Nederlands proza

BOEKEN NR. 8, OKTOBER 2021

Nescio: Natuurdagboek

door Bram Demulder

Nescio, pseudoniem van de Nederlandse zakenman J.H.F. Grönloh (1882-1961), drukte met een minuscuul oeuvre zijn aanzienlijke stempel op de Nederlandse literatuur. Het verzameld werk van de schrijver van drie novellen en enige verhalen leek in een omnibus van amper 200 pagina's te passen. Naast de boekjes De uitvreter, Titaantjes en Dichtertje en de schetsbundel Mene Tekel, liet hij echter ook nog een enorme hoeveelheid ongepubliceerd werk na. Nescio-specialiste en tekstbezorgster Lieneke Frerichs slaagde er in 1996 dan ook in zo'n 1.400 bladzijden verzameld werk bijeen te sprokkelen.  

Het Natuurdagboek, waarvan nu de zevende druk verschenen is, was daar grotendeels voor verantwoordelijk. De neerslag van de natuuruitstapjes die Nescio tussen 1946 en 1955 maakte, beslaat meer dan 500 pagina's. Het is een fragmentarisch logboek met fotografische beschrijvingen en hier en daar zelfs een beverig gekrabbeld landkaartje. 20 juni 1949. ‘Maandag omtrent 12 uur met Miep op een bank gezeten op het Kattenburgerplein. Wonderlijk.’
 
‘[Natuurdagboek] lijkt in de eerste plaats te zijn opgezet als een 'journal intime', bedoeld om in telegramstijl het geziene vast te leggen’ (Lieneke Frerichs). In de latere aantekeningen bemerkt ze ‘een meer persoonlijk en soms uitgesproken lyrisch karakter’, maar deze evolutie is niet zo duidelijk als wordt voorgesteld; het blijft worstelen doorheen, althans voor een Belg, nietszeggende namen van gehuchten, vertrektijden van bussen en geijkte uitdrukkingen die het weer beschrijven.
 
Toch verbergt het dagboek meer. De natuur is Nescio's mentale houvast. Met zijn notities, geheugensteuntjes en opsommingen doet hij halsstarrige pogingen om het vergankelijke te vereeuwigen. Herhaling is dan ook de grondstof van Nescio's verhaaluniversum. ‘Om zeven uur stond de zon nog hoog boven de zee, maakte, alweer, ik kan 't niet helpen, 't is God zelf die steeds in herhalingen vervalt, maakte alweer een lange gouden streep op 't water en scheen op onze gelaten’, schreef hij in Titaantjes (1915). In de dagboeknotities wordt die herhaling zo op de spits gedreven dat ze een mystieke dimensie krijgt. De regelmaat van de natuur zorgt voor het evenwicht van de mens.
 
Het Natuurdagboek is een schoolvoorbeeld van editietechniek, een onmisbaar werkstuk voor de Nesciostudie. Meer nog: het is een poëtische geografie van het gebied tussen Amsterdam en Hilversum, een neerslag van authentiek heimatgevoel. Maar het blijft een stapel flarden, een fragmentarische goudader van vergeten opmerkzaamheid. Als geheel schiet het literair tekort. Dit dagboek van eenvoudige avonturen, die vandaag nauwelijks nog te beleven zijn, werd dan ook zonder enige literaire pretentie geschreven. Het moet gelezen worden zoals men kleine uitstapjes in de natuur maakt. Zonder verwachting, maar alert voor het onverwachte, aandachtig voor de vonkjes van Nescio's ontwapenende stijl. Natuurdagboek is een werk dat erom smeekt gebloemleesd te worden.
 
Nescio: Natuurdagboek, Nijgh & Van Ditmar, Amsterdam 2021, 520 p. ISBN 9789038810737. Distributie L&M Books

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

De blauwe schuit

Shūgorō Yamamoto

Het lied van ooievaar en dromedaris

Anjet Daanje

Ogentroost

A.H.J. Dautzenberg

Voor wie de tijd verstrijkt

Miriam Van hee

Weerspiegeld in een waterglas

Annette Portegies

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Achter de bomen stond een leeuw

Daan Remmerts de Vries

De Pinguïnsint en andere dierenklazen

Edward van de Vendel, Saskia Halfmouw (ill.)

Het levende hoofd

Els Pelgrom, Sylvia Weve (ill.)

Ik ben hier!

Joke van Leeuwen

Wolvenweer

Simon van der Geest, Karst-Janneke Rogaar (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri