Poëzie

BOEKEN NR. 10, NOVEMBER 2020

Peter Holvoet-Hanssen: De wolkendragers

door Dirk De Geest

Met De wolkendragers bouwt Peter Holvoet-Hanssen weer verder aan zijn poëtische monument, een oeuvre dat allereerst een ode wil zijn aan de poëzie zelf. Holvoet-Hanssen is immers niet alleen een getalenteerd dichter, hij is ook een passioneel pleitbezorger van de poëzie zelf. Hij kan als geen ander de verdediging opnemen van het kwetsbare woord, dat net door die kwetsbaarheid (wars van slogans of apodictisch geponeerde zekerheden) unieke mogelijkheden geeft aan zowel de schrijver als de lezer. Poëzie is in zijn ogen een avontuur, een odyssee die vele jaren geleden is gestart maar waarvan het eindpunt nog steeds niet in zicht lijkt. De dichter neemt daarbij de gedaante aan van een vervaarlijke piraat of een moedige zeeman, personages die vooral zijn drang naar vrijheid en naar het oneindige beklemtonen.   

De jongste jaren is daar het verhaal bijgekomen van de reus Goleman die de mensheid bedreigt. De golem-man staat daarbij symbool voor alle denkbare bedreigingen, van de onderdrukking en de autoritaire dictator tot de vernietiger van het landschap en de omgeving of de bedreiging van de kinderlijke creativiteit. In de vorige bundels won de Goleman duidelijk aan kracht, maar tegelijk werd ook het poëtische verzet steeds krachtiger, met een dichter die daarbij zijn toevlucht zocht bij het muzikale, het associatieve en het beeldrijke. De echo’s van met name het late werk van Paul van Ostaijen waren daarbij niet ver weg. Ook in de nieuwe bundel hanteert Holvoet-Hanssen virtuoos de taal, met een haast feilloos gevoel voor klank en ritme: veel van de hier verzamelde gedichten hebben zelfs een zeker hypnotiserend effect.
 
Toch zou het misleidend zijn om deze bundel ‘pure poëzie’ te noemen, want de dichter ziet zichzelf duidelijk als een soort van hedendaagse missionaris: in dienst van de taal, maar ook en zelfs vooral in dienst van mensen en van de mensheid. Het is een feit dat het stadsdichterschap van Antwerpen, dat Holvoet-Hanssen een aantal jaren geleden op onnavolgbare wijze vervulde, aan zijn poëtische roeping een sterk sociaal karakter heeft gegeven. De dichter wil een soort van collectief tot stand brengen, rond en via de poëzie. Daarbij wil hij van zoveel mogelijk mensen ook actief dichters maken.  
 
In deze bundel bereikt dat streven een (voorlopig) hoogtepunt. Heel wat gedichten zijn immers nadrukkelijk samen geschreven, met een bijdrage van collega-dichters maar vooral met kwetsbare personen: leerlingen van scholen of psychiatrische patiënten met wie Holvoet-Hanssen heeft samengewerkt in workshops of bij optredens. Op die manier vertaalt hij als het ware de gedachte van een collectief gedragen dichterschap, ook al is de toon (en de eindredactie) duidelijk die van de gerenommeerde dichter. De thema’s zijn even wisselend als de beelden, maar enkele zaken keren regelmatig terug. Allereerst is er de drang naar vrijheid en ongebondenheid, die hier wordt gesymboliseerd door de wolken. Het dichterlijke ik beweegt zich kinderlijk dynamisch boven en onder de wolken, vliegend of op een soort van luchtschip (om de watermetafoor van de kaperkapitein te behouden). Die vrijheid verandert ook het perspectief: het kleine en kleinburgerlijke maakt plaats voor de oneindigheid. Dat vitalisme wordt echter gecounterd door het thema van de dood en het afscheid, dat eveneens wordt verbeeld als een reis. Hier komt de melancholische zijde van de dichter naar boven en moet de poëzie door haar muzikaliteit een soort van loutering of op zijn minst aanvaarding bewerkstelligen. Het rouwgedicht wordt in deze bundel tot een hoogtepunt geschreven.  
 
Aan het eind van de bundel is Goleman de stad genaderd, maar het lijkt alsof het kleine legertje van stemmen dat door Holvoet-Hanssen in deze mooie (maar soms nogal overdadige) bundel is bij elkaar gebracht tegen zijn utilitaire kijk is opgewassen. Hoe dan ook is deze episode eens te meer een schitterende prelude op wat nog komen gaat.  
 
Peter Holvoet-Hanssen: De wolkendragers, Polis, Antwerpen 2020, 100 p. : ill. ISBN 9789463100953. Distributie Pelckmans Uitgevers

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Baksteen

Femke Vindevogel

Brandingen

Paul Verrept

de Lach van de Sfinx

Frans Kuipers

Onder buren

Juli Zeh

Ons deel van de nacht

Mariana Enriquez

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2021

Een leven vol kleur. Alles is kunst, als je maar goed kijkt

Cara Manes, Fatinha Ramos (ill.)

Ik wil een hond (en het maakt niet uit welke)

Kitty Crowther

Ik wil een wiegje worden zei de wilg

Bette Westera, Henriëtte Boerendans (ill.)

Vanaf hier kun je de hele wereld zien

Enne Koens, Maartje Kuiper (ill.)

Victorine

Jet van Overeem, Annemarie van Haeringen (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri