Nederlands proza

BOEKEN NR. 8, OKTOBER 2022

Peter Terrin: De gebeurtenis

door Jooris van Hulle

In een van de deelteksten waaruit De gebeurtenis van Peter Terrin is opgebouwd, heeft het personage Frouke het over bestsellers: ‘Wat me het meest aan bestsellers stoorde, was hun eindeloosheid. Hoe konden deze boeken spannend worden genoemd? Honderden pagina’s aan het lijntje worden gehouden over wie het gedaan had, af en toe maar een hapje worden gevoerd op het eind van een hoofdstuk, als was je een hond op training. Ik vond het denigrerend.’ Als er één omschrijving duidelijk maakt wat De gebeurtenis niet is, dan is het wel deze.  

Terrin staat op eenzame hoogte binnen onze Nederlandstalige literatuur door zijn eigenzinnige aanpak van de verhaalstof, door zijn loepzuivere en uitgepuurde stijl, door de manier waarop hij de lezer deelgenoot maakt aan het scheppingsproces en een beroep doet op diens verbeeldingskracht om de lijnen die subtiel worden uitgezet, tot een allesomvattend geheel te verbinden. Want hoe verbrokkeld of ogenschijnlijk losweg opgetekend, de verschillende delen die in De gebeurtenis het verhaalkader aanreiken, echoën elkaar in een soort spiegelpaleis waarin werkelijkheid en fantasie in elkaar grijpen.
 
De gebeurtenis opent met een vervreemdende scène, waarin wordt verteld hoe Juliette, de assistente van de zeven maanden eerder overleden schrijver Willem, mag deelnemen aan een wetenschappelijk experiment waarbij de hersenen van de schrijver worden geüpload om zo weer in contact met hem te kunnen treden. Even lijkt het erop dat er ook echt contact ontstaat, maar na enkele momenten blijft het stil aan Willems kant. Wel belangrijk, zeker in het licht van wat verder zal volgen, is de opmerking die Willem maakt:  
‘Je praat met mij vanuit een onderzoekscentrum, zeven maanden na mijn dood. Juliette, Juliette, je bent werkelijk, zegt hij, zonder zijn gedachte af te maken. Wat een verbeelding…’
 
Pas aan het slot van de roman zal duidelijk worden dat Juliette de postuum gepubliceerde roman van Willem vorm heeft gegeven:
 
‘Men zou vooral, net als zij, moeten kunnen horen wat hij niet zegt. Dan misschien, langzaam, zou de magie voor een buitenstaander heel even voelbaar worden. De magie van twee mensen die één worden in het woord. Een pure, onbevlekte liefde.’
 
De gebeurtenis is in de eerste plaats een roman over het zwijgen, over de stilte die zoveel meer zegt en kan zeggen over hoe mensen met elkaar omgaan en in de nadagen van hun leven  – opvallend toch hoe zowat alle personages oud zijn geworden – er blijvend op gericht zijn hun waardigheid te behouden. Treffend is in dit opzicht onder meer het ‘verhaal’ over Rita en Daniël en de manier waarop deze laatste, nu zijn vrouw met alzheimer in een zorgcentrum is opgenomen en hij haar wegens de pandemie alleen vanop afstand kan toewuiven, haar kleren aantrekt: ‘nooit zou hij dichter bij zijn vrouw kunnen komen.’
 
In de manier waarop de deelverhalen in elkaar grijpen, blijkt de beheersing van Terrin. Fictie en werkelijkheid worden voortdurend aan elkaar getoetst. Laat personages een muziektheatervoorstelling bijwonen  – de magie van het toneel –, verder zal dan blijken hoe personages ook verder in een meer verhalend deel weer hun opwachting maken. Alles heeft met alles te maken. Dat de schrijver Willem de zoveel jongere Femke bij hem laat inwonen buiten medeweten van zijn vrouw Anna wordt gespiegeld in het ‘Anna’-deel, waarin een schilder zijn geliefde Frouke in huis neemt. Dat tussen Anna en Frouke een verbond zal worden gesmeed waarbij de schilder buitenspel wordt gezet, zorgt dan weer voor een verrassende en betekenisvolle ommekeer. En laat het dan diezelfde Frouke zijn die in het muziektheaterstuk acteert hoe zij het hoofd in de gasoven stopt, het legt weer de verbanden bloot die de verhalen onderling aan elkaar linken.
 
Meteen ook wordt duidelijk hoe Peter Terrin aansluiting zoekt bij zijn literaire voorbeelden. Er is uiteraard de schrijver Willem; verbind diens naam aan die van Frederik, een van de personages die in de ik-vorm aan het woord komen, en het wordt duidelijk: Terrins mentor in het schrijverschap is Willem-Frederik Hermans, naar wie overigens nog eens wordt verwezen met de titel ‘Een pasgestoomde deken’. Het meisje dat het hoofd in de gasoven stopt: Sylvia Plath uiteraard, en er is James Salter, naar wie wordt verwezen als de auteur van drie novellen, ‘geschreven door een Amerikaan, gevechtspiloot in een vorig leven.’ Allusies op de video-installaties van David Claerbout meen ik dan weer te herkennen in de beschrijving van een bezoek aan een expositieruimte, ‘op het scherm duwde wind een boomtak op en neer, speelde met de bladeren. […] Ik luisterde naar het zoemen van de projectoren, dat de stilte van het beeld voor ons benadrukte.’ En dat Peter Terrin nu zelf ook in de fotografie een (tweede) uitweg heeft gevonden voor zijn creativiteit, mag blijken uit de aandacht voor het detail. Wandelend in de stad merkt hij op: ‘De punten van de opstaande ijzerschermen die het beton zouden wapenen, vingen roestrood het zonlicht.’
 
De gebeurtenis – welke gebeurtenis ook echt in de verhaalde feiten de titel moet verantwoorden, wordt in het ongewisse gelaten – is een roman in mozaïekvorm, waarin de beelden in hun apartheid en in hun onderlinge relatie een magistraal geheel vormen. Of, zoals Terrin het met een verwijzing naar de romanopvatting van Olga Tokarczuk aangeeft: ‘Het is onmogelijk om een consistent, rechtlijnig verloop van oorzaak-gevolg in een verhaal op te bouwen. Op zijn best is dat een benadering van onze ervaring. In de plaats daarvan is het nodig om een geheel samen te stellen uit verschillende deeltjes, die allemaal wijzen op verbondenheid. Constellatie, niet opeenvolging, draagt de waarheid in zich.’  
 
Het is die aanpak die van De gebeurtenis ook echt een literaire gebeurtenis maakt.
 
Peter Terrin: De gebeurtenis, De Bezige Bij, Amsterdam 2022, 221 p. ISBN 9789403181813. Distributie Standaard Uitgeverij

deze pagina printen of opslaan

Nieuwe recensies

BOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

De blauwe schuit

Shūgorō Yamamoto

Het lied van ooievaar en dromedaris

Anjet Daanje

Ogentroost

A.H.J. Dautzenberg

Voor wie de tijd verstrijkt

Miriam Van hee

Weerspiegeld in een waterglas

Annette Portegies

naar overzicht

JEUGDBOEKEN NR. 9, NOVEMBER 2022

Achter de bomen stond een leeuw

Daan Remmerts de Vries

De Pinguïnsint en andere dierenklazen

Edward van de Vendel, Saskia Halfmouw (ill.)

Het levende hoofd

Els Pelgrom, Sylvia Weve (ill.)

Ik ben hier!

Joke van Leeuwen

Wolvenweer

Simon van der Geest, Karst-Janneke Rogaar (ill.)

naar overzicht


ontwerp: Ann Van der Kinderen   |   programmatie: dataweb   |   © MappaLibri