voorwoord houdt zij haar debuut tegen het licht van de ontwikkeling die ze als schrijfster heeft doorgemaakt: ‘Kon ik toen vermoeden dat dit op een dag, bijna vijfentwintig jaar later, zou leiden tot Vallen is als vliegen, de ultieme uitbarsting van de vulkaan?’ Zo wordt van debuut tot de succesroman Vallen is als vliegen (Querido 2020) de cirkel rond gemaakt.
 
Manon Uphoff: Begeerte, Amsterdam, Querido, Amsterdam 2020, 168 p. ISBN  9789021422862. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 5, MEI 2021

De gast uit het Rifgebergte

Khalid Mourigh

De hemelproef

Olli Jalonen

Dingen die je meeneemt op reis

Aroa Moreno Durán

Kraaien in het paradijs

Ellen de Bruin

Oude afdekkerij

Wolfgang Hilbig

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 5, MEI 2021

De eik was hier

Bibi Dumon Tak, Marije Tolman (ill.)

Fruitvliegje

Geert Vervaeke

Misschien…

Chris Haughton

Noem me Nathan

Catherine Castro, Quentin Zuttion (ill.)

Witje

Paul de Moor, Kaatje Vermeire (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri