Nederlands proza

BOEKEN NR. 6, JUNI 2021

Harrie Lemmens: Licht op Lissabon. Stadsverhalen

door Elisabeth Francet

Hoe vang je de ziel van een stad? Welke kleur geef je haar geschiedenis? Hoe schilder je het leven op die plek? In Licht op Lissabon is elke bladzijde doordrongen van de diepe genegenheid van schrijver en vertaler Harrie Lemmens  (geb. 1953) voor de stad waar hij van 1985 tot 1988 woonde, samen met fotografe en vertaalster Ana Carvalho. In acht 'lijnen of bewegingen' geeft Lemmens gestalte aan een metropool met talrijke gezichten en toont wat er achter de gevels schuilgaat: levens en verhalen. Gefragmenteerde geschiedenis, verweven met anekdotes en vele draden literatuur: de schrijver vergelijkt zijn aanpak met een 'snoer van kralen', door de lezer zelf aaneen te rijgen. Licht op Lissabon is immers niet systematisch, wel associatief opgebouwd. Door voortdurend te schakelen tussen heden en verleden, fictie en werkelijkheid, droom en daad, maakt Lemmens je deelgenoot van de dingen waardoor je een stad werkelijk leert kennen. Min of meer zoals je een doordeweekse dag in je eigen woonplaats zou beleven.  

Harrie en Ana wonen aan een klein parkje in een levendige, oude volkswijk nabij Ponte 25 de Abril. Via het gekkenhuis waar de schrijver António Lobo Antunes na zijn lange militaire diensttijd en de hel van de koloniale oorlog in Angola, als psychiater werkte, lopen ze naar het imposante plein Rossio. Om de immere lijdensweg van het verkeer te ontvluchten, zijn patio's, parken en pastelarias welkome rustpunten op hun pad. In de nauwe, kronkelende, soms erg steile straatjes waait hen de pregnante geur van gezouten bacalhau tegemoet. In de koffiehuizen doen de namen van Lissabonse taartjes watertanden. Pastéis de nata, bolos de abóbora, nones de Cascais: Lissabon is een paradijs voor zoetekauwen.
 
Lissabon is gebouwd op zeven heuvels en begint en eindigt bij de imposante Taag, de levensader van de stad. In deze 'stad van lagen, van perioden die over elkaar schuiven', is de trots van de Portugezen op hun verleden alom zichtbaar. Lemmens gidst de lezer door Lissabons roemrijke geschiedenis. In de wijk Belém kan je niet naast de uittocht van Vasco da Gama (1497) kijken (bombastisch bezongen door Luís de Camões in zijn epos De Lusiaden – Veen 2012). Sporen van de weelde en de grandeur van de zestiende-eeuwse stad in volle bloei zijn er legio. Lemmens belicht ook de keerzijde: slavernij, inquisitie, kolonialisme, pogroms. In 1755 werden grote delen van de stad verwoest door een aardbeving, gevolgd door enkele vloedgolven en een vuurzee. Er vielen meer dan zestigduizend doden. Europa was verbijsterd en de ramp inspireerde Voltaire tot een vlammende aanklacht tegen God. In een mum van tijd bouwde de markies van Pombal uit de ruïnes een hypermoderne verlichtingsstad op, een en al structuur. En jawel: vanaf het midden van de rotonde aan de Avenida da Liberdade blikt de achttiende-eeuwse despoot nog steeds trots neer op de Baixa met zijn strakke stratenpatroon. In de verte, blauw, de Taag.
 
Onder het bewind van Salazar (1932-1968) waren politieke partijen in Portugal verboden. 'Alles regelen' en 'geluk in eenvoud en bescheidenheid' waren de basisgedachten van Salazars ideologie. 'Het volk doet zijn plicht […] en de rest houdt zijn mond.' Terwijl vandaag nagenoeg de helft van de mensen in dit land onder de armoedegrens leeft, was onder Salazar de gezondheidszorg goed geregeld; de huren waren laag en er was vermaak en ontspanning voor de arbeiders. De geweldloze Anjerrevolutie, geïnitieerd door het leger, maakte in 1974 een eind aan het autoritaire regime van de door Salazar ontworpen Estado Novo (Nieuwe Staat).
 
Lemmens is een begeesterende gids. Geregeld houdt hij halt om een vermakelijke anekdote te vertellen, een fragment uit een literair werk op te dissen of een citaat aan te halen, telkens in een geraffineerd samenspel van vroeger en nu, werkelijkheid en verbeelding. Ook verhaalt hij boeiend over zijn veroveringstocht als vertaler. Royaal put hij uit een kist vol brieven en herinneringen aan ontmoetingen en gesprekken met Portugeestalige schrijvers en dichters, wier werk hij voor het Nederlandstalige publiek ontsloot. 'De literatuur van een land wordt gemaakt door schrijvers, de wereldliteratuur door vertalers', zei José Saramago ooit.
 
Wat niet allemaal een plaats krijgt in de stadsverhalen! Neem nu de typische manier van wandelen van oudere Portugezen: 'je zet twee stappen, blijft staan, gebaart, legt je hand op de schouder van je gesprekspartner, kuiert verder, analyseert en geeft commentaar op het leven'. Maar ook: voetbal, mega-winkelcentra, begraafplaatsen, liefdadigheidsinstellingen, stierenvechten, boekhandels, obscure musea, kloostergangen, mozaïekkunst, het gekakel in universiteitsmensa, sardientjes op de kermis, apocalyptische onweders, de rusteloze ziel van Pessoa en als kers op de taart: saudade, want Lissabon, dat is ook 'in de regen wachten op de bus' en de blinde bedelaar in de metro, die telkens dezelfde klaagzang aanheft, begeleid door een ritmisch tikken van zijn stok. 'Goedaardige gekken' die sprekend op Quasimodo lijken zijn terugkerende figuren in de stadsverhalen. Zij kleuren het straatbeeld.
 
Het olho da alma of 'zielenoog' van de Portugees 'ziet in wat is tevens wat was en wat komt, in een continue buiteling van gevoelens'. 'In Lissabon zie je, voel je, ruik je het verleden', alsof dat verleden een bepaald verlangen in stand moet houden. En steeds weer komt de Taag in beeld, 'de rivier die de grens vormde van Pessoa's stadslandschap en tegelijkertijd de opening biedt tot een verte die slechts in dromen werkelijk bestaat.'
 
Volgens de dichter Rui Cóias bestaat het Lissabon waarin je Pessoa nog kon 'voelen' niet meer. Hij zag de stad veranderen in een soort Disneyland, Pessoa in een merk. Saramago noemde Lissabon 'één grote zielsverhuizing', zwevend 'tussen zijn en niet meer zijn'. Gelukkig leeft literatuur in Lissabon nog steeds, mede dankzij de literatuurminnende president Marcelo Rebelo de Sousa. Zo is er de jaarlijkse 'Feira do Livro', een publieksbeurs waar schrijvers hun lezers ontmoeten en met elkaar van gedachten wisselen over literatuur. Saramago en Lobo Antunes streden er gedurig om de langste rij.
 
Licht op Lissabon is volgestouwd met namen van historische figuren, heiligen en literatoren. Het is raadzaam de flarden informatie hun eigen weg te laten gaan, nu en dan terug te bladeren, iets op te zoeken en telkens weer een andere van de vele deuren te openen waarlangs je dit boek kan betreden. Zelf naar believen het grote verhaal smeden en je eigen licht op Lissabon werpen: dat is wat Lemmens met zijn rondleiding beoogt. Hoe dan ook voert zijn ingenieuze vertelstijl je naar het kloppende hart van een stad in beweging en naar dat mooie, gloedvolle licht, treffend gevat in de bijgevoegde foto's van Ana Carvalho.
 
Harrie Lemmens: Licht op Lissabon, De Arbeiderspers, Amsterdam 2021, 408 p. : ill. ISBN 9789029528306. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 6, JUNI 2021

2050. Gedichten

Peter Verhelst

Het bekroonde proza van Jesmyn Ward

Black Lives Matter

Het huis van de dichter

Herman Leenders

Het leven van de geest

Hannah Arendt

Stemvorken

A.F.Th. van der Heijden

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 6, JUNI 2021

Brons / Onder de golven

Linda Dielemans, Sanne te Loo (ill), Djenné Fila (ill.)

De nacht van Ronke

Jef Aerts, Marit Törnqvist (ill.)

De roos uit het beton

Angie Thomas

Groot Biegel sprookjesboek

Paul Biegel, Charlotte Dematons (ill.)

Zonder titel

Erna Sassen, Martijn van der Linden (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri