Vertaald proza

BOEKEN NR. 3, MAART 2021

Rune Christiansen: De eenzaamheid in het leven van Lydia Erneman

door Jen de Groeve

Geluk en verdriet in een uitgelaten balans

Lydia Erneman, opgegroeid op een boerderij in het Noord-Zweedse Krokum, gaat in Uppsala aan de landbouwuniversiteit studeren. Haar vader had nochtans gehoopt dat ze de boerderij van hem zou overnemen, dat ze zijn levenswerk zou voortzetten. Ze wil echter, de Fins-Zweedse dichteres Edith Södergran indachtig – van wie de quote ‘Leef ver van huis en wees gelukkig’ als motto is opgenomen –, aan de benauwing van het ouderlijk huis ontsnappen. Lydia doet het uitstekend in haar studie, gaat niet te vaak uit, heeft af en toe wel een avontuurtje maar bindt zich niet. Ze staat ontspannen in een leven zonder hoogtes of laagtes:

‘Als single was ze niet rusteloos of bezorgd. Het gebeurde wel vaker dat ze dacht dat ze het goed had.’

Die ‘onvermoeibare gloed werd haar identiteit’. Ze verhuist naar Noorwegen om er te gaan werken in een privédierenkliniek. Haar beroepsleven wordt gekenmerkt door standvastigheid; ze doet wat ze kan om dieren te helpen, houdt zich daarbij niet aan vaste werkuren en gaat als dat nodig is tegen de wens van de eigenaar in om een dier leed te besparen. Op haar vrije dagen maakt ze natuurwandelingen, studeert ze en vaak luistert ze ’s avonds ‘aandachtig naar het onophoudelijke geritsel van de tuin’.

Ze besluit op een dag haar ouders te gaan opzoeken. Ze hebben haar niet uitgenodigd, niets lokt haar terug naar Zweden, maar ze gaat. Haar moeder blijkt stervensziek te zijn. Er wordt weinig gesproken en niets gezegd, maar haar vaders nauwelijks verholen verwijten hangen in de lucht. Hoe moet het met hem, in zijn zelf gezochte afzondering, als Dagmar er niet meer is? ‘Zijn gezicht straalde van een vertwijfelde en bleke armoede.’ Na de begrafenis gaat Lydia terug naar Noorwegen. ‘Toen ze de deur achter zich dichtdeed meende ze een koude, hoekige echo te horen.’

Nu haar moeder, die ze nog regelmatig in haar dromen tegenkomt, dood is, gaat bij Lydia de moeilijke, afstandelijke relatie met haar vader steeds meer doorwegen. Ze weet dat Dagmars dood hem als het ware uitholt. Misschien moet ze hem bellen? Hoewel, wat heeft het voor zin, wat valt er te zeggen? Hij vraagt immers niet om vertrouwelijkheid. Lydia denkt soms

‘dat het strenge stilzwijgen van haar vader bij hen allebei de nieuwsgierigheid beteugelde, want er schuilde een duidelijk verzoek in zo’n stilzwijgen, het was een soort afleidingsmanoeuvre dat nog het meest deed denken aan vergetelheid of onachtzaamheid.’

Het overkomt mij niet vaak dat ik een boek uitlees, het vrijwel onmiddellijk weer oppak en herbegin te lezen met dezelfde intensiteit en toenemende verwachting als de eerste keer. De eenzaamheid van Lydia Erneman is nochtans een verhaal met erg dagelijkse gebeurtenissen, waarin weinig zichtbaar beweegt. Alles wat gebeurt, zit ingekapseld in een onbestemde sfeer waarin goedmoedige tevredenheid en onuitgesproken weemoed zeldzaam harmonieus samengaan. De enigszins donkere ondertoon komt gaandeweg het verhaal vaker naar boven, maar dat brengt Lydia geen echt verdriet. Ze gedijt in haar paradoxale leven waar geluk en verdriet een ‘uitgelaten’ balans vormen. Ze koestert de weemoed en het lichte duister zonder dat zij er grip op krijgt:

‘Hoe wist je zeker waar je iets vandaan had? Hoe wist je dat iets uit jezelf kwam? Ze bedacht dat ze zo’n reiziger was die altijd weer iets belangrijks thuis was vergeten.’

De dubbelheid bekruipt je als lezer gaandeweg steeds meer en je raakt dat gevoel niet meer kwijt. Dat wil je eigenlijk ook niet, want het intrigeert wat Christiansens heldere, poëtische taal in beweging zet. Zijn sober elegante zinnen hebben kracht, drijven je voort in de lectuur. Licht van toon, zacht en delicaat wekken ze je waakzaamheid voor wat haast onmerkbaar onder de grote hoeveelheid details van alledag in een leven schuilt.

Van Rune Christiansen zijn er in het Nederlands nog maar twee romans. Naast De eenzaamheid van Lydia Erneman verscheen bij Oevers in 2019 ook Fanny en het mysterie in het treurende bos, maar in Noorwegen is hij al sinds de jaren 1980 bekend als een baanbrekend dichter. De eenzaamheid van Lydia Erneman zorgde voor zijn doorbraak als proza-auteur. Hij kreeg er de Brageprijs voor, een van ’s lands belangrijkste boekenprijzen en het boek werd een bestseller.

Laten we hopen dat de zorgvuldige, sensitieve Nederlandse vertaling van Michiel Vanhee en Sofie Maertens dat terechte succes een stukje verder kan dragen. Het is een boek om lang te koesteren, ook al vanwege de stijlvolle uitvoering met op de cover een fascinerend schilderij van Barbara Guldenaar.

Rune Christiansen: De eenzaamheid van Lydia Erneman, Oevers, Zaandam 2020, 214 p. ISBN 9789492068453. Vertaling van Ensomheten i Lydia Ernemans liv door Michiel Vanhee en Sofie Maertens. Distributie Elkedag Boeken 

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 5, MEI 2021

De gast uit het Rifgebergte

Khalid Mourigh

De hemelproef

Olli Jalonen

Dingen die je meeneemt op reis

Aroa Moreno Durán

Kraaien in het paradijs

Ellen de Bruin

Oude afdekkerij

Wolfgang Hilbig

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 5, MEI 2021

De eik was hier

Bibi Dumon Tak, Marije Tolman (ill.)

Fruitvliegje

Geert Vervaeke

Misschien…

Chris Haughton

Noem me Nathan

Catherine Castro, Quentin Zuttion (ill.)

Witje

Paul de Moor, Kaatje Vermeire (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri